Worst

De geschiedenis van Akzo's farmaceutische bedrijvigheid volgt een parcours van logische stappen. Grondlegger Saal van Zwanenberg –zijn voorouders kwamen uit het Duitse Schwanenberg – kwam in 1905 bij de later genoemde Zwanenbergs Slachterijen en Fabrieken. Tijdens en na de Eerste Wereldoorlog maakte de onderneming een slechte periode door. Saal kwam toen op het idee om in de farmacie te stappen. Daarmee kon de kwijnende worstfabriek wellicht op de been worden gehouden. Hij was aangestoken door het al langer onder wetenschappers levende idee dat uit dierlijke organen stoffen te winnen waren die als geneesmiddel konden dienen. Op 9 juli 1923 richtte hij Organon op. ,,Ik ben me gaan afvragen of al die klieren die tot dat moment naar de destructor gingen niet op enigerlei wijze bruikbaar gemaakt konden worden'', vertelde hij later.

Gelet op die klieren is het logisch dat Organon vooral met hormonale producten, zoals insuline en later de `pil' een naam heeft verworven. Toen het bedrijf, dat geneesmiddelen voor de mens maakte, na de Tweede Wereldoorlog de wind weer in de zeilen kreeg begon het in 1949 logischerwijs in de veterinaire farmacie met het bedrijf Intervet. Deze week versterkte Intervet zich met de aankoop van de veterinair farmaceutische divisie van het Duitse Hoechst. Maar daar zal het wel bij moeten blijven, zo mag worden afgeleid uit de politiek van de Europese Commissie die geen monopolisten op welke markt dan ook duldt. Intervet is de op drie na grootste ter wereld. Het zou in de lijn der logica liggen als Intervet de expansie voortzet in de richting van de agrarische bedrijfskolom. Een mooie worstfabriek wellicht.

Bram Pols