Museum verwerft verloren gewaand doek Pyke Koch

Het Centraal Museum in Utrecht heeft een enige tijd verloren gewaand doek van de magisch-realistische schilder Pyke Koch (1901-1991) verworven. Het gaat om Stilleven met vogelkooi uit 1944, dat tot nu toe alleen bekend was van een foto uit de nalatenschap van de kunstenaar.

Deze foto was opgenomen in de catalogus van 1995 bij de tentoonstelling in Museum Boijmans Van Beuningen. Het doek hing al die jaren bij een particulier in Den Haag. Deze eigenaar liet het onlangs na aan het Utrechtse museum. Aangezien Koch maar 110 schilderijen op zijn naam heeft staan, die steeds duurder zijn geworden, zullen museale aanwinsten als deze zich nog maar mondjesmaat voordoen.

Waarschijnlijk is Stilleven met vogelkooi destijds een gift geweest. In de oorlogstijd bezorgden vrienden en kennissen de – vaak zieke – kunstenaar geregeld brood, koffie, tabak en andere levensmiddelen. Als tegenprestatie gaf Koch zijn vrienden een schilderij of tekening cadeau, speciaal voor dat doel gemaakt.

De aanwinst meet 45,5 bij 68 centimeter en laat een witte tafel met vooral wit aardewerk zien, zoals een vergiet met pruimen, wat borden en een zoutvat. Dat Koch zich er ook bij deze `geschenk-doeken' niet van afmaakte, blijkt onder meer uit de gedetailleerde weergave van het nog enigszins geplooide tafellaken, van de blanke, bakstenen muur en uit de subtiele wijze waarop het bleke licht vanuit het raam over de dingen strijkt. De lege vogelkooi, die rechts uit het zicht verdwijnt, speelt nauwelijks een rol van betekenis binnen de compositie.

Alle voorwerpen op tafel zijn sober van vorm en bijna tastbaar in hun weergave. Het is diezelfde, meer dan realistische stofuitdrukking en het ochtendschemerige kleurgebruik waardoor Kochs werk vaak een kille indruk maakt. Hij transformeerde als het ware het tastbare naar het domein van het onaantastbare.

Harde lijnen, afwezigheid van textuur en een sfeer van afstandelijkheid en verlatenheid kenmerken ook het werk van tijdgenoten als Charley Toorop, Raoul Hynckes, Dick Ket en Carel Willink, die eveneens tot het magisch-realisme worden gerekend. ,,De surrealisten creëerden situaties die fysiek onmogelijk zijn'', zei Koch zelf ,,Magisch realisme daarentegen confronteert ons met situaties die mogelijk zijn, zelfs doodnormaal, maar die een element van onwaarschijnlijkheid bevatten of gewoon onwaarschijnlijk zijn. Het magisch-realisme bestaat bij gratie van dubbelzinnigheid, die tot stand wordt gebracht door elementen die onopvallend met elkaar in tegenspraak zijn.''

,,Het Stilleven met vogelkooi is een a-typisch werk in Kochs oeuvre'', aldus kunsthistoricus en Koch-deskundige Carel Blotkamp. ,,Tussen 1943 en `47 maakte hij ongeveer tien van deze mooie en zorgvuldige stillevens, die af en toe 17de-eeuws aandoen.'' Dat laatste blijkt onder meer uit de toevoeging, onderaan het doek van het latijnse `Faciebat' - `hij heeft het gemaakt', naar voorbeeld van 17de-eeuwse meesters.

,,Koch zelf liet stillevens als deze nooit op tentoonstellingen zien'', volgens Blotkamp, ,,omdat hij meer hechtte aan zijn figuurstukken en portretten''. Ook Mondriaan heeft eerder, in de jaren twintig, stillevens geschilderd om in zijn onderhoud te kunnen voorzien, ,,maar ik vind de stillevens van Koch mooier.'' Hoewel Blotkamp wist dat het doek in Haags bezit was, kende ook hij alleen de foto.

Het Centraal Museum, dat de grootste collectie schilderijen (twintig) en tekeningen (21) van Pyke Koch ter wereld bezit, is zeer verguld met de aanwinst. Volgens museumdirecteur Sjarel Ex is het werk ongeveer een half miljoen gulden waard. Vooral de afgelopen jaren kon het museum zijn Koch-bezit aanzienlijk uitbreiden, met een aankoop in 1997 van een rugby-scène (1979) en met het legaat Van der Valk-Van den Biesen in 1998, dat vijf schilderijen omvatte.

Koch was een autodidact die zich weinig om stijl bekommerde. Hoewel geboren in Beek en gestorven in Amsterdam, geldt Koch als een Utrechtse schilder, omdat hij zich juist in deze stad schilderkunstig ontwikkelde. Een reis naar Florence liet in eerder werk sporen na van de vroeg-renaissancistische schilderkunst van Andrea Mantegna en Piero della Francesca. Maar na enkele jaren keerde zijn oorspronkelijke onderwerpkeuze terug.

Voor en tijdens de oorlog sympathiseerde Koch met het nationaal-socialisme, zoals hij zelf later toegaf. Hij sloot zich aan bij de Kultuurkamer. Vooral de symboliek van het fascisme sprak hem aan en het schilderij Zelfportret met Zwarte Doek uit 1937, waarover de schilder zelf nooit iets heeft willen zeggen, zou min of meer een verwijzing zijn naar de idealen van het Mussoliaanse fascisme. Dat nam niet weg dat Willem Sandberg, oud-verzetsstrijder en toen directeur van het Stedelijk Museum in Amsterdam in 1955 Kochs werk tentoonstelde.

Overigens is de Utrechtse aanwinst pas medio oktober voor het eerst zien. De schilderijen van Pyke Koch komen dan na de ingrijpende renovatie en uitbreiding van het museum, dat alsdan onder meer over een Rietveld-vleugel beschikt, vast op zaal te hangen, naast werken van onder anderen Johannes Moesman, Charley Toorop en Carel Willink.