Wachten op Zeeuwse ambulance

Door het lage aantal inwoners in Zeeland worden veel medische faciliteiten te duur. Nu wordt het aantal ambulances gereduceerd, ondanks de jaarlijkse toeristeninvasie. ,,Dit gaat levens kosten'', waarschuwt de huisarts.

Langs de tweebaansweg N256 is Anja de Boer uit Zierikzee vorige maand bevallen van haar zoontje Kaj. Ze was onderweg naar het ziekenhuis in Goes – twintig kilometer verderop. Maar de persweeën kwamen zo snel dat haar man de auto vlakbij Wilhelminadorp langs de weg parkeerde en een ambulance belde. Het kind, dat door Anja's zus ter wereld werd geholpen, was de ziekenauto vóór. Moeder en kind mankeerden na de bevalling niets.

Zeeland is een van de dunstbevolkte provincies van Nederland en heeft daar onder te lijden. Er wonen gemiddeld 206 mensen per vierkante kilometer, tegen 1.167 mensen per vierkante kilometer in bijvoorbeeld Zuid-Holland. Het ziekenhuis in Zierikzee heeft sinds vorig jaar geen kraamafdeling meer omdat er te weinig bevallingen waren om rendabel te blijven. Omdat ze niet meer konden terugvallen op kraamfaciliteiten in het ziekenhuis, besloten ook de huisartsen geen bevallingen meer te begeleiden op de eilanden Schouwen-Duiveland en Noord-Beveland. Een noodsituatie als die van Anja de Boer is nog een uitzondering. Maar als het zo doorgaat met de gezondheidszorg in Zeeland, dan gaan er slachtoffers vallen, waarschuwen lokale bestuurders en artsen.

Sinds kort staat ook het ambulancevervoer onder druk. Het Centraal Orgaan Tarieven Gezondheidszorg (COTG) wil ambulancediensten vanaf volgend jaar gaan financieren op grond van de bevolkingsdichtheid van een regio. Het aantal inwoners bepaalt dan het budget. Tot nu toe declareerde een ambulancedienst de kosten van alle ritten achteraf. Door de nieuwe richtlijn zal Zeeland een paar van de veertien ambulances kwijtraken.

De provincie strekt zich uit over 2.800 vierkante kilometer en heeft maar één snelwegje, van 46 kilometer. Verder zijn er uitsluitend tweebaanswegen met veel rotondes waardoor ambulances voorzichtig moeten rijden. Juist die rurale inrichting maakt de provincie zo aantrekkelijk voor toeristen. Elke zomer bevolken ze met honderdduizenden tegelijk de smalle weggetjes, boerencampings, stranden en pittoreske dorpen. Ook zij krijgen verkeersongelukken en hartinfarcten. Alleen tellen zij niet mee in de bevolkingsberekening van het COTG.

Patiënten die met spoed naar het ziekenhuis moeten, worden nu nog meestal binnen de landelijk norm van 15 minuten opgehaald, vertelt de directeur van de Zeeuwse Centrale Post Ambulancevervoer, W. van Leersum. Althans in de winter, tijdens kantooruren. ,,In de zomer is het passen, meten en jagen met de ziekenwagens om die 15 minuten te halen.'' De ambulancediensten op Walcheren, Schouwen-Duiveland, de Bevelanden en in Zeeuws-Vlaanderen kunnen zich deze `paraatheid' eigenlijk al niet permitteren. Ze hadden hiervoor een miljoen gulden geïnvesteerd, maar kunnen dat volgens de nieuwe plannen niet meer declareren.

De Zeeuwen waren er al aan gewend dat bedrijven hen de rug toe keerden, vertelt Jannie Marteijn (64) die al haar hele leven in Kleverskerke woont, het kleinste dorp van Zeeland. Er zijn in Zeeland weinig masten voor mobiel telefoonverkeer, waardoor die verbindingen steeds uitvallen. Veel plaatsen hebben geen apotheek maar een huisarts die medicijnen verkoopt en in de hele provincie zijn nog maar twee echte bioscopen. De meeste dorpen en stadjes zijn één keer per uur te bereiken met de bus, Kleverskerke is dat helemaal niet. Nu schroeft ook de overheid wegens de lage bevolkingsdichtheid haar diensten terug.

Als het aan het COTG ligt, zullen Walcheren, de Bevelanden en Schouwen-Duiveland vanaf volgend jaar 's nachts nog maar één ambulance per eiland paraat hebben. Een tweede ambulancechaufeur zit dan thuis en kan opgeroepen worden. ,,Daardoor wordt de aanrijtijd veel langer'', klaagt ambulancechauffeur Peter ter Meulen. ,,Dan moet ik eerst in mijn eigen auto naar de standplaats rijden en overstappen in een ambulance.'' Ter Meulen is om zijn rijgedrag zowel berucht bij zijn baas als geliefd bij de patiënt: met 130 kilometer per uur jaagt hij over smalle landwegen. Maar ook hij blijkt het kustplaatsje Westkapelle met 120 kilomter per uur pas te bereiken na 17 minuten vanuit de standplaats in Vlissingen.

,,Het wordt rampzalig'', moppert huisarts J. Flach in Renesse op Schouwen-Duiveland. ,,Mijn patiënten worden nu al niet altijd opgehaald binnen vijftien minuten en daarna zijn ze nog drie kwartier onderweg naar het ziekenhuis in Goes omdat afdelingen in Zierikzee sluiten. Als er straks maar één wagen rijdt, gaat dat mensenlevens kosten.'' Slachtoffers van ernstige ongelukken of met een zware ziekte moeten 125 kilometer reizen naar het dichtstbijzijnde academisch ziekenhuis, in Rotterdam.

Op een dinsdag rond 14.30 is het stil bij de alarmcentrale in Vlissingen. Dan melden zich opeens twee spoedgevallen, binnen drie minuten. Een vrouw die voor het eerst skeelert, is tegen een hefboom geklapt en kan niet meer opstaan. En in de duinen, veertien kilometer verderop, is iemand wegens hartklachten van de fiets gevallen. Twee ambulances rukken uit, de derde ziekenauto van het eiland Walcheren vervoert op dat moment een man van het ziekenhuis naar het oud-gereformeerde bejaardentehuis Eben Haëzer. Elke wagen zal zo'n negentig minuten onderweg zijn. Nog één melding en er is anderhalf uur lang geen ambulance meer te krijgen op Walcheren. Het COTG onderkent dat zelfs in rurale gebieden op één moment twee of drie ongelukken kunnen voorkomen waardoor alle ambulances bezet zijn. Toch luidt het COTG-advies aan minister Borst (Gezondheidszorg): kies het meest efficiënte model.