Bestuur tafeltennisbond heeft geen visie

De Nederlandse equipe stelde teleur bij de WK tafeltennis. Een mogelijk vertrek van bondscoach Peter Engel zal de problemen niet oplossen.

Als een geslagen hond slofte bondscoach Peter Engel de afgelopen dagen door het sportcentrum in Eindhoven, waar de Nederlandse tafeltennissers op de wereldkampioenschappen in eigen land slechts figuranten waren. Maar ook Joop Alberda, technisch-directeur van NOC*NSF, kon gisteren na de pijnlijke nederlaag van het dubbel Danny Heister/Trinko Keen tegen het gelegenheidsduo Tan/Leung de conclusie trekken dat de Nederlandse tafeltennisbond (NTTB) volgend jaar slechts een mini-equipe zal afvaardigen naar de Spelen van Sydney.

De kans lijkt klein dat Engel daar zelf getuige van zal zijn, want met de voornaamste olympische kandidaten Heister en Keen heeft de Duitse trainer formeel geen bemoeienis. De nummers één en twee van Nederland laten zich tegenwoordig begeleiden door de Chinese coach Yang, bij het Duitse Bad Honnef tevens de trainer van Keen en tegelijkertijd zakenman met diverse belangen. Maar bij een bond waar de spelers en hun privé-trainers de dienst uitmaken, is iedere bondscoach gedwongen een knieval te maken. Hoewel Engel stapsgewijs is gedegradeerd tot een souffleur op afstand – ook de vrouwen hebben zo hun eigen goeroes gevonden – wordt hij nu vreemd genoeg alleen verantwoordelijk gesteld voor de povere resultaten in het post-Vriesekoop tijdperk.

Het dreigement van Engel om na de WK te vertrekken bij de NTTB klonk als de wanhoopskreet van een coach waar bijna niemand nog naar luistert. Zijn principiële verzet tegen de omstreden uitspraak van de arbitragecommissie om de door hem geweerde Diana Bakker alsnog naar de WK af te vaardigen, is slechts de verpakking van diepgewortelde frustraties over een machteloze bond zonder visie en geld. Op het besluit van Engel om de zich als een recreant gedragende Bakker niet te selecteren, viel weinig af te dingen. Met de uitspraak dat ze de WK als een welkome voorbereiding zag op de Europa-Cupwedstrijd van haar nieuwe club De Borgmeren bevestigde Bakker de indruk dat ze ook tijdens het mondiale toernooi nog met vakantie was.

Toch was het een goedkope actie van Engel om zijn gezag uitgerekend te laten gelden tegenover de nummer 125 van de wereld, want niet eerder sinds zijn aantreden in 1995 sloeg hij zo nadrukkelijk met de vuist op tafel. Bettine Vriesekoop legde dan ook de vinger op de wonde met haar opmerking dat niet de arbitragecommissie de geloofwaardigheid van de bondscoach heeft ondergraven, maar Engel zelf door ,,na vier jaar pappen en nathouden'' plotseling de hakken in het zand te zetten. Zo rechtlijnig heeft Engel zich nooit gedragen in eerdere conflicten met vedetten als Vriesekoop, Hooman en de huidige paradepaardjes Heister en Keen. Zij waren te belangrijk om door Engel openlijk te worden gebruskeerd.

Maar mag de bondscoach alleen worden afgerekend op een gebrek aan charisma en een wellicht te fletse persoonlijkheid? De Nederlandse tafeltennissers hebben blijkbaar een slecht geheugen. Na Milan Stencel, Jan Vlieg, Dusan Tigerman en de Chinees Li Shu Ju – allen in het buitenland gerespecteerde topcoaches – dreigt nu Engel het slachtoffer te worden van de traditionele naijver in de NTTB. De verschillende kampen in de Nederlandse pingpongwereld gunnen elkaar al sinds jaar en dag het licht in de ogen niet en diverse bondsbesturen zijn er nimmer in geslaagd een sfeer van harmonie te creëren.

De critici van Engel hebben een slecht geheugen. Voor de enige talenten die Nederland nog mag koesteren, de 19-jarige Jorg de Cock en de twee jaar jongere Kalun Yu, heeft Engel de weg geplaveid naar de top. De Cock bracht hij eerst onder in de Bundesliga en nu in Oostenrijk, voor Yu regelde hij op basis van zijn uitstekende contacten in het buitenland talrijke trainingsstages. En is Gerdie Keen vergeten op wiens schouders zij huilde van vreugde nadat ze zich drie jaar geleden in Manchester plaatste voor de Spelen van Atlanta? Alleen dankzij de enorme inzet van Engel bereikte de in Eindhoven teleurstellende Keen het beste resultaat in haar carrière na de finaleplaats op de EK in 1994 in Birmingham.

Engel heeft bovendien moeten woekeren met een minimaal budget. Terwijl de NTTB goede sier maakt met het organiseren van topevenementen in eigen land, mag de bondscoach al blij zijn met drie centrale trainingen per week die bovendien slecht worden bezocht. ,,Alsof ik op basis van die paar trainingen aan de lopende band wereldkampioenen kan afleveren'', mokte Engel gisteren. Zijn terechte conclusie: ,,De resultaten op deze WK vormen een perfecte afspiegeling van de omstandigheden waarin ik moet werken.'' Hoewel bestuurder Ton van Happen ooit is aangetrokken om sponsors te werven voor de NTTB heeft hij in al die jaren nog geen dubbeltje binnengebracht, zelfs niet na de successen van de mannenploeg op de EK vorig jaar in Nederland.

Engel moet ondertussen werken met pseudo-topsporters die zich dezelfde rechten menen toe te eigenen als Vriesekoop destijds. Maar het chronische gebrek aan vers bloed in het Nederlandse tafeltennis is met zijn – al dan niet gedwongen – vertrek niet opgelost. Om nieuwe talenten te kweken, zal eerst een drastische mentaliteitsverandering moeten plaatsvinden in de dorpsclub die NTTB heet. Het is een sombere gedachte voor Engel dat hij de huidige generatie tafeltennissers in dat opzicht definitief kan afschrijven.

    • Robèrt Misset