Weten

Terug in Amsterdam, terug in de ijssalon. De baas vertelt: ,,De Koningsstraat was op zondag de drukste straat van Amsterdam. De joodse markt, hè. Stampvol mensen. Nooit meer teruggezien.'' Een vriend aan de gracht laat me zijn kelder zien. Op een balk staat, in haastig krijt: `Nog steeds oorlog, 6 maart 1945.'

Ik ga op bezoek bij Arie van Namen (85), advocaat in ruste, ooit een van de voorlieden van het verzet, stuwende kracht achter het illegale Vrij Nederland. ,,Ik heb er nooit een nacht slecht door geslapen'', zegt hij. ,,Mijn familie wel, al die families hebben er enorm onder geleden, maar daar werd nooit over gesproken.'' In januari 1945 werd hij verraden en opgepakt. ,,Toen heb ik hem wel flink geknepen, goeiemorgen! Vooral 's middags tussen vijf en zes. Ik hoor nog hoe Wally van Hall, de bankier van het verzet, uit de cel werd gehaald. Hij kwam niet terug. Toen wist ik het wel.''

Eind september 1943 wijdde hij als enige een apart artikel aan het verdwijnen van de laatste joden uit Amsterdam. ,,Hoe nabij de bevrijding ook komt, zeker is dat zij voor duizenden Joodse landgenoten te laat komt'', schreef hij toen. ,,Duizenden?'' vraag ik. ,,Jullie dachten niet aan tienduizenden?'' ,,Wij waren in '43 goed bij'', zegt hij na lang nadenken. ,,Maar we waren bang voor paniek. We hebben wel over vernietigingskampen geschreven, maar altijd binnenin, nooit voorop. We vermeden die publiciteit. Gek, maar waar.''

Zijn geheugen begint hem soms in de steek te laten, maar dat geeft niks. We drinken een glaasje, kijken samen naar de bomen in schemer.

    • Geert Mak