Gruwelijk verleden

25 September 1915. Nabij het Noord-Franse plaatsje Loos vraagt de Britse generaal Haig een sigaret. Met zijn adjudant staat hij op een pseudo-middeleeuwse fantasietoren met prima uitzicht over het front. Samen kijken ze waarheen de sigarettenrook waait. Naar de Duitse linie. Na een kwartier peinzen geeft Haig het bevel. Vijfduizend cilinders met chloorgas worden opengedraaid. Maar na aanvankelijk succes loopt de massale Britse aanval stuk op de tweede linie van de Duitsers, áchter de door Brits gas geteisterde eerste loopgraaf. Twee dagen later zijn 43.000 Britse doden en gewonden te betreuren. Das Leichenfeld Loos, noemen de Duitsers het gebied. Als moeders wasgoed op wasdag hingen de doden in het prikkeldraad, vertelt een stokoude veteraan.

Oorlog is een gemakkelijk onderwerp voor de documentairemaker. Het verhaal is al gauw emotionerend, het verloop is bijna altijd spannend en de chronologische opbouw is probleemloos. Niet voor niets biedt Discovery Channel iedere dag wel een paar Wereldoorlog-documentaires, en die zijn lang niet slecht. Maar de documentaireserie Western Front, die de BBC nu in hoog tempo uitzendt (op zaterdag en donderdag), steekt duidelijk boven het gemiddelde uit. Samensteller en presentator Richard Holmes beent voortdurend grimmig door het prachtige Franse landschap en hij heeft een goede neus voor veelzeggende details. De sigaret van Haig bijvoorbeeld. Of het verhaal van de enthousiaste chemicus die met een gasfles in het huidige landschap de fijne kneepjes van dit gruwelijke wapen uitlegt.

Gruwelijk is ook het verhaal over de Britse opperbevelhebber John French die massale aanvallen in Frankrijk afkeurt, omdat die te veel slachtoffers zullen kosten. De Britten verwachten meer effect van aanvallen op de zwakkere Duitse bondgenoten Oostenrijk en Turkije. Maar de Fransen die hun grondgebied willen bevrijden, willen de Duitsers aanvallen. Om zoveel mogelijk soldatenlevens te sparen, zet French in september 1915 de onervaren reserves op afstand van het front: uit angst dat ze te vroeg zullen worden ingezet en nodeloos afgeslacht. En dus komen deze versterkingen te laat bij de tweede linie aan om de strijd bij Loos te forceren en dus is alles voor niets geweest.

Sinds het enorme succes van de documentaire Shoah van Claude Lanzmann (1985) zijn verhalen door (bejaarde) ooggetuigen en beelden van het huidige landschap vanzelfsprekende ingrediënten van historische documentaires geworden. En terecht. Dat ook over langer vervlogen tijden nog genoeg `getuigen' te spreken zijn, toont de Amerikaanse schrijver H.L. Gates, die voor de BBC de vergeten geschiedenis van Afrika uit de doeken doet in Into Africa. Afgelopen zaterdag vertelde hij op locatie het verhaal van de West-Afrikaanse koninkrijken die vanaf de zestiende eeuw de in totaal elf miljoen slaven leverden aan Europese handelaren. De smoesjes van een nazaat van de toenmalige Ashanti-koningen zijn onthutsend. ,,We wisten niet dat het zo erg was op de slavenschepen. Anders hadden we het nooit gedaan.'' Een vrouwelijke hoogleraar geschiedenis uit Ghana weet wel beter: alles geschiedde met koninklijke toestemming.

De vele Afro-Amerikaanse toeristen reageren geschokt op dit politiek incorrecte nieuws. Ze beschouwen de slavenkastelen aan de kust als hun eigen Auschwitz, en nu blijkt de lucratieve handel zelfs het fundament van de anders zo verheerlijkte Afrikaanse koninkrijken!

In de havenplaats Ouidah maken de duizenden (zwarte) nakomelingen van de zestiende eeuwse Portugese slavenhandelaar Francesco Felix de Souza nog altijd de dienst uit. Volgens het huidige familiehoofd was die handel goedbedoeld: ,,Souza moest ze wel verkopen, anders zouden die mensen geofferd worden.'' Maar Martine, die Gates rondleidt, schaamt zich diep voor haar voorouder. Samen lopen ze naar het strand waar de slaven werden ingeladen. Het zand ligt nog altijd bezaaid met aardewerk en glas. En met gebroken Hollandse pijpen.