Rwanda en Oeganda raken slaags

In het noordoosten van Congo zijn gisteren hevige gevechten uitgebroken tussen Rwandese en Oegandese troepen die twee verschillende facties van de Congolese Rally voor Democratie (RCD) steunen.

De rebellenbeweging RCD bestrijdt al ruim een jaar de centrale regering van president Laurent Kabila, maar is inmiddels ernstig verdeeld. De vijandelijkheden hadden plaats in de stad Kisangani en gaan volgens berichten van de rebellen nog door. Hoeveel slachtoffers er zijn gevallen, is onbekend. De Congolese oorlog staat deze week hoog op de agenda van de jaarlijkse topontmoeting van de SADC, de ontwikkelingsgemeenschap van Zuidelijk Afrika.

Volgens de lezing van de Rwandese commandant bij Kisangani, Patrick Nyamvumba, begonnen de gevechten op het vliegveld van de stad, dat in handen is van de Rwandese troepen, na aankomst van een vliegtuig met Oegandese manschappen. Nyanmvumba zei dat de Oegandezen zich begonnen te verspreiden op het vliegveld en gevechtsposities innamen, waarop de Rwandezen het vuur openden. Jacques Depelchin, woordvoerder van de pro-Oegandese factie van de RCD, gaf een andere lezing: ,,De Rwandezen openden zonder waarschuwing het vuur op ons. Hun aanval werd afgeslagen, maar de strijd gaat door.'' De Oegandese president Yoweri Museveni heeft zijn Rwandese ambtgenoot Pasteur Bizimungu gevraagd om spoedberaad.

Sinds 2 augustus 1998 zijn twee rebellenbewegingen actief tegen de regering van president Kabila: de Congolese Rally voor Democratie (RCD) en de Beweging voor de Bevrijding van Congo (MLC). De MLC is vanaf het begin gesteund door buurland Oeganda, terwijl Rwanda en Oeganda samen de RCD hielpen. Maar binnen de RCD, de grootste van de twee groeperingen, ontstond begin dit jaar een scheuring toen een meerderheid van zijn militaire leiders het vertrouwen opzegde in hun voormalige voorman Ernest Wamba dia Wamba, een vertrouweling van Oeganda. Wamba dia Wamba scheidde zich hierop af en zette de guerrilla (tegen Kabila) op eigen kracht voort. Sindsdien verdelen de rebellen hun tijd tussen het bestrijden van Kabila en het uitvechten van onderlinge twisten.

De Zuid-Afrikaanse minister van Buitenlandse Zaken, Nkosazana Zuma, vloog vorige week naar Kisangani in een poging de rebellen achter de vorige maand opgestelde vredesregeling van Lusaka te krijgen. Maar Zuma kwam onverrichter zake terug, de onenigheid onder de rebellen bleek te groot.

De komende dagen zal in de Mozambikaanse hoofdstad Maputo een nieuwe poging worden gedaan vrede te bewerkstelligen als de staatshoofden en regeringsleiders van de vijftien leden van de SADC bijeenkomen. Probleem is echter dat Oeganda en Rwanda niet tot de SADC behoren, Congo wel. Een kant-en-klare uitkomst in Maputo wordt door analisten daarom niet verwacht, temeer daar binnen de SADC verdeeldheid bestaat over te volgen strategie. Lidstaten Angola, Zimbabwe en Namibië hebben vanaf het begin van de burgeroorlog militaire assistentie verleend aan Kabila. Andere landen, Zuid-Afrika voorop, hebben zich steeds mordicus tegen een militaire oplossing gekeerd.