Loon zorg stijgt sneller dan elders

De zorgsector heeft tien nieuwe CAO's. De werknemers gaan er meer op vooruit dan die in het bedrijfsleven.

Het personeel in de zorgsector gaat er dit en volgend jaar meer in salaris op vooruit dan de gemiddelde werknemer in het bedrijfsleven. De onlangs afgesloten CAO's in de gezondheidszorg voorzien in een salarisverhoging van 3 tot 4 procent. Elders op de arbeidsmarkt stijgen de lonen gemiddeld bijna 1 procent minder.

Vorige week werd overeenstemming bereikt over de laatste van de tien CAO's in de zorgsector, die voor de gehandicaptenzorg (100.000 werknemers). Tot dusver zijn nog maar enkele van de nieuwe CAO's door de achterban van vakbonden en werkgeversorganisaties goedgekeurd. Dit is onder meer het geval bij de CAO voor de ziekenhuizen voor 155.000 werknemers. Deze CAO is niet de grootste, maar geldt wel als trendsettend. Hij voorziet in een loonstijging per 1 juni 1999 met 3 procent en per 1 juni 2000 met 2 procent. In december ontvangt de werknemer voortaan jaarlijks nog eens een uitkering van 1 procent van het jaarinkomen, dat is 0,25 procent meer dan de uitkering die tot dusver `eenmalig' werd uitgekeerd.

De tot 1 maart 2001 lopende CAO voorziet bovendien in een eenmalige uitkering op 1 januari 2001 van 1 procent van het jaarinkomen. De CAO voor de 57.000 werknemers in de geestelijke gezondheidszorg kent dezelfde loonstijging.

De grootste CAO, die voor de verpleeg- en verzorgingshuizen, komt op hetzelfde niveau uit. De 192.000 werknemers zagen op 1 juli hun salaris met 3 procent stijgen. Op 1 juni komt daar nog eens 2,25 procent bij. In december krijgen ze ieder jaar ook nog een uitkering van 0,9 procent van het jaarsalaris.

Ook de CAO voor de thuiszorg pakt bovengemiddeld uit. Zo kregen de 160.000 werknemers er op 1 juli 4 procent loon bij. Op 1 juli 2000 komt daar nog 1,5 procent bij en in december 2000 een eenmalige uitkering van 0,5 procent van het jaarsalaris. De toeslag voor onregelmatig werk stijgt met zo'n 20 procent. Bovendien wordt de werkweek één uur korter en komt daarmee op 36 uur.

De CAO voor de gehandicaptenzorg is de enige die maar voor één jaar (tot 1 april 2000) geldt. Per 1 juli krijgen de werknemers er 3 procent loon bij en in december een (structurele) uitkering van 0,75 procent van het jaarsalaris. Op 1 maart krijgen degenen die werken in de dagverblijven vervangende tehuizen nog eens een loonsverhoging van 0,3 procent. Dit is nodig om de achterstand van deze groep werknemers ten opzichte van de andere medewerkers in de gehandicaptenzorg weg te werken. De CAO's van deze groepen zijn vanaf 1 april namelijk samengevoegd.

Met name in de ziekenhuizen en in de geestelijke gezondheidszorg gaan niet alleen de werknemers, maar ook de vakbonden en de daarbij aangesloten beroepsorganisaties er zelf ook fors op vooruit. Zo betalen de werkgevers de bonden voor elk lid vanaf 1 april 25 gulden per jaar (dit was tot dusver tien gulden). Ook gaan de ziekenhuizen en inrichtingen minstens de helft van de contributie vergoeden die hun werknemers betalen voor hun beroepsvereniging zoals die voor de operatie-assistenten of de Koninklijke Nederlandsche Maatschappij tot bevordering der Geneeskunst. De partijen gaan ervan uit dat daardoor medewerkers worden gestimuleerd lid te worden van hun beroepsvereniging.

Onder de nieuwe CAO krijgt de AbvaKabo van de ziekenhuizen er naar schatting 425.000 gulden bij, en ontvangt daarmee in totaal zo'n 700.000 gulden, en NU91 ziet haar inkomsten met 180.000 gulden stijgen tot 300.000 gulden. De CFO krijgt van de ziekenhuizen ruim 80.000 gulden extra. Voor NU91 kan er nog meer in het vat zitten als deze vakbond er in slaagt de koepelorganisatie van verzorgenden en verplegenden om te zetten in een bij haar aangesloten beroepsorganisatie.