Een pelgrimage voor fijnproevers

Lopen van burcht naar kathedraal. Copieus lunchen in de schaduw van een middeleeuwse stadsmuur. Vriendelijke monniken en kleurrijke tradities: wandelen in Italië staat garant voor veel historische ontmoetingen. Deel 8 in een serie over wandelen in Europa.

Het was een groen-gele slang die mij een term ontlokte waarvoor ik me nu nog schaam. Het dier kronkelde met zo'n snelheid achter me langs op een bospad, dat ik één milliseconde dacht dat hij in mijn broekspijp zou kruipen. De slang hoorde zijn aanwezigheid prijs te geven, want tenslotte was het hier niet anders dan paradijselijk te noemen. We spreken, voor alle duidelijkheid, over Umbrië.

Het begon met een klein boekje en eindigde met een reeks wandelingen. `Een Franciscaanse voetreis' telt 82 pagina's, beschrijft ruim 270 kilometer wandelroute en wordt bijeengehouden door twee nietjes. De detailkaarten en de routebeschrijving léken vrij van onduidelijkheden. Dat zou later anders blijken, maar toen was een schitterende tocht allang een feit.

Franciscus trok begin dertiende eeuw te voet naar Rome. Langs welke wegen weet niemand. Wel waar hij verbleef en waar hij zijn geloof in liefde en eenvoud predikte. Langs die plekken voert de tocht. De reis begint in Assisi met een lichte ontzetting. Helemaal vergeten dat de terra moto hier in 1997 verwoestend heeft huisgehouden. De St. Franciscusbasiliek is zwaar beschadigd en voor een deel gesloten.

Met enige schrik bekijk ik ook het thermometertje. Eind juni is het niet anders dan heet te noemen, snikheet zelfs. Gelukkig blijkt dat het zelfs boven de dertig graden goed lopen is, als je maar genoeg water drinkt. De Nederlandse wandelaar moet wel bedenken dat hitte en dorst de greep op zijn beperkte vocabulaire kan aantasten. Het kan gebeuren dat hij op een terras zich bij de serveerster verontschuldigt voor zijn bezwete en vermoeide uiterlijk met `stronzo', terwijl hij `stanka' bedoelt. Maar dat is voor de fijnproevers. Heel Italië is trouwens voor de fijnproever uitgevonden. Tot in de verste uithoeken biedt het land het lekkerste eten. De aantekeningen melden: ansjovis, kaas, worst, kersen, komkommer, ham en pruimen als onderdeel van een lunch buiten de stadsmuur van Bevagna.

Wandelend door de bossen, langs akkers en over weilanden zou je haast vergeten dat het hier lang onrustig is geweest. Spello, Monte Falcone, Bevagna, Spoleto, Ferentillo, het zijn evenzovele welluidende namen voor strategisch gelegen vestingsteden. En hoe het komt, komt het, die steden zijn als door de beste ontwerpers esthetisch in het landschap neergezet. Het landschap dat zelf ook een eigen onrust kent.

In Ferentillo toont de eigenaar van Albergo La Mura de scheuren in het plafond. Veel mensen hebben Ferentillo na de bevingen verlaten. De uitbater van het Museo delle Mummie, in hetzelfde dorp gelegen, klaagt dat na de terra moto niemand meer komt. Zonde, want die zeldzaam mooi geconserveerde mummies zijn een omweg waard. De geestelijken die hen begroeven documenteerden hun leven en overlijden. Zo weten we dat het jonge Chinese echtpaar op weg was naar Rome toen zij door de pest werden ingehaald. De jonge Fransman die zich uit de legertros van Napoleon had losgemaakt werd voor zijn terechtstelling gemarteld. En de advocaat is met tientallen messteken vermoord.

Ook de weg van Ferentillo naar Polino leidt door een prachtig landschap, maar de schoonheid van de groene heuvels blijft verraderlijk. ,,Soms wordt het pad even onzichtbaar', zegt het wandelgidsje, maar dat blijkt al geruime tijd het geval. Uren later bereiken we het gehucht Polino, we zijn dan vele schrammen rijker. Bij de waterplaats kijkt de verhitte wandelaar op: schoten? Ja, schoten. De schutters vieren feest in kledij uit langvervlogen tijden en de kinderen trekken frisgewassen in witte gewaden door het dorpje.

Ook het volgende deel van de routebeschrijving blijkt valstrikken voor de wandelaar te spannen, zo zeer zelfs dat de wandelaar uiteindelijk moet liften naar Poggio. Maar zoals dat steeds is gelopen op deze reis, net als je bedenkt dat er iets verkeerd is gegaan, manifesteert zich een plezierige verrassing. In Poggio in de persoon van een oude Franciscaan die het klooster geheel belangeloos opent ter overnachting.

Kortom, Umbrië is niet voor mensen die allergisch zijn voor genot. Weliswaar stuurt de routebeschrijving na Poggio de wandelaar uiteindelijk geheel het bos in, maar na alle avonturen doet dat er weinig toe. De route die in `Een Franciscaanse voetreis' wordt beschreven is zowel voor de verwende hotelgast als de ascetische wildkampeerder te doen. Trouwens, de slang was onschuldig.

Een Franciscaanse voetreis: beschrijving van een route voor

voetgangers van Assisi naar Rome. ƒ19,50. Bij de gespecialiseerde kaart- en reisboekwinkels en bij de Franciscaanse Samenwerking,

Oude Gracht 23, 3511 AB Utrecht, 030-2319321.

Umbrië. In de voetsporen van Franciscus door Gerard Pieter Freeman. Herdruk '98. Uitg. Gottmer

ISBN 90 257 2994 0. ƒ34,90