Servische oppositie blijft verdeeld

De Servische Vernieuwingsbeweging (SPO), de belangrijkste oppositiepartij in Servië, weigert in zee te gaan met de rest van de Servische oppositie. Dat heeft gisteren SPO-leider Vuk Draškovic gezegd.

De SPO, aldus Draškovic, zal zich niet aansluiten bij de Alliantie voor Verandering, de overkoepelende organisatie waarin alle andere oppositiepartijen en -groeperingen zich hebben verenigd. Volgens Draškovic moeten alle partijen in Servië zich afzonderlijk aan de kiezer presenteren. Pas na een zege bij de vervroegde verkiezingen die de oppositie eist, moet over samenwerking worden gepraat. In de tussentijd moeten de SPO en de Alliantie zich onthouden van aanvallen op elkaar.

Op een persconferentie in Belgrado viel Draškovic opnieuw uit naar de internationale gemeenschap en de vredesmacht in Kosovo, KFOR. Volgens hem wordt er in Kosovo niets gedaan om de Serviërs, slachtoffers van ,,een exodus, een etnische zuivering'', te beschermen. Ze genieten ,,geen enkele bescherming'', aldus Draškovic. ,,En dat is koren op de molen van de anti-Europese krachten in Servië en president Miloševic.''

De SPO, de enige oppositiepartij die in het Servische parlement is vertegenwoordigd, wil zich niet aansluiten bij de verenigde oppositie, maar ze heeft ook een aanbod van de regerende socialisten van Miloševic afgewezen om in de regering te gaan zitten. De Servische premier, Mirko Marjanovic, slaagde gisteren niet in zijn opzet een ,,regering van nationale eenheid'' mèt de SPO te vormen.

In Montenegro stond gisteren de eenheid van de oppositie in Servië centraal in besprekingen tussen de Amerikaanse Balkangezant Robert Gelbard en leiders van de Alliantie voor Verandering.

Gelbards bezoek aan Montenegro is door de staatsmedia in Belgrado hard veroordeeld. Ze vonden dat Gelbard en de ,,verraders'' en ,,binnenlandse quislings'' met wie hij in Montenegro sprak ,,uit zijn op het voltooien van de klus die de NAVO in 78 dagen [van bombardementen] niet kon klaren''. (Reuters, AP, AFP)