Gasunie wimpelt kritiek Trenité af

Het donderdag gepubliceerde rapport Naar een vrije aardgasmarkt? van advocatenkantoor Trenité van Doorne slaat ,,op diverse punten de plank mis''. Dat zegt de Nederlandse Gasunie in een commentaar.

Gasunie verzet zich fel tegen de ,,beleidsrichting'' in het rapport ,,die erop neerkomt dat het waardevolle Nederlandse aardgas zo goedkoop mogelijk moet worden uitverkocht, ook als dat zou leiden tot prijzen die aanzienlijk lager zouden komen te liggen dan wat de Noren, Russen en Algerijen voor hun aardgas betaald krijgen.''

,,Wij kiezen er voor – juist ook in de geliberaliseerde Europese gasmarkt – het aardgas ten bate van de Nederlandse samenleving zo goed mogelijk te vermarkten, met inachtneming van de relevante wetgeving, inclusief de mededingingsregels'', aldus het Groningse bedrijf dat de staat en Shell en Esso als aandeelhouders heeft.

In het kader van de geleidelijke liberalisering krijgen middelgrote verbruikers – anders dan Trenité veronderstelt – in het jaar 2002 de vrijheid om een eigen leverancier te kiezen. Voor die groep zijn de distributiebedrijven dan niet meer exclusief aangewezen op de Gasunie. De kleinverbruikers zijn vanaf 2007 vrij in hun keuze. Gasunie wijst erop dat het door Nederland ingezette tempo bij de liberalisering ,,duidelijk hoger ligt dan de Europese richtlijn voorschrijft''.

Als ,,een wonderlijke opvatting'' noemt Gasunie het pleidooi van Trenité dat er een structureel overschot aan aanbodcapaciteit zou moeten komen om tot een vraaggestuurde markt te komen. ,,Een van de grote uitdagingen voor investeringsbeslissers in iedere bedrijfstak'' is juist ,,het voorkomen van meer structureel aanbod dan er aan gezonde vraag bestaat.''

Gasunie zegt sinds 1996 geen monopoliepositie meer te hebben. ,,Het staat producenten van Nederlands aardgas vrij hun product te verkopen aan wie men wil. Van die vrijheid wordt ook gebruikgemaakt.''

De suggestie van Trenité om de contracten tussen Gasunie en de eigenaar van het Groninger veld en met andere producenten van Nederlands gas open te breken, wijst het bedrijf ,,volstrekt af'' als ,,de beste manier op een decennialang opgebouwd goed investeringsklimaat te verwoesten''.