Miloševic klaar voor gevecht met oppositie

De wisseling in de samenstelling van de Joegoslavische regering betekent de nieuwste zet van president Miloševic in zijn verdeel- en heersstrategie om de macht te behouden. De wisseling komt een week voor de grote confrontatie met de oppositie, volgende week in Belgrado.

De Joegoslavische president Slobodan Miloševic piekert er niet over de macht op te geven. Twee maanden na het einde van de bombardementen tegen zijn land heeft hij zijn eerste, nauwkeurig voorbereide zet gedaan. Een zet tegen de groeiende oppositie in eigen land, tegen de opstandige Montenegrijnen die een nieuw staatsverband willen, en vooral ook tegen iedereen die aanspraak maakt op zijn positie.

Dinsdag riep Miloševic de top van zijn Servische Socialistische Partij bijeen en besloot de hakken in het zand te zetten. Er komen geen vervroegde verkiezingen en we gaan niet praten met Montenegro over een nieuwe verhoudingen binnen de federatie, liet SPS-woordvoerder Dacic later weten.

Een dag later mocht de premier van de Joegoslavische federatie Momir Bulatovic bekend maken hoe Miloševic dacht om te gaan met de uitdagingen aan zijn adres: een herschikking van de federale regering van Joegoslavië. Wie ooit kritiek had gehad op de gang van zaken, zoals de vice-premier en oud-president van Joegoslavië Zoran Lilic, kon vertrekken. Niet dat Lilic of één van de anderen die ontslagen werden veel macht hadden, zij pasten eenvoudig niet langer in de gehoorzame eenheid die Miloševic van zijn federale regering eist.

De vijf radicale nationalisten die nu zijn aangetreden in de federale regering doen dat– paradoxaal genoeg – ook niet. De SRS van Vojislav Šešelj heeft grote kritiek op Miloševic vanwege de manier waarop hij Kosovo heeft `verkwanseld' aan de internationale gemeenschap. Zijn mensen zullen, voor zover de federale regering ooit bijeen komt, dan ook voor voortdurende spanningen zorgen. Maar Miloševic heeft Šešelj – die overigens zelf geen post binnen de regering bekleedt – binnengehaald om hem niet tegenover hem te vinden. Op de rand van de oppositie is de SRS namelijk veel gevaarlijker dan binnen de regering.

Vojislav Šešelj en de ongrijpbare Vuk Draskovic (leider van de oppositionele Servische Vernieuwingsbeweging) zijn de twee meest gevaarlijke troonpretendenten; zeker als ze ooit de handen ineen zouden slaan, wat niet ondenkbaar is gezien hun beider Servisch-nationalistische achtergrond.

De wisselingen binnen de federale regering zullen naar verwachting binnen enkele dagen gevolgd worden door mutaties binnen de Servische regering.

De verwachting is dat de radicale SRS ook daar zijn positie zal verstevigen. De partij van Šešelj maakte al deel uit van de Servische regering maar nam ontslag uit woede over het vertrek van de Joegoslavische troepen uit Kosovo. Een ontslag wat overigens nooit is geëffectueerd.

En zo graaft de hofhouding van Miloševic zich in met behulp van de Servische radicalen. In plaats van één Servische en één federale regering die ook Montenegro vertegenwoordigt zijn er nu feitelijk twee Servische regeringen. De enkele Montenegrijn die nu nog in de federale regering zit, zoals premier Bulatovic zelf, steunt Miloševic onvoorwaardelijk. Ruimte voor onderhandelingen over een mogelijk nieuw staatsverband tussen Servië en Montenegro is er dan ook nauwelijks meer na deze laatste zet. De spanningen met het opstandige Montenegro onder leiding van Djukanovic zullen hiermee alleen maar verder oplopen.

In Servië wordt de nieuwe regering volgende week geconfronteerd met de eerste grote oppositie-bijeenkomst in Belgrado zelf. Sinds begin juli roepen demonstranten door het hele land om het aftreden van president Miloševic. Zij eisen achterstallige lonen, protesteren tegen de economische misère en zijn kwaad over het verlies van Kosovo. Een paar dagen geleden kregen ze daarbij de steun van de bisschoppenconferentie van de orthodoxe kerk die `in het staatsbelang' eveneens om het onmiddellijke aftreden van de president vroeg. Gisteren richtte de voormalig stafchef van het Joegoslavische leger Momcilo Perišic zijn eigen partij op en sloot zich aan bij het groeiend koor van kritici.

Op 19 augustus komen al deze groeperingen samen in wat de tot nog toe grootste confrontatie met het regiem kan worden. Voor het eerst in twee jaar zullen de oppositie-kemphanen Draskovic (SPö) en Djindjic (Democratische Partij) weer samen op het podium staan, naast de kritische economen van de Groep 17, vertegenwoordigers van de kerk en alle andere die zich de afgelopen twee maanden geroerd hebben. Het welslagen van de manifestatie wordt gezien als het moment van de waarheid voor de hopeloos verdeelde Servische oppositie.

Inzet is het aftreden van de president en de vorming van een overgangsregering. Een week voor deze confrontatie heeft Miloševic met de vorming van een nieuwe regering ondubbelzinnig te kennen gegeven dat hij bereid is tot het éne noch het andere.