Zwembadspelletje

Het onschuldig lijkende spelletje – wie blijft het langst onder water? - kan leiden tot levensgevaarlijke situaties en verdrinking (`Dood na zwembadspel', NRC Handelsblad 27 juli).

Ademhaling, noodzakelijk voor de aanvoer van zuurstof en de afvoer van koolzuur, geschiedt meestal onbewust, gaat als het ware vanzelf. Maar hij kan ook bewust gestuurd worden, ingehouden of sterk overdreven, de zogeheten hyperventilatie. Bij het inhouden van de adem stijgt het koolzuurgehalte dusdanig dat het ademcentrum alarm slaat en ademhaling forceert, die is dan niet meer tegen te houden. Dat is doorgaans het moment dat de zwemmer, naar adem happend, weer boven komt.

Wil men dat moment van ademhalen uitstellen, bijvoorbeeld om lang onder water te kunnen zwemmen, dan zet men zich eerst aan tot hyperventileren. Het koolzuurgehalte zakt dan tot een zeer lage waarde, maar – en dit is zeer belangrijk – het zuurstofgehalte wordt niet hoger dan normaal, vol is vol, ook bij rode bloedlichaampjes.

De zwemmer blijft onder water en wordt door zijn ademcentrum niet naar de oppervlakte gedwongen, want de koolzuurwaarde is immers laag. Wat hem/haar levensgevaarlijk parten speelt is dat het zuurstofgehalte inmiddels ook daalt, soms dusdanig dat het bewustzijn uitvalt. Daarbij moet worden opgemerkt dat aan bewustzijnsverlies door acuut zuurstoftekort geen waarschuwingen voorafgaan en dat het fenomeen zich zeer snel voltrekt.

Uit het voorgaande blijkt dat geforceerde hyperventilatie bij zwemmers voorafgaande aan een verlengde duik onder water tot levensgevaarlijke situaties en verdrinking kan leiden.

Een recent krantenbericht heeft dit ongelukkigerwijs bevestigd.

    • J. van der Nat
    • Anaesthesioloog N.P. Mierlo