Drijfnat, maar onverstoorbaar

Tweede-Kamerleden gebruiken het reces om de banden met hun achterban aan te halen. In deel 5: Francisca Ravestein (D66).

Een stalen brug is de horizon, waarheen rijen containers op het wijde water verticaal bewegen. Plotseling verschuift het perspectief; de schipper van het containerschip heeft de brug wat laten zakken. ,,Weet je hoever je moet zakken om de brug niet te raken?'', vraagt iemand quasi-nerveus. ,,Niet precies. Ik ken het schip nog maar een paar weken'', antwoordt de man aan het stuurrad achteloos: ,,Het blijft een beetje gokken.''

Dan ontwaakt in de man die tot dan toe vooral een bescheiden reisleider was, plotseling de enthousiaste lobbyist van de binnenvaart. ,,Lage bruggen'', roept hij uit, ,,dat is een probleem voor de schepen op veel waterwegen.'' Hij heeft het woord gericht tot een blonde vrouw, die meer het middelpunt van de aandacht is dan ze lijkt te wensen. Geamuseerd houdt zij zich op de vlakte: ,,Ik krijg straks wel een boodschappenlijstje van jou, hè?''

Francisca Ravestein (46), Tweede-Kamerlid voor D66 met infrastructuur in de portefeuille, is vandaag thuisgekomen. Rotterdam is dan wel sinds jaar en dag haar woonplaats en het oud-Hollandse stadje Dordrecht het decor van het werkbezoek, maar de rivier, de schepen en de kaden verbinden deze dag met haar verleden als Rotterdams raadslid (havencommissie) en als directeur van Cruise Rotterdam. Het water is haar achterland, en daardoor zijn de mensen van de binnenvaart haar achterban. Zoals Kees de Vries, de lobbyist van de binnenvaart, ooit raadslid voor D66 in Hoogvliet en al twintig jaar een goede kennis. Zoals de vandaag eveneens aanwezige Jeroen Koedam van het Rotterdamse havenbedrijf, die goede herinneringen heeft aan het raadslid Ravestein.

De boot van Rijkswaterstaat, waar koffie met cake wordt geserveerd, entert een `mama- en papa'-boot die met kalkzand uit Maastricht komt gevaren. Een golf buiswater slaat over de boorden en de broek van de parlementariër is in één keer drijfnat. Onverstoorbaar stapt zij aan boord van het schip en trekt haar schoenen uit zoals dat in de binnenvaart gebruikelijk is. In het kleine woonschip zwelt het gezelschap als een Gulliver tot reusachtige proporties. Bij de patrijspoorten in de woonkamer spelen twee kinderen Monopoly. Een foto op het dressoir toont alle leden van het het gezin met vijf kinderen. De vrouw des huizes vraagt handenwringend: ,,Kan ik u iets aanbieden?'' Ravestein wimpelt het aanbod vriendelijk doch beslist af en begint wat vragen te stellen over het leven aan boord.

Ter lering en de vermaak worden vandaag enkele varende binnenschepen bezocht, net als het begeleidingscentrum voor de scheepvaart van Rijkswaterstaat waar op computerschermen scheepjes oplichten. Het Bureau Voorlichting Binnenvaart is de gastheer in de persoon van secretaris De Vries (,,Doe ik dit wel vaker? Veertig keer per jaar, joh''). De boodschap is dat de al zeer succesvolle binnenvaart een heel efficiënt just in time-alternatief kan zijn voor het spoor- en wegvervoer, als de regering maar 1 miljard gulden uittrekt voor het verhogen van bruggen en het uitbaggeren van ondiepe vaargeulen. Heel wat minder dan de 10 miljard gulden voor de Betuwelijn, zoals De Vries laat doorschemeren.

,,Ik herken de sfeer wel'', zegt een verkeersdeskundige van Rijkswaterstaat, die zelf een schipperskind is geweest. ,,Ik zat op de schipperschool en zag mijn ouders soms maanden achtereen niet. Tegenwoordig zijn veel kinderen in het weekeinde bij hun ouders op de boot, maar ja, de meeste schippers hebben dan ook een auto op de boot. Mijn vader had een brommertje waarmee die mij kwam halen, als ie in de buurt was, maar toen mijn broertje was geboren, werd dat ook een beetje moeilijk'', vertelt hij. En dan: ,,Mijn vader heeft altijd gezegd: `Als je kunt leren, doe het dan, want aan de wal valt meer te verdienen dan op het water.' Ik ben gaan leren.''

Francisca Ravestein is achttien jaar actief geweest in de gemeentepolitiek van Rotterdam. In 1994 probeerde zij al in de Kamer te komen, maar de 38ste plaats op de kandidatenlijst was daarvoor niet toereikend. Een voorkeursactie van D66 Rijnmond leverde haar weliswaar 2.642 voorkeursstemmen op, meer dan bijvoorbeeld de 2.146 voor Karin Adelmund, maar toch te weinig. Vorig jaar stond zij 14de op de lijst, net genoeg voor een Kamerzetel. ,,Van oudsher is D66 een beetje Amsterdams, vandaar dat de partij eindelijk wel eens iemand uit de Rijnmond wilde'', zegt Ravestein, die daarmee het eerste D66-Kamerlid uit deze regio is.

Toch is Ravestein is geen Kamerlid voor Rotterdam, wil ze maar zeggen, ook al is ze erg blij dat haar huidige portefeuille aardig aansluit op haar werk in de lokale politiek. De Rotterdammers zijn niettemin blij met haar, zo lijkt het. ,,Natuurlijk heeft ze wat afstand moeten nemen van de stad, maar het is een voordeel voor ons dat ze de haven goed kent'', meent Koedam van het havenbedrijf. Lobbyist De Vries bespeurt bij zijn partijgenoot in elk geval ,,affiniteit'' met waar hij voor staat.

Tonnen erts uit Duitsland lijken in de vier duwbakken niet meer dan kleine hoopjes aarde. Op de brug zetelt achter de stuurinrichting een kale man met enorme schouders in een haltershirtje, een joggingbroek in luipaardprint en kuntstof sandalen. Een bemanningslid verzucht: ,,Het zit erop voor mij, veertien dagen achter elkaar werken, de eerste dag 24 uur op, het is mooi geweest.'' Hij daalt af naar de mess, waar het gezelschap een man stoort bij het slurpen van zijn soep. ,,Oh, pardon'', zegt Ravestein.

Het is stil op het water, dat even tevoren is omschreven als de A16-snelweg. ,,Dat ken ik nog van vroeger'', zegt Ravestein, die zelf als lokale bestuurder ook buitenlandse gasten en Kamerleden op werkbezoek kreeg: ,,Eerst had je verteld over de dynamiek en drukte van het havenbedrijf. Dan kwam je met hoge gasten bij de overslagterminal van het grootste containerbedrijf en dan was er net even niets te doen.''