Het Westen moet niet al zijn kaarten op de Jeltsin-clan zetten

Ook al heeft president Jeltsin zo langzamerhand iedere geloofwaardigheid verloren, het Westen blijft hem zien als de enige garantie voor stabiliteit in Rusland. Michael Thumann vindt dat dit geen reële politiek is.

Wie gelooft er nog in het sprookje van de brave tsaar Boris die wel het goede wil, maar steeds gedwarsboomd wordt? Het Westen!

Om het sprookje tot werkelijkheid te maken hebben westerse politici Rusland eind juli een lening van 4,5 miljard dollar toegekend. Ook kreeg het uitgemergelde land gul uitstel van zijn afbetalingsverplichtingen. De Wereldbank gooide er nog eens een miljard bovenop. Dat zou de hervormingen moeten stimuleren, het bankroet van de staat verhinderen en Rusland stabiliseren. Is het heus?

Nadat alle verdragen over leningen zijn ondertekend, leest Jeltsin de ontslagbrief van premier Stepasjin voor. Een reden voor dit ontslag geeft hij niet. Logisch, want de regeringsleider heeft geen slecht werk geleverd: hij heeft ten behoeve van de leningen een façade van hervormingen opgetrokken en zich op topconferenties in het Westen een waardig vertegenwoordiger van Rusland betoond. Washington en Bonn rekenen nu, na het ontslag van Stepasjin, op ,,voortzetting van de hervormingskoers''. De Kremlin-bewoners grijnzen: die buitenlanders zijn al net zo goedgelovig als Stepasjin. Die dacht als premier echt zijn land te kunnen dienen, de economie op gang te brengen en de grenzen veiliger te maken. Wat zijn baantje eigenlijk inhield, daar had hij geen idee van: hij was aangesteld als eerste lakei van de Kremlin-familie.

In de afgelopen zeventien maanden heeft Jeltsin vijf premiers versleten. Zij waren te eerlijk, te uitgekookt, te kinderlijk, of van ál te groot politiek formaat. Maar de premiers zijn niet Ruslands eerste zorg. Op dit moment zijn Jeltsin en zijn nijvere entourage de voornaamste bron van instabiliteit in het land. Jeltsin, eens de bewierookte `hervormer', is nog slechts een karikatuur van zichzelf. De gaten worden sedert jaren door het Westen gestopt.

Wat de zelfbenoemde democraten rond Jeltsin zorgen baart, is de stem van het volk. Op 19 december kiest Rusland een nieuwe Doema, en over krap een jaar kiest het een opvolger voor de kwakkelende Jeltsin, wiens populariteit rond de drie procent schommelt. Nieuwe politieke ideeën zijn er niet. Alle toonbare kroonprinsen zijn door de jaloerse `Kremlin-familie' buitenspel gezet. Velen die ontslagen zijn, zijn naar het kamp van de tegenstander overgelopen. Daar bouwt Joeri Loezjkov, de burgemeester van Moskou, zijn verkiezingsapparaat op. Tot ongenoegen van de Kremlin-familie heeft hij meermalen aangekondigd, tegen corruptie en heimelijke privatisering te zullen optreden.

De `familie', waartoe behalve Jeltsins dochter Tatjana ook Boris Berezovski behoort, heeft derhalve een premier nodig die haar beschermt tegen rechtsvervolging en verlies van bezittingen. Vladimir Poetin, die door zijn levensloop – hij heeft als `arbeidskameraad' van de KGB nog enige jaren in de DDR gewerkt – is voor deze taak voorbestemd. In juli 1998 werd hij hoofd van de geheime dienst FSB, vijf maanden geleden bovendien secretaris van de Veiligheidsraad. Jeltsin heeft hem meteen ook als zijn opvolger aangeprezen. Poetin accepteerde de promotie op formeel-bedachtzame wijze: ,,Wij zijn militairen en voeren ieder bevel van de president uit.'' Zo'n man is precies wat de clan in het Kremlin nodig heeft, want deze clan, en dus ook het land, heeft zware maanden voor de boeg.

Het motto van Jeltsin en zijn entourage is: vertrouw niemand, controle is alles. Daarom worden instellingen en bedrijven stelselmatig onder curatele van het Kremlin gesteld. De procureur-generaal die het waagde in familieaangelegenheden te snuffelen werd door middel van video-opnamen van zijn seksuele activiteiten uit zijn ambt gewerkt. De FSB is, met een van Poetins getrouwen aan het hoofd, een verlengstuk van de kabinetstafel geworden. Het stuivertjewisselen van medewerkers is onder Jeltsin schering en inslag. De grootste elektriciteitsmonopolist, het lucratieve wapenconcern Rosvoöroezjenje en de rijke douanedienst worden door oude bekenden geleid. De strijd om het Gazprom-concern is nog niet beslecht. Uit die potjes zal de verkiezingsstrijd worden gefinancierd. Het komt goed uit dat ook het Westen flink over de brug komt.

Ook hebben de bestuurders in het Kremlin het media-imperium Most de propagandaoorlog verklaard, omdat zijn zenders eenzijdig Joeri Loezjkov steunen. Berezovski koopt intussen via stromannen de laatste serieuze kranten op, om ,,zijn standpunt hoorbaar'' te maken. Een ministerie van Informatie controleert sinds kort `ongecontroleerd' schrijvende journalisten op zedelijkheid en fatsoen. Dit alles om te verzekeren dat de `familie' op ieder gewenst moment een kandidaat voor het presidentsambt naar voren kan schuiven. Het Westen zou hem wel accepteren, maar doet het volk dat ook?

De politieke situatie in Rusland is weliswaar onoverzichtelijk, maar kan vanuit het Kremlin blijkbaar toch worden gedirigeerd. Mocht een zelfgemaakte opvolger van de president bij het volk niet aanslaan, dan zou men op een vereniging met Wit-Rusland kunnen aansturen. In de fusiechaos vallen de verkiezingen wel uit te stellen, of zou Jeltsin zelfs als opperpresident kunnen worden geïnstalleerd.

Rest nog de variant-Dagestan. Geen politieke planner in het Kremlin had iets mooiers kunnen verzinnen dan dorpen in het Russische deel van de Kaukasus door islamitische guerrillastrijders te laten bezetten. De troepen van het ministerie van Binnenlandse Zaken zijn fel de strijd aangegaan. Mocht de toestand in Dagestan `kritiek' worden, dan kan in heel Rusland de staat van beleg worden afgekondigd – een gedachte waarmee de strategen in het Kremlin al tijdens de oorlog in Tsjetsjenië speelden.

Toentertijd, voor de verkiezingen van 1996, heeft vooral Duitsland Jeltsin krachtig gesubsidieerd. In vijf maanden wisten de adviseurs van de president het gehavende imago van hun baas tegenover de kleurloze communisten stralend op te poetsen. Daaruit putten politieke beursspeculanten als Berezovski thans de overtuiging dat macht in feite neerkomt op liquide middelen, dat aanzien niets te betekenen heeft en dat de bevolking te koop is. Misschien vergissen zij zich. Iedereen ziet met eigen ogen dat de `familie' in haar optreden in Rusland alle schaamte voorbij is. Presentabele figuren van de geheime dienst sussen het Westen intussen met mooie praatjes over hervormingen in slaap.

Er is geen reden om het hele land te straffen voor zijn leiders. Uitwisselingsprogramma's voor managers, projectgebonden regionale hulp van de EU en jumelage van steden blijven dan ook zinvol. Maar het regime-Jeltsin is geen vermoeide euro meer waard.

Hetzelfde geldt voor de hervormingstoezeggingen van een presidentieel bestuur dat op zijn laatste benen loopt. De alternatieven zijn weliswaar weinig aanlokkelijk, maar door slechts één kant te blijven steunen schaadt het Westen zichzelf. Voor de stabiliteit is het van geen belang dat Jeltsins familie blijft. Van wezenlijk belang is dat een opvolger in vrije, democratische verkiezingen aan de macht komt.

Michael Thumann is correspondent in Moskou voor Die Zeit.

© 1999 Michael Thumann en Die Zeit