Tsjetsjeen Basajev leidt rebellen in Dagestan

De islamitische opstandelingen die sinds vier dagen strijd leveren met Russische troepen in de deelrepubliek Dagestan hebben gisteren de beruchte Tsjetsjeense krijgsheer Basajev tot hun leider gekozen. Ook hebben zij gezworen de Russen te verdrijven uit de Kaukasische deelrepubliek, die zij met Tsjetsjenië willen verenigen in één islamitische staat.

De rebellen hebben dit zelf bekendgemaakt, onder andere via Internet, waar ook de onafhankelijkheidsverklaring die zij gisteren uitbrachten is te lezen. Onduidelijk is in hoeverre de zogenoemde `shura' (raad), die deze besluiten in de Tsjetsjeense hoofdstad Grozny uitvaardigt, alle strijders in Dagestan vertegenwoordigt. Het aantal strijders staat evenmin vast.

Zeker is wel dat gisteren de strijd onverminderd is doorgegaan. De opstandelingen, wier aantal op enkele honderden wordt geschat, hebben twee van de drie dorpen die zij afgelopen weekeinde hadden bezet en waar zij de sjaria (het islamitisch recht) hadden uitgeroepen, moeten prijsgeven. Daar staat tegenover dat zij één nieuw dorp wisten in te nemen.

Sjamil Basajev gold als één van de gezichtsbepalende aanvoerders tijdens de oorlog in Tsjetsjenië, een oorlog die in 1997 eindigde met terugtrekking van alle Russische troepen en de facto onafhankelijkheid van de opstandige deelrepubliek. Basajev wordt vooral herinnerd als de waaghals die met een handjevol mannen een ziekenhuis in de zuid-Russische stad Boedjonnovsk bezette.

Georgië, dat grenst aan Dagestan, heeft bij de Russische regering geprotesteerd tegen een bombardement op een Georgisch grensdorp, maandag, door Russische vliegtuigen. Tbilisi eist in een brief aan het Russische ministerie van Buitenlandse Zaken een ,,onmiddellijke en volledige uitleg'' van het incident. De Russische luchtmacht heeft betrokkenheid bij het bombardement ontkend, maar het ministerie van Defensie verklaarde zich bereid onderzoekers naar Georgië te sturen.