Overgenomen NIPO mikt op versterkte groei

Het NIPO is eind vorige week overgenomen door de Britse research-gigant Taylor Nelson Sofres. Voor directeur Ted Vonk betekent de samenwerking groei in Nederland, in het buitenland en op Internet.

Hij moest ervoor van vakantie terugkomen. ,,De overnamedatum is pas bekend geworden toen de vakantie al begonnen was'', legt de zongebruinde NIPO-directeur uit. Desondanks is het een feestelijke dag, met champagne voor alle driehonderd medewerkers.

De samenwerking met Taylor Nelson is volgens Ted Vonk een strategische beslissing om op de lange termijn door te kunnen groeien. ,,We moeten rekening houden met de globalisering van het bedrijfsleven. Multinationale klanten werken graag samenwerken met internationaal opererende onderzoekbureaus. We liepen zelfs in Nederland opdrachten mis omdat we dat niet waren'', zegt Vonk. ,,Morgen zijn we nog precies hetzelfde bedrijf als vandaag. Pas over twee jaar zul je de veranderingen zien.''

Het Nederlands Instituut voor de Publieke Opinie (NIPO), opgericht in 1945 door pioniers Stapel en de Jonge, is het grootste marktonderzoekbureau van de Benelux. ,,We zijn marktleider in Nederland en een goed renderend bedrijf. Dankzij ons zit er nog groei in het Nederlandse marktonderzoek'', zegt Vonk. Ondanks de onderbroken vakantie komt de overname, volgens de directeur, precies op het goede moment. ,,Door de wereld van het marktonderzoek raast een overnamegolf. Grote bureaus kopen alle goede clubjes op. We zijn door dertien bureaus benaderd. Taylor Nelson was voor ons de meest geschikte kandidaat. We kunnen hun werelddekking goed gebruiken, en het biedt zowel ons bedrijf als ons personeel de mogelijkheid om door te groeien.''

Taylor Nelson kan volgens Vonk profiteren van de onderzoeksprogrammatuur die het NIPO met succes ontwikkelt. Vonk: ,,We verkopen software van Scandinavië tot Azië.''

De toekomst van het marktonderzoek wordt gedicteerd door de informatietechnologie. ,,Marktonderzoek verandert totaal door Internet'', zegt Vonk. ,,Taylor Nelson en wij lopen daarin voorop.'' NIPO gaf al in 1995 duizend huishoudens een pc op voorwaarde dat de ontvangers wekelijks aan een onderzoek mee zouden doen. Nu doen ruim 12.000 mensen via e-mail aan NIPO-enquêtes mee. ,,Mensen antwoorden niet meer op schriftelijke of telefonische vragenlijsten. De respons is soms maar tien procent. Internet is het ideale middel om ook hoogopgeleide mensen te kunnen bereiken.'' Het geld dat voorheen naar de enquêteurs ging, krijgen de respondenten nu zelf.

De automatisering ten spijt kampt NIPO nog altijd met een enorm personeeltekort. Naast de driehonderd vaste medewerkers heeft het bureau 2000 telefonisch enquêteurs en 800 ondervragers die met een laptop huis-aan-huis-enquêtes doen. ,,Daarvan zouden we er nog zo 600 kunnen gebruiken'', zegt Vonk. ,,We zijn een telefooncentrum in Luxemburg begonnen omdat hier geen meertalig personeel te vinden was.''

Taylor Nelson Sofres betaalt hooguit 110 miljoen gulden voor het NIPO: 40 miljoen direct, de rest verspreid over drie jaar en afhankelijk van de winstgevendheid van het onderzoekbureau. ,,Als we normaal presteren krijgen we die 110 miljoen'', zegt Vonk. ,,90 procent cash en 10 procent in aandelen.''Het Britse concern groeit de laatste jaren snel door een reeks overnames. Eind 1997 nam Taylor Nelson het Franse onderzoekbureau Sofres over. Daarmee werd Taylor Nelson Sofres het grootste marktonderzoekbureau van Europa en de vierde wereldwijd. Taylor Nelson Sofres was vorig jaar goed voor een omzet van 1,1 miljard gulden en boekte een winst van 63 miljoen. Het concern heeft 4830 werknemers en doet onderzoek in meer dan 80 landen.