De voorgeschiedenis van Jan S.

Jan S., de man die Chanel Naomi Eleveld verkrachtte en vermoordde, is eerder veroordeeld voor verkrachting van een minderjarige. Drie jaar geleden is hij psychiatrisch onderzocht. Maar niemand heeft daar iets mee gedaan.

Het meisje uit Klazienaveen moet nu 18 jaar zijn. Zij heeft op een bittere manier `geluk' gehad. In 1996, ze was toen 15 jaar, is ze verkracht door de moordenaar van Chanel Naomi. Het meisje uit Klazienaveen werd uiteindelijk door Jan S. vrijgelaten en leeft.

Het openbaar ministerie in Assen bevestigde vanmorgen dat het deze zaak was, waarvoor Jan S. (45) jaren in de gevangenis zat. Begin dit jaar kwam hij vrij en ging hij met zijn Poolse echtgenote en hun 5-jarig zoontje aan de Mozartplaats in Assen wonen, een kleine 100 meter van het huis van Chanel.

In december 1996 was het een klein berichtje in het Nieuwsblad van het Noorden, onder de kop `Vier jaar cel voor verkrachting'. Een week eerder berichtte de krant iets uitgebreider over de zitting.

Jan S. woonde in 1996 nog met vrouw en kind in Polen. Een stormachtig huwelijk, zo zeggen ook nu omwonenden aan de Mozartplaats. Zij vertellen dat de politie al voor de verdwijning van Chanel met regelmaat bij de familie S. in huis kwam om ruzies te sussen. En dat Jan S. zijn echtgenote sloeg. Verschillende buurtbewoners vertellen dat het het 5-jarig zoontje eens het slot heeft omgedraaid van een kamer waarin zijn vader zat. En dat de politie toen weer moest langskomen, toen het zoontje weigerde hem te bevrijden.

Woordvoerder B. Visser van de politie in Assen bevestigt dat de politie eerder ,,wegens echtelijke twisten'' bij Jan S. is geweest. Enkele dagen voor de verdwijning van Chanel zijn de Poolse echtgenote en het kind vertrokken.

Wie nu het Nieuwsblad van het Noorden uit 1996 leest ziet een patroon. ,,Als de 42-jarige S. het bij zijn vrouw en kind in Polen even niet meer zag zitten, ging hij weer voor een tijdje terug naar Nederland'', staat er. In Nederland probeert hij in contact te komen met zijn ex-vrouw, zijn zoon en een jeugdvriend. Zij wijzen hem af. Net als de dagen voor de moord op Chanel was Jan S. alleen gelaten.

Op 17 mei 1996 begint hij te drinken en krijgt hij behoefte aan seks. De officier van justitie die de zaak behandelde, mevrouw E. Läkamp, zegt tijdens de zitting: ,,En daarbij maakte het hem niet uit of het een man was of een vrouw, een jongetje of een meisje.''

Läkamp beschrijft tijdens de zitting hoe Jan S. die dag in de auto is gestapt. Eerst probeert hij het in Nieuw Schoonebeek. ,,Hij pakte daar een klein meisje bij de arm en wilde haar naar de auto sleuren'', aldus het krantenbericht. Dat mislukt. Het meisje verzet zich en wordt door haar vriendinnetjes ontzet.

S. rijdt verder en komt om kwart voor zeven 's avonds aan in Klazienaveen. Bij een schuur ziet hij een aantal jongeren staan. Hij stapt uit en vraagt het 15-jarig meisje om een vuurtje. Op het moment dat zij dat geeft sleurt S. haar de auto in om met haar weg te rijden.

Vijf uur rijdt Jan S. met haar rond. Op een parkeerplaats verkracht hij het meisje. Op twee uur 's nachts wordt het meisje uit de auto gezet. Jan S. vlucht daarop het land uit, maar wordt bij de Poolse grens aangehouden. ,,Dit is het meest verschrikkelijke dat een meisje kan overkomen'', zegt officier Läkamp in haar requisitoir.

Desondanks eist de officier geen tbs of een andere wijze van behandeling van Jan S.. Zij eist een gevangenisstraf van zes jaar en een schadevergoeding van ruim 10.000 gulden. De rechter kent de schadevergoeding geheel toe, maar verlaagt de straf tot vier jaar cel.

Over de overwegingen van de rechtbank wordt in het bericht niets vermeld. Evenmin wordt iets geschreven over de vraag of Jan S. psychiatrisch is onderzocht. Officier Läkamp was vanmorgen onbereikbaar wegens vakantie. Desgevraagd zoekt de plaatsvervangend woordvoerder van het openbaar ministerie in Assen de zaak op. ,,Er is wél een psychiatrische rapportage geweest'', weet hij te melden. Maar de details van dat rapport kan hij op korte termijn nog niet boven water krijgen, zegt hij.

,,Bij het profiel van een kinderverkrachter hoort dat hij alles zal doen om uit tbs te blijven'', zegt een zedenrechercheur die bij de politie als expert geldt. Ongeveer 30 procent recidiveert. ,,Zo iemand weet dus dat de kans dat hij nog uít die tbs komt, klein is'', aldus de zedenrechercheur. Hij ziet opvallende overeenkomsten tussen de verkrachting uit 1996 en de moord op Chanel van 21 juli. Een mogelijke crisissituatie waarin Jan S. helemaal alleen was. En vooral zijn bijzonder onvoorzichtige manier van optreden, waardoor hij opnieuw al snel tegen de lamp liep.

De politie in Assen hield hem vanaf het begin in de gaten, maar kon volgens een woordvoerder nog weinig doen, omdat er nog onvoldoende verdenking was voor een huiszoeking. Tot zijn aanhouding in Zwolle, woensdag, verloren de politieobservanten hem twee weken uit het oog. Jan S. is in die tijd in Heerlen geweest en heeft daar volgens een aangifte nog een volwassene verkracht. Haar beschrijving voldoet exact aan het signalement van S..

In alles reagreert Jan S. als een gestoorde, zegt de zedenspecialist. Een rondschrijven aan buurtbewoners als er een seksuele delinquent bij ze in de straat komt wonen, zoals in de Verenigde Staten sinds Megan's Law gebruikelijk is, is hem te inhumaan. ,,Dan hebben ze geen leven meer.'' Bovendien vindt hij op basis van honderden zedenzaken dat ,,deze mensen het recht om in vrijheid te leven hebben verpeeld. Ze moeten levenslang in tbs blijven.'' Die opvatting is eerder geuit door de directeur van Reclassering Nederland, T. van der Valk, en wordt gedeeld door veel zedenrechercheurs.

Op de zandbak waar Chanel verdween groeit de hoeveelheid bloemen, knuffels en waxinelichtjes. Wie erbij staat kijkt recht in het huis van Jan S., waar Chanel de avond van haar verdwijning op 21 juli werd vermoord en sindsdien al die tijd heeft gelegen. Wie zich voor de zandbak 180 graden omdraait kijkt in het huis waar het meisje woonde.

Buurtbewoners zijn van plan vanavond een stille tocht te houden. Ze zeggen Jan S. nauwelijks te hebben gekend. Niemand weet zijn naam of wil die noemen. Verschillende bewoners vertellen dat hen wel opviel dat de laatste weken regelmatig alle deuren van het huis van S. openstonden, en dat zijn meubels buiten onder een party-tent waren gezet.

De overbuurvrouw van Jan S. heeft zelf een zoontje van drieënhalf. ,,Die sjouwde ook altijd richting die zandbak. Sinds Chanel verdween heb ik hem dat verboden.'' Zij ,,weet ook wel'', zegt ze , dat mensen als Jan S. ,,er recht op hebben'' ergens te wonen. ,,Maar ik zou dat wel graag willen wéten.''

Met medewerking van Joep Dohmen en Sake Elzinga.

    • Margriet Oostveen