Slachtoffer van willekeur VS

SVZ Industrial Products, verwerker van groenten en fruit, had dit jaar voor miljoenen guldens geconcentreerd vruchtensap naar de Verenigde Staten kunnen exporteren. Amerikaanse importheffingen, die vorige maand door de Wereld- handelsorganisatie werden goedgekeurd, zetten nu een streep door de rekening. ,,Jammer dan'', reageert Den Haag.

,,We staan met onze handen in de lucht en met de rug tegen de muur'', zegt G. van Rijn, financieel directeur van SVZ. `Zwaar gefrustreerd' is hij. ,,Er is geen enkel verband tussen ons bedrijf en de Brusselse weigering om Amerikaans hormoonvlees te importeren. Toch treft de Amerikaanse strafmaatregel ons sapconcentraat. Het is pure willekeur.''

SVZ, dochteronderneming van Cosun (voorheen Suikerunie), wordt niet voor het eerst getroffen. Tussen 1989 en 1996 maakten handelssancties de export naar de VS ook onmogelijk.

Het concern exporteerde in de jaren tachtig voor 6 miljoen gulden per jaar geconcentreerd vruchtensap naar de Verenigde Staten. Het frambozen-, aardbeien- en kersensap ging in diepvriescontainers de oceaan over. Toen de Europese Commissie in 1989 de import op Amerikaans hormoonvlees verbood, kwam die handel abrupt ten einde. De Amerikanen reageerden onmiddellijk met een importheffing op EU-producten. Het sapconcentraat van SVZ zat daar toevallig bij. ,,Tussen kerst en oudjaar kregen we doodleuk een brief waarin stond dat onze producten door de sancties getroffen werden'', herinnert exportmanager J. Sevenhuijsen zich.

SVZ liet het er niet bij zitten. ,,We zijn constant bezig geweest die onrechtvaardigheid terug te draaien'', zegt Van Rijn. De belangenorganisatie voor de fruitindustrie, Vigef, probeerde het in Brussel. De Amerikaanse klanten probeerde het bij de autoriteiten in Washington en SVZ bij de ministeries van Landbouw en Economische Zaken.

,,We kregen overal gelijk, iedereen vond het oneerlijk maar niemand zette zich voor ons in'', zegt Van Rijn. ,,We zijn in de lobbycircuits een te kleine speler om gehoord te worden.''

SVZ bleef de Amerikaanse klanten bezoeken. Van Rijn: ,,Dat was vaak een onmogelijke missie. Want waar praat je over als leverancier die niets leveren kan?''

Pas na zeven jaar, op 15 juli 1996, besloot de wereldhandelsorganisatie WTO dat de Amerikaanse handelssancties niet door de beugel konden. Gretig pikte SVZ de warmgehouden contacten weer op. ,,Nu, twee jaar later, is de export weer terug op het oude niveau'', zegt Sevenhuijsen.

En nu gaat SVZ opnieuw in de ban. Sevenhuijsen: ,,Het heeft veel tijd en geld gekost om onze klanten terug te winnen. Dit jaar hebben we in de States een kantoor geopend waar twee mensen werken. We hadden de komende jaren een omzet van tien miljoen per jaar kunnen halen. Dat wordt ons nu allemaal ontnomen.''

Het bedrijf zal er niet failliet aan gaan. Met een export naar meer dan veertig landen en een omzet van 245 miljoen per jaar kan SVZ de Amerikaanse markt wel missen. Toch heerst verbittering bij SVZ, vooral wegens de Brusselse laksheid. ,,De Europese Commissie heeft tien jaar de tijd gehad om te bewijzen dat het hormoonvlees een gevaar voor de volksgezondheid vormt. Pas dit jaar kwam Brussel met de eerste voorlopige resultaten, die de Amerikanen lachend terzijde schoven'', zegt Sevenhuijsen. ,,Ook is niet voldoende geprobeerd de sancties te voorkomen door de VS schadeloos te stellen.''

Van Rijn is niet van plan ditmaal opnieuw procedures aan te spannen. ,,Het kost tijd en geld en de opbrengst is nihil. Tegen de politiek procederen is bij voorbaat een verloren zaak.''

Inderdaad blijkt `de politiek' weinig clementie te hebben met de bedrijven die het slachtoffer zijn van de handelssancties. ,,Jammer dan, is het motto in Den Haag en Brussel als het aankomt op schadevergoeding'', zegt een woordvoerder van het ministerie van Economische Zaken desgevraagd. ,,Er is hier niets te halen.'' Dat valt volgens M. Bronckers, hoogleraar WTO-recht in Leiden, nog te bezien. In opinieblad Forum van werkgeversvereniging VNO-NCW schreef hij onlangs dat ,,de positie waarin de Europese Unie exporteurs manoeuvreert hen bij uitstek aanspraak op schadevergoeding geeft''.

Bronckers is als advocaat van Stibbe in Brussel meermalen opgetreden in geschillenprocedures bij de WTO. Hij durft de confrontatie met de EU wel aan. ,,Een aantal bedrijven bekijkt wat de mogelijkheden zijn'', zegt Bronckers. ,,Als coalitie kunnen ze zeker succesvol zijn.''

Bronckers onderstreept dat de huidige importheffingen juridisch belangrijk verschillen van de vorige strafmaatregelen. ,,De huidige sancties zijn door de WTO goedgekeurd. Bovendien wist de EU nu wat er ging gebeuren.''

Van Rijn zou ook wel met Bronckers in zee willen, maar alleen op basis van no cure, no pay. ,,Alle procedures hebben ons inmiddels wel genoeg gekost'', aldus Van Rijn.