Das wollte ich net sagen!

Duits? Dat kan toch iedere Nederlander. Mijn vrouw en ik spreken een aardig mondje over de grens, al zeg ik het zelf. Ze zijn wel eigenwijs hoor, die Duitsers. Denken altijd dat ze het beter weten. Ze doen alsof ze je niet begrijpen of ze lachen je zelfs uit. Laatst waren we een weekendje in Duitsland. Ik wilde een biertje kopen, bij zo'n kraampje op straat. ,,Wir haben nur Dosen'', zegt de verkoopster.

,,Wat, een hele doos vol bier!'', roept Bep. ,,Nou ja, wat kan het ons ook schelen.''

,,Eine oder zwei'', vraagt dat vrouwtje. Een brutaal mens heeft de halve wereld.

,,Ein Doos ist genug'', zeg ik.

Zet ze vervolgens een blikje bier op de toonbank.

,,Ho, ho'', zeg ik, ,,und wo ist de rest?''

,,Möchten Sie mehr Bier'', vraagt ze. ,,Hier gegenüber im Supermarkt gibt es Kisten.''

Dat is nou typisch Duits hè. Je vraagt om een biertje en ze proberen je een hele doos of zelfs een kist aan te smeren. En als het er op aankomt, krijg je het niet eens.

We gingen even zitten met ons blikje bier, aan zo'n lange tafel. Komt er een oudere man aan.

,,Ist hier noch ein Platz frei'', vraagt hij. ,,Es ist hier so schön schattig. Oder wird es Ihnen vielleicht zu eng?'' `Schattig' vond ik wat vreemd uitgedrukt, maar goed. Eng vond ik die man in elk geval niet. Hij zag er heel betrouwbaar uit. ,,Ja hoor'', zeg ik, ,,gehen Sie ruhig sitzen.''

Maar Bep zat het toch niet helemaal lekker, dat zag ik wel. ,,Wissen Sie wo wir hier gut essen können'', vraag ik na een tijdje, om de spanning wat te breken.

,,Kommt d'rauf an'', zegt hij. ,,Möchten Sie was deftiges oder wollen Sie lieber was leichteres essen?''

,,Oh nein, nicht deftig!'', zeg ik, ,,wir sind nur einfache Menschen.''

Keek die man ons vreemd áán zeg. ,,Also lieber was leichtes?'' Nou houden wij beiden wel van een stevige hap, maar ja, die man haalde alles door elkaar. Dus zijn we er maar niet verder op doorgegaan.

Bep wilde even naar huis bellen, vragen hoe het met de kleinkinderen is.

,,Wissen Sie wo wir hier bellen können?''

,,Bellen'', zegt die man en begint ineens hard te lachen. ,,Von mir aus tun Sie es genau hier, hahaha .... wafwaf!''

,,Jetzt noch schöner'', roep ik. ,,Werden wir soms brutaal?'' ,,Brutal'', zegt-ie, ,,wovon reden Sie? Ich erlaube mir doch nur einen kleinen Schertz. Wieso möchten Sie bellen, wafwaf?'' En toen werd ik kwaad, hè. Je kunt met mij heel ver gaan, maar me als een hond laten behandelen ...

,,Wir fragen nur wo ein Telefon ist, und dann so was. Verschwinden Sie lieber!''

,,Telefon? Ahh, Sie möchten anrufen? Dann war es wohl ein Missverständnis. Da an der Ecke ist das Postamt, dort können Sie anrufen. Entschuldigen Sie bitte. Lassen Sie mich noch ein Bier für uns alle holen.'' Nou ja, dat was ineens toch wel weer aardig, dus zijn we nog maar even blijven zitten.

,,Haben Sie Kleinkinderen'', vraagt Bep.

,,Ich? In meinem Alter? Nein, meine Kinder sind schon gross. Aber ich habe zwei Enkel.''

Wat dat er nou mee te maken had, we hebben allemaal twee enkels, nietwaar. ,,Wir haben vier Kleinkinderen'', zeg ik, ,,de eine noch schlimmer dann de andere.''

,,Wieso, sind sie so böse?''

Waarom zouden die kinderen nou boos zijn?

,,Nein, ich wollte nur sagen, sie wissen schon soviel, echt schlimme Kinder!'', probeer ik nog eens.

,,Meine beiden Enkelkinder sind sehr brav. Aber das Mädchen ist manchmal richtig stur.''

,,O ja? Ein halbe Junge?''

,,Nein, nein, sie ist schon ein richtiges Mädchen, sie liebt süssliche Farben und Kleidchen.''

,,Warum sagen Sie dann, dass sie stur ist?''

,,Na ja, sie möchte immer ihren Willen durchsetzen. Ich hatte zum Beispiel beiden eine Tafel Schokolade geschenkt und ....'' ,,Was!, ein ganze Tafel voll Chocola?''

,,Es war aber eine kleine Tafel....''

Bep en ik keken elkaar aan. We hadden er opeens allebei genoeg van. Het was echt een beetje een enge man.

,,Wir müssen jetzt leider gehen'', zeg ik, terwijl we opstaan. ,,Es war sehr nett mit Ihnen zu reden.''

,,Ja, das wollte ich auch net sagen.''

,,Auf Wiedersehen.''

,,Auf Wiedersehen.''