Asbest kost bataljon maand

Het werk van het Nederlands geniehulpbataljon in Prizren in Kosovo loopt een maand vertraging op als gevolg van de vondst van blauw asbest op de locatie waar het bataljon verblijft. Dit verwacht de commandant van de eenheid van zo'n 900 soldaten, kolonel K. Gijsbers. Volgens een woordvoerder van het ministerie van Defensie lopen de extra kosten in de miljoenen guldens.

Vorige week werd blauw asbest gevonden op de locatie gelegen op een airstrip bij Prizren. Metingen wezen uit dat de gevonden asbestwaarden in het hele kamp 3,5 keer de Nederlandse norm overschrijden. Het asbest blijkt in de lucht te zitten, reden waarom soldaten nu stofmaskers moeten dragen.

Volgens bataljonscommandant Gijsbers is de vertraging te wijten aan de tijd die het kost om een alternatieve locatie te vinden, de verhuizing daar naartoe en om de troepen en vooral de 450 voertuigen te ontsmetten. ,,In die tijd kunnen we aanzienlijk minder doen aan onze taak: steun leveren aan de humanitaire hulpverlening'', aldus Gijsbers.

Hij hoopt dagelijks 250 soldaten `asbestveilig' te kunnen verklaren. Verder moeten onder meer shovels, kiepauto's, pantserwagens en jeeps tot op zekere hoogte stofvrij worden gemaakt en dienen verschillende filters te worden vervangen. De afgelopen dagen zijn met twee Antonov-transportvliegtuigen complete nieuwe soldatenuitrustingen en tenten vanuit Nederland ingevlogen.

Een van de Antonovs zorgde zaterdagavond in Nijmegen voor consternatie, omdat het met het landingsgestel uit laag over de stad vloog, wachtend op toestemming om op het vliegveld van Eindhoven te landen.

Gelijk met de nieuwe uitrusting is een mobiel laboratorium ingevlogen om de besmettingsbron te achterhalen. Voordat het kamp werd opgeslagen bleek uit verkenningen slechts de aanwezigheid van het minder gevaarlijke witte asbest. Waarom toen het blauwe asbest niet is gevonden is onduidelijk. ,,Of de metingen waren niet goed, of de situatie is in de tussentijd veranderd'', aldus Defensie.

Het is volgens de bataljonsleiding vrijwel onmogelijk een nieuw terrein van 1.000 bij 400 meter te vinden waar het bataljon in zijn geheel kan worden ondergebracht. Waarschijnlijk zal naar twee à drie dicht bij elkaar gelegen plekken rond Prizren worden gezocht. Om het stof intussen zo min mogelijk in de lucht te laten komen, wordt de airstrip besproeid. In het water zit een middel om het stof te `binden'. Verder dienen voertuigen zo min mogelijk te rijden.

Inademen van asbest kan longkanker veroorzaken. De risico's voor de mens zijn afhankelijk van de dosis en de duurzaamheid van de asbestvezels. Een specialist van het AMC in Amsterdam acht de kans op besmetting van de soldaten in Prizren zeer gering. ,,De militairen hebben ongeveer net zoveel risico gelopen op kanker als iemand die één sigaret rookt.''