De Waal legt een bom onder het poldermodel

Wat bezielt de voorzitter van de grootste vakcentrale FNV om het veelgeprezen poldermodel op te blazen? Gisteren dachten de werkgevers een antwoord op die vraag te krijgen. Vandaag weten ze het nog steeds niet.

Iedereen die zijn bekomst heeft van het containerbegrip `poldermodel' wordt deze week op zijn wenken bediend. En nog wel door FNV-voorzitter Lodewijk de Waal, één van de pijlers onder de veelbezongen samenwerking tussen vakbeweging, werkgevers en overheid. Wat De Waal betreft kan de polder en zijn model worden opgeblazen als hij zijn zin niet krijgt: de werkgeversvereniging VNO-NCW dient haar leden op te roepen tot matiging van de eigen lonen.

Of De Waal krijgt wat hij vraagt doet er voor het voortbestaan van het poldermodel eigenlijk al niet meer toe. Eén van de eigenschappen van het Hollandse overlegcircuit heet juist te zijn dat wederzijdse dreigementen achterwege blijven. Het sociaal-economisch overleg hoort met argumenten te worden gevoerd, zo vonden alle betrokken partijen tot nu toe.

`Waar is Lodewijk mee bezig?', vragen de werkgevers zich op dit moment af. Gisteren wachtten ze tevergeefs op een antwoord op die vraag. Toen kwamen werkgevers- en werknemersvertegenwoordigers samen in de Stichting van de Arbeid, voor een technisch overleg dat normaal gesproken nauwelijks aandacht krijgt. Maar de agenda werd overboord gegooid, omdat De Waal juist dit overleg had aangegrepen om de verhouding tussen de sociale partners op scherp te zetten.

En hoe. Kleptocraten was het etiket dat De Waal had verzonnen voor de zichzelf verrijkende topfunctionarissen van het bedrijfsleven. De Waal ging maandag all out. Terug naar gepolariseerde tijden van de klassenstrijd toen niemand nog van welk model dan ook had gehoord. Gebruik makend van het zwart-witte idioom dat bij de verhoudingen van toen hoorde: ,,inhalige hoge heren'' versus ,,Jan met de Pet''. Een moderne vakbondsleider die zijn betoog kracht bij zet met anachronismen; de tegenpartij, de werkgevers, kon er geen chocolade van maken.

De werkgevers zijn vooral in verwarring omdat ze dachten dat de recente storm over het verschil in loonstijging tussen de `hoge heren' en `Jan met de Pet' alweer was gaan liggen. De woorden van FNV-bonzen als Waleson en Van der Kolk werden door VNO-NCW als apaiserend ervaren ten opzichte van de hoge toon van CNV-voorzitter Terpstra. Waar de laatste dreigde met een hogere looneis voor de werknemers, pleitten Waleson en Van der Kolk juist voor matiging van de top. Zij menen (net als de werkgevers) dat de bonden met een bovenmatige looneis in hun eigen vlees snijden omdat te hoge lonen uiteindelijk schadelijk zijn voor de werkgelegenheid en de relatieve rust op de arbeidsmarkt.

De verwarring onder werkgevers werd nog vergroot door het tweede deel van het betoog van De Waal deze week. Nadat hij eerst het poldermodel dreigde op te blazen, pleitte de voorzitter van de grootste vakcentrale vervolgens in één adem voor het aanwenden van datzelfde model om een deel van het verlanglijstje van de vakbeweging voor de volgende eeuw te realiseren.

In de 21ste eeuw moeten werknemers meer ruimte krijgen voor het leven naast het werk, vindt De Waal. Werkgevers moeten zich inspannen voor meer en betere kinderopvang en de vierdaagse werkweek moet er alsnog komen. Ook goed voor de werkgevers die zo hameren op optimale bereikbaarheid, dacht De Waal, want een dag minder werken betekent 20 procent minder files.

Onder normale omstandigheden, dus zonder dreigementen, hadden de sociale partners een vergelijk over de `vierdaagse' kunnen vinden. De werkgevers zien er wel wat in, zolang op alle dagen behalve de zondag evenveel aan werknemers wordt betaald. De bonden willen met een vierdaagse werkweek weliswaar toeslagen laten bestaan voor het werken op zaterdag, maar geen van beide partijen had de deur over dit onderwerp dichtgegooid. Echter, De Waal heeft er zo'n zware hypotheek op gelegd dat enige toenadering wel heel lastig wordt.

In een soepel functionerend poldermodel zouden de sociale partners wellicht op een ruil zijn uitgekomen. Die ruil zou inhouden dat een vierdaagse werkweek met een `gewone' zaterdag wordt weggestreept tegen de belofte van VNO-NCW om directeuren en topmanagers uitdrukkelijk op te roepen tot loonmatiging. Daar voelen de werkgevers nu niets voor. Het zou hun overtuiging geweld aandoen dat deze hoger uitvallende lonen het gevolg zijn van marktverhoudingen.

Diezelfde marktverhoudingen zorgen ervoor dat de centrale dreiging van de landelijke vakcentrales wat archaïsch aandoet. De trend in het arbeidsvoorwaardenoverleg is dat dit op een steeds lager niveau plaatsvindt, omdat met decentrale onderhandelingen beter kan worden ingespeeld op per bedrijf of bedrijfstak verschillende marktomstandigheden. De vraag naar mensen is niet in elke sector even groot en de salarissen dus niet even hoog.

Die salarissen, zo is gisteren weer eens door alle partijen bevestigd, moeten zich verantwoord ontwikkelen. De werkgevers en werknemers geven aan die wat obligate conclusie niettemin een verschillende draai. Volgens de bonden gaan de werkgevers hun leden oproepen tot loonmatiging, waar VNO-NCW meent afgesproken te hebben met een tekst te zullen komen waarin iedereen wordt opgeroepen de lonen te matigen. Het deed CNV-bestuurder Rienk van Splunder verzuchten zich in een tunnel te bevinden. ,,Ik zie licht, maar ik weet niet of dat het eind van de tunnel is of een tegenligger.''