Van der Leeuw (1)

De steen die al een halve eeuw op de borst van A.J. van der Leeuw heeft gelegen is uiteindelijk door toedoen van anderen aan het rollen geslagen (Z 24 juli). Van der Leeuw is nog optimistisch: hij meent niets `lelijks' uitgehaald te hebben. Hij zag er geen been in om in zijn eigen zaak het onderzoek te doen. Noem dat maar niet lelijk voor een persoon met zijn verleden en vroegere functie! Over de zaak zelf zoals die in het interview naar voren komt zal nog heel wat te zeggen zijn, want bepaald helder is deze soep niet.

Belangrijker is dat hier in alle denkbare duidelijkheid gedemonstreerd wordt hoe men op dit niveau elkaar de handen schoonwast. Met zijn uitstekende geheugen weet Van der Leeuw Bloms woorden natuurlijk feilloos te reproduceren: ,,Schrijf jij het even op, dan handel ik het af.'' Deze deal wordt ten overvloede als volgt toegelicht: ,,Het NIOD zal mijn bevindingen samenvatten en neemt er tegenover historicus Werkman de verantwoordelijkheid voor dat ze juist zijn.'' Hebben we niet een goede veertien dagen geleden de farce meegemaakt dat een geëngageerd historica, Nanda van der Zee, zich verplicht voelde haar opdracht, de biografie van Lou de Jong, terug te geven, aangezien het NIOD van haar een verklaring eiste, bedoeld om de persoonlijke levenssfeer van De Jong en mogelijk anderen te beschermen. En dat terwijl De Jong haar voor 100 procent carte blanche had gegeven. Al eerder had ondergetekende ook al een dergelijke verklaring geweigerd te tekenen om zodoende zijn wetenschappelijke geloofwaardigheid niet te verliezen. Dat zo spoedig in alle openbaarheid door de directie de wetenschappelijke integriteit van het NIOD aan de laars gelapt wordt, maakt het noodzakelijk dat de genoemde steen heel hard verder dient te rollen. Men zal nu minimaal moeten verwachten dat de gedragsregels van het NIOD en van zijn directeur met de nodige consequenties tegen het licht gehouden worden.