Onopzettelijke wreedheid

In de film Happiness van Todd Solondz zie je de geheimen en frustraties van gewone mensen. Een aardige man en een geweldige vader is een kinderverkrachter. Zulke dingen.

Het is half drie en het is in deze airconditioned coffeeshop van Dean and Deluca op University Place schoner en koeler dan buiten, in een Manhattan dat heter dan gewoonlijk is en net zo overrompelend als anders. Over een paar minuten moet de Amerikaanse regisseur Todd Solondz hier binnen komen. Tot die tijd gebeurt er niets. Een man met een laptop zoekt een stopcontact, een vrouw met een hoed krijgt gezelschap van een man met twee pukkels, een Chinees-Amerikaanse ober veegt een tafeltje schoon. Opeens kijkt iedereen op, zoals iedereen dat doet als in een coffeeshop de deur open gaat - alsof niemand nog de hoop heeft opgegeven dat een seconde zijn leven kan veranderen, alsof door die deur zomaar de liefde van je leven kan komen wandelen. `I don't dare to end my search for happiness', zegt het lied van Eytan Mirsky. Er komt een man met een bril binnen. De ogen gaan haast onmerkbaar teleurgesteld weer naar vers geperst sinaasappelsap, computerscherm, tafelgenoot. De meeste nemen niet eens de tijd om vast te stellen dat de man zowel op een konijn als op een wortel lijkt. Hij is een man met een bril, basta, zoals zij er op deze maandagmiddag in een half uurtje koelte genoegen mee nemen een vrouw met een hoed of een man met een computer te zijn. Ze zullen Solondz niet herkennen als een van de mannen die in de wachtkamer van een psychiater zitten in de film As Good As It Gets. Aan hen stelt Nicholson de vraag die in de titel van de film een bewering is geworden: ,,What if this is as good as it gets?' Het is een figurantenrol die bij Solondz past.

De man met de computer heeft eindelijk het stopcontact gevonden. De man met de bril gaat zitten. Solondz praat voortdurend over vrouwen met hoeden en mannen met computers. Hij praat over Joy en Andy, over Bill, over Trish, over Billy, over Vlad, weer over Bill, over Allen, over Helen en weer over Bill. Zij zijn, samen met Mona, Lenny en Kristina, de hoofdpersonen van Happiness, de film waarmee Solondz vorig jaar de persprijs op het filmfestival van Cannes won. `Happiness is the most electrifying American movie to break at Cannes since Pulp Fiction', werd er toen geschreven. `No film is likely to match Todd Solondz' Happiness for discreet shock value, not to mention the subtly savage humour.' De complimenten worden herhaald op de achterflap van het in boekvorm uitgegeven scenario van Happiness. Kritiek is er ook geweest. Universal heeft de film niet uitgebracht omdat de directeur zich niet wenste te verplaatsen in een van de personages. Het Engelse filmtijdschrift Sight and Sound jammerde dat Solondz zijn personages niet serieus nam. ,,Ik mag niet klagen', zegt Solondz toch. Moeten we nog wat complimenten toevoegen? De scherpe observaties, de fantastische dialogen, de onbespiede ogenblikken. Solondz heeft de intimiteit van anonimi gevangen. De schijn die ze buiten ophouden zet hij eerst te kijk om hem vervolgens volkomen te laten wegvallen. Iedereen is alleen met zijn eigen ongeluk.

Geheimen

Zoals elke film roept Happiness andere films in herinnering. Ik denk aan een scène uit Wim Wenders' Der Himmel über Berlin waarin wij de gedachten van de passagiers van een volle metrowagon te horen krijgen, van vrouwen met hoeden, mannen met computers, kinderen met teddyberen. Hun gedachten horen we niet in Happiness, maar Solondz komt er wel heel dichtbij. Op de een of andere manier slaagt hij erin hun geheimen te visualiseren. Hij doet dat simpel. Eerst laat hij ze zien in kantoren, liften en restaurants. Dan gaat hij met ze mee naar huis. Een man kijkt in een telefoonboek tussen de al doorgestreepte nummers, draait en hijgt. Na afloop plakt hij een ansichtkaart over het sperma aan de muur. Allen. Op zijn werk beantwoordt hij een vraag van een collega. `Did you see the play-offs last night?'

Solondz denkt niet aan Der Himmel über Berlin. Hij denkt aan M van Fritz Lang, waarin een verkrachter van kinderen de hoofdrol speelt. Hij denkt aan Shadow of a Doubt van Hitchcock, waarin een seriemoordenaar in een Amerikaanse voorstad wordt ontmaskerd. Hij denkt aan Secrets and Lies van Mike Leigh, waarvan de hem structuur bevalt. De meeste mensen in Secrets and Lies zijn familie van elkaar. In Happiness zijn ze dat ook. Andere vrouwen met hoeden zijn hun buren of cliënten. Alleen aan Short Cuts, de film van Robert Altman, denkt Todd nooit als hij aan Happiness denkt. Aan Lolita heeft hij weer wel gedacht, nee niet aan de film van Kubrick, want die gaat niet over een pedofiel, maar aan het boek van Nabokov. Dat wel.

Solondz wil niets drinken. Aan het tafeltje naast hem wordt met sinaasappelsap geknoeid. In Happiness likt een hond het eerste sperma van een klein jongetje op. Billy. Zonder blikken of blozen legt Solondz uit waar zijn film over gaat. ,,Er zijn vier of vijf verschillende verhaallijnen maar uiteindelijk gaan die allemaal over eenzaamheid en verlangen.' Geroutineerd voegt hij er nog vervreemding aan toe en zo'n zinsnede die in vertaling altijd lulliger klinkt dan in het echt: `the struggle to connect'. In Happiness doet een man veel zout op zijn eten omdat hij geen kanker heeft en de dokter gezegd heeft dat hij honderd wordt. `But stay off the salt'. Lenny.

Aanleiding voor Happiness was een krantenbericht dat Solondz tien jaar geleden las over een Oekraïense seriemoordenaar. ,,Verhalen over zulke mensen lees je elke dag, maar aan het einde van het stuk stond dat deze moordenaar getrouwd was en twee kinderen had. Dat zette me aan het denken. Hoe kunnen die dingen naast elkaar bestaan?'

Did you...um...

Solondz schreef het scenario voor Happiness in zes weken. ,,Het duurt heel lang voor je op pagina een belandt, maar als je daar eenmaal bent, kun je rustig doorgaan. Je volgt gewoon de lijnen die je in het begin hebt uitgezet tot hun logische conclusie. En dus eindigt Happiness bijna met het volgende gesprek:

Billy: Dad...did you...did you...um with Johnny Grasso and Ronald Farber...

Bill: Yes.

Billy: What did you...do?

Bill: I...I touched them...

Billy: Whadadya mean exactly

...touched?

Bill: I...fondled them

Pause

Billy: What for?

Bill: I couldn't help myself.

Pause

Billy: What else?

Bill: I unzipped myself...

Billy: You mean...masturbated?

Bill: No

Billy: Then...what?

Bill: I made love

Pause

Billy: What do you mean?

Bill: I fucked them.

Het gesprek is nog niet afgelopen, maar het is, met dank aan de acteurs, al hartverscheurend. De details zijn realistisch. Johnny Grasso en Ronald Farber, zo heten de vriendjes van je zoontje.

De verhaallijn van Happiness die de meeste aandacht heeft getrokken, gaat over het gezin Maplewood. Van de pedofiele vader heeft Solondz een sympathieke persoonlijkheid gemaakt. Een aardige man. ,,Bills tragedie is niet alleen dat hij pedofiel is, maar ook dat hij een geweldige vader is, die van zijn gezin houdt, van zijn vrouw, van zijn zoontje', zegt de regisseur. ,,Iedereen heeft een grens waar hij niet overheen wil gaan. Bill verkracht andere kinderen, maar zijn eigen zoon raakt hij niet aan. Het feit dat Billy Bill eerder in de film al zo vrij naar seks kon vragen is een bewijs van de liefde en het vertrouwen die tussen hen bestond. Als er voor deze man verlossing mogelijk is, en ik weet niet of dat zo is, dan komt die voort uit de liefde voor zijn zoontje.'

Pesten

Als Bill op weg is om Ronald Farber te verkrachten - een scène die we overigens niet te zien krijgen - , laat Solondz de camera even rusten op een verkeersbord. `Beware of our children.' Solondz test en pest de kijker door vaak, soms binnen een scène, van komedie naar tragedie te switchen, van farce naar tearjerker naar klucht naar drama. Solondz stoeit met de zucht tot vereenzelviging van de kijker. De regisseur krijgt je zover dat je teleurgesteld bent als Johnny Grasso geen ijs lust. Waar moet Bill zijn slaapmiddel nu indoen? Gelukkig is Johnny wel dol op tonijnsalade. Solondz laat je lachen als Joy door een man wordt verlaten die zojuist boven op haar is klaargekomen. `Yes I go now.' Vlad. ,,I want to have my cake and eat it too', zegt Solondz. ,,Kennelijk. Er blijkt een onopzettelijke wreedheid in mijn werk te zitten.'

Solondz (Newark, New Jersey, 1960) zet zijn bril recht op zijn neus. Hij is minder lelijk dan Dawn Wiener, de hoofdpersoon van zijn eerste film, Welcome to the Dollhouse. Eerste film? Iedereen is bijna vergeten dat Solondz in 1989 al Fear Anxiety and Depression maakte. Niet gezien? ,,Houden zo', zegt de regisseur. Hij vind zijn eerste project een mislukking. Dawn Wiener is een meisje dat voor haar droevige uiterlijk niet gecompenseerd wordt met een aardig innerlijk, zoals gebruikelijk in films en romans - Solondz doet ze in Welcome to the Dollhouse voorgoed als fictie af. Dawn groeit ook niet uit tot een zwaan. Enige troost biedt aan het eind van de film de opmerking van haar even misbakken oudere broer dat andere mensen je later achter je rug zullen uitlachen in plaats van in je gezicht. Solondz kan goed overdrijven. Over de personages uit Happiness is hij hoopvoller, ook al gaat hij niet alleen over de gevaren van lelijkheid maar ook over pedofilie, moord en diefstal. Misschien worden Allen en Joy wel verliefd op elkaar. Misschien komt het wel goed met Billy. Hij heeft tenslotte onvoorwaardelijke liefde gekend.

,,Er zit niets in mijn film dat je niet elke dag op de televisie kunt zien, of in de tabloids kunt lezen', zegt Solondz. ,,Men wijst het af maar men wordt er ook door geprikkeld. Moralisme en exploitatie gaan hand in hand. Ik wil daar niet aan meedoen. Het is ook niet mijn bedoeling dat het publiek na het zien van de film denkt: o, wat een stelletje freaks heb ik net gezien. Dan zou ik hebben gefaald. Deze personages doen hun best om contact met anderen te leggen en de film vraagt het publiek hen halfweg te ontmoeten, door te erkennen dat hij of zij een van ons is. Wat Bill Maplewood doet is onvergeeflijk. Maar ik wil dat mensen erkennen dat ook hij een mens is, en geen monster.'

Voorsteden

De man met de bril is soms serieuzer dan je op grond van zijn film zou verwachten. Maar als hij zijn cake op heeft, heeft hij hem toch nog in zijn hand. ,,We leven in een tijd van massahysterie ten aanzien van het misbruik van kinderen. Bijna elke beroemdheid is wel misbruikt. Oprah, Roseanne, The Jacksons. Het is haast alsof er iets mis met je is als je niet misbruikt bent.' `Oh If only I had been raped as a child... Then I would know authenticity.' Helen. Schrijfster van de bundel A Pornographic Childhood.

Happiness speelt zich voor het grootste deel af in New Jersey, de Garden State vol voorsteden en winkelcentra met uitzicht op Manhattan waar Solondz zelf opgroeide. De staat wordt bespot in een groot aantal onafhankelijke Amerikaanse films. Solondz haalt zijn schouders op. ,,Als je een film wilt maken over de voorsteden, ligt New Jersey voor filmmakers uit New York het meest voor de hand. Het is nu eenmaal het dichtst bij. Ik heb New Jersey niet willen afzeiken. Ik hou niet van grappen over de banaliteit en de leegte van het leven in de voorsteden. Zulke grappen zijn altijd vervelend, net als Belgen-, of Polenmoppen. Wat mij interesseert is de aantrekkingskracht van de suburbs. Ze zijn emblematischer voor de Amerikaanse cultuur dan de steden of het platteland. De meeste Amerikanen willen volgens mij ook in een voorstad wonen. Het is een rondom de auto, rondom comfort gebouwde cultuur die de illusie van veiligheid geeft. Vlad, de Russische immigrant, zou het leven van de Maplewoods willen leiden, met hun voor- en achtertuin, garage, hond.' I ♡ NJ. Het T-shirt van Vlad.

Solondz kijkt naar de cassetterecorder. Het is golden time, zegt hij; een uitdrukking die ik niet ken maar die wel moet betekenen dat de man met de bril eigenlijk al op een andere afspraak moet zijn. Een vrouw, een vriend, een ander interview, het uitpraten van een ruzie? Todd, dear, darling asshole? Zoiets vraag je niet.

Maar alle mensen uit New Jersey zijn in Happiness ongelukkig.

,,Je kunt ook ongelukkig zijn in Florida, of in New York. Het gaat er ook niet om dat iedereen ongelukkig is. Het gaat erom dat iedereen probeert een einde aan zijn ongeluk te maken.'

De man met de bril moet weg. De vrouw met de hoed is allang vertrokken. De Chinees-Amerikaanse ober is een klant geworden; als jongen met een pet eet hij aan het achterste tafeltje een sandwich. Zou hij? Happiness geeft je het gevoel dat je achter elke façade zou kunnen kijken. Maar de film gaat niet alleen over verkrachters, moordenaar, pedofielen, hijgers. Solondz heeft ook oog voor kleiner door gebrek aan seks en liefde veroorzaakt leed. Liefdesverdriet, dikte, ouderdom, onzekerheid vet haar, ze komen allemaal aan bod in de film. Er treedt in Happiness een merkwaardig soort nivellering op. Alles lijkt voor even even erg, alsof er geen verschil is tussen diverse soorten ongeluk. Solondz brengt geen hiërarchie aan. ,,We hebben allemaal onze obstakels', heeft hij gezegd. ,,Je hoeft geen pedofiel te zijn om te lijden.' Misschien is dat een troost.

De man met de bril loopt naar de deur. Niemand kijkt hem na. `We're all alone'. Bill.

`Happiness' draait vanaf 19 augustus in de bioscoop. `Welcome to the Dollhouse' is te huur bij de videotheek. Het scenario van `Happiness' is uitgegeven door Faber and Faber.