Kleine en grote films in Locarno

`Grazie Raimondo', is door heel Locarno te lezen op de gele posters met luipaardprint die ter gelegenheid van het 52ste Festival Internazionale del Film Locarno in de Zwitserse stad zijn opgehangen. Het is een wat crue verwijzing naar vorig jaar, toen festivaldirecteur Marco Müller na onenigheid met het bestuur van het festival over de te volgen koers dreigde op te stappen en sympathiserende bezoekers zich met hoedjes met het opschrift `Grazie Marco' (`bedankt Marco') hadden getooid. Cinefilie versus commercie was de inzet van het conflict, dat nu met het afscheid van bestuursvoorzitter Raimondo Rezzonico in Müllers voordeel beslecht lijkt. Ook het achtste festival onder zijn leiding moet met een nadruk op vernieuwende en onbekende `wereld'-films samen met Rotterdam en ná de trias Berlijn, Cannes en Venetië, het vierde belangrijke filmfestival van Europa zijn, in plaats van een vergaarbak van avant-premières, zoals Rezzonico cum suis voor ogen stond.

Het programma is voorlopig nog een combinatie van beide gedragslijnen. Met grote publieksfilms als Pushing Tin (Mike Newell, vanaf eind november in de Nederlandse bioscopen), Bowfinger (Frank Oz, met Eddie Murphy en Steve Martin, vanaf half oktober in Nederland te zien) en een aantal kleinere artfilms als Fenkuang yingyu van Zhang Yuan (East Palace, West Palace) en Kukujiro no natso van Takeshi Kitano (Hana-bi). Ze worden buiten competitie vertoond op de Piazza Grande, waar traditiegetrouw elke avond ruim 7000 mensen getuige zijn van `cinema onder de sterren' en waar een scherm van 26 bij 14 meter en openluchtprojectie voor een adembenemende filmervaring zorgen. Daar ook werd gisterenavond het festival geopend met de wereldpremière van Régis Wargniers Est-Ouest, een effectief doch ouderwets aandoend melodramatische relaas van geëmigreerde Russen die in de jaren veertig door Stalin werden aangespoord terug te keren naar moedertje Rusland, maar daar als spionnen en landverraders werden uitgekotst. Hoofdrollen worden gespeeld door een sereen-mooie Sandrine Bonnaire, Catherine Deneuve op haar aller-diva-best en Sergej Bodrov jr., de veelbelovende Russische acteur die eerder gunstig opviel in Brat. Wargnier werd afgelost door Joe Dante, na zijn ere-Luipaard dat hij vorig jaar in ontvangst mocht nemen een echte lieveling van het festival, die eveneens op de Piazza Grande de director's cut van Matinee vertoonde. Matinee is een bij vlagen hilarische ode aan de cinefilie, de B-film en de vindingrijkheid die hij en de andere leerlingen van Roger Corman, de beroemdste B-filmer aller tijden, tentoon hebben gespreid. De klas van Corman staat centraal tijdens het door sommigen al tot hoofdprogramma bestempelde nevenprogramma `Classe 1970 – Joe Dante et les Cormaniens'. Het is een indrukwekkende retrospectief, een festival op zich, met trailers, pulp- en cultfilms als The Incredible Shrinking Man, The House on Haunted Hill (de inspiratiebron voor Jan de Bonts recente The Haunting), Bucket of Blood en Death Race 2000. Het is beslist een aardig vooruitzicht om af te wachten wat de internationale vakjury die onder voorzitterschap staat van de maker van die laatste film (Paul Bartel) uit een twintig titels tellende competitieprogramma met veel onbekende en fragiele films als `vernieuwend' zal gaan benoemen.

    • Dana Linssen