Griekse strijd der kalenders verliest zijn scherpte

Op een wintertocht door Noord-Griekenland, lang geleden, op een 7de januari om precies te zijn, belandde ik in een dorp waar ze me uitnodigden voor de viering van Kerstmis. ,,We hebben ook varkensvlees.''

Dat was mijn eerste kennismaking met de Oude Kalender, waarin alles – behalve Pasen – 13 dagen later wordt gevierd. Het aantal aanhangers van die kalender wordt nog steeds op een miljoen geschat, een tiende van de Griekse bevolking. Hele dorpen houden haar nog in ere.

Op 16 februari 1923 nam de Griekse staat, na jarenlang informatie te hebben ingewonnen van astronomische en theologische zijde, de Gregoriaanse kalender aan, die reeds lang in grote delen van Europa gold. Die dag werd het plotseling 1 maart. De Orthodoxe Kerk, met het fiat van de Oecumenische Patriarch in Konstantinopel, volgde nog datzelfde jaar: de 1ste oktober werd de 14de.

Andere Balkanlanden, Rusland, de monnikengemeenschap Athos en het patriarchaat van Jeruzalem hielden alles bij het oude, maar ook in Griekenland zelf was er veel weerstand. Men zag in de `hervorming' een gruwelijke consessie aan het papisme: was het niet een paus die deze kalender had aanbevolen? Op de kloosters van Athos ziet men in het afgedwaalde Rome nog altijd een groter gevaar dan in de islam.

De gelovigen die aan de Juliaanse kalender trouw bleven, noemden zich Authentieke Orthodoxe Christenen en organiseerden zich onder een eigen aartsbisschop en met een eigen Synode. Ze vierden hun naam- en feestdagen 13 dagen later, wat problemen gaf als deze viering openbaar waren. Het grote feest van de Heiliging der Wateren op 6/19 januari werd ieder jaar een hoofdbreken. Dan werpt een bisschop een kruis in zee, dat er vervolgens door rivaliserende `pallikaria' wordt uitgevist.

De Orthodoxe Kerk in Griekenland is staatskerk en de autoriteiten konden het niet dulden dat dit feest aan de haven van Pireus een tweede keer werd gevierd. Het kwam elk jaar tot ongeregeldheden en arrestaties van prelaten die, zo memoreert men binnen de Authentieke Kerk nog altijd met afgrijzen, soms werden geschoren en mishandeld.

Langzamerhand zijn de scherpste kantjes van dit conflict afgesneden, maar bij de verzachting van de onderdrukking deed zich een nieuw probleem voor: de Oude Kalender-aanhangers kregen onderling ruzie. Net als bij de protestantse kerken kwam het tot afsplitsingen. Momenteel zijn er al vier kerken van de Oude Kalender, alle met eigen aartsbisschop en synode. De vroegste, onder aartsbisschop Chrysóstomos, is nog altijd verreweg de grootste (800.000 aanhangers naar eigen telling), de tweede is klein en de andere twee zijn zeer klein. De geschillen zijn niet van theologische, maar van persoonlijke aard. Het gaat ook om het beheer van kerken en kloosters.

Elk jaar met Pasen komt voor de Oude Kalender de triomf. De Westerse paasdatum heeft de officiële kerk niet durven aannemen, dus kan Chrysóstomos poneren: zien jullie wel? Op Goede Vrijdag-avond, als uit alle kerken processies worden gehouden met het lege lijkbed van Christus, ga ik altijd even langs het kerkje van de Oude Kalender in de Plaka aan de voet van de Akropolis. Als de andere kerken met hun processie al weer `binnen' zijn, moeten zij nog naar buiten komen - zo serieus pakken ze dit feest aan.

De nieuwe en zeer actieve aartsbisschop van de officiële Orthodoxe Kerk van Griekenland Christódoulos schijnt nu de strijdbijl te willen begraven. Er zit een ontmoeting in de lucht tussen hem en Chrysóstomos - de andere drie aartsbisschoppen zijn van later zorg.

Tegelijk speelt zich echter nog een ander proces af. Zowel de Oecumenisch Patriarch in Istanboel als de paus zou erop uit zijn de paasviering in hun kerken te laten samenvallen. Er is meestal een verschil van één week, soms vijf weken, tussen de westerse en de oosterse paasdata, maar een enkele keer vallen ze samen (het heeft allemaal met de volle maan te maken). 2001 wordt zo'n jaar, op 15 april. En dat zou een goed uitgangspunt zijn voor een permanente paasharmonie.

Maar met een verzoening met de Oude Kalender valt zoiets niet te combineren en de Atheense aartsbisschop, anders dan de Patriarch, voelt niet veel voor toenadering tot de paus. Deze heeft via kardinaal Casidi te kennen gegeven, Athene volgend jaar graag te willen bezoeken in het kader van de viering van de tweeduizendste verjaardag van Christus. Met de Oecumenisch Patriarch wil hij ook een gezamenlijke mis opdragen, zoals hij dat onlangs deed met de Roemeense patriarch in Boekarest. Er is meer kans dat dit laatste doorgaat dan het eerste.