Lichtpuntjes

In het begin leek het erop dat het programma Zomergasten gisteravond zou ontaarden in zelfzuchtig zwelgen in een verondersteld gebrek aan macht van televisieprogramma's. Als eerste in een nieuwe serie van vier avondvullende programma's (geleid door Adriaan van Dis) mocht tv-presentator Sonja Barend haar keuze van tv-fragmenten laten zien en toelichten. Zo'n dertig jaar maakt Barend nu televisie, en nog altijd is er overal geweld en misdaad in de wereld. De fragmenten over Kosovo en Rwanda bewezen het: televisieprogramma's hebben misdaad en massamoord niet de wereld uitgeholpen. En ook racisme is overal.

Tja, wie had het ooit anders gedacht? Veel diepgang kreeg het onderwerp niet, want meer dan wat meejammeren deed Van Dis niet. Terwijl er vragen genoeg zijn. Zouden zònder televisie wel zo veel massale hulpacties worden georganiseerd? Heeft de TV dan geen ènkele invloed? En passant noemt Barend bijvoorbeeld zichzelf (`Ik had de eerste homo op tv') maar vooral Jos Brink en Paul de Leeuw als belangrijke figuren in de maatschappelijke acceptatie van homoseksualiteit. Maar ook die mogelijke invloed van tv werd weggejammerd. Van Dis: ,,Is het acceptatie of onverschilligheid?''

Ja, de mensen in Nederland zijn beter gaan praten, geeft Barend als enige lichtpuntje na 30 jaar tv, omdat de mensen nu zo veel vaker goed horen praten op televisie. Maar bij dat inkijkje in de waarschijnlijk gigantisch grote culturele invloed van tv bleef het. Want het ging gisteravond niet om de kwestie, het ging om emoties. Typisch televisie dus: indrukwekkende beelden met een al snel verzandende discussie.

Toch werd Zomergasten gisteravond een geslaagd programma. Want Barend had een uitstekende hand in het uitkiezen van fragmenten. Alles was goed. De fascinerende Amerikaanse anti-racisme-onderwijzeres die afwisselend leerlingen met blauwe en niet-blauwe ogen een vernederende kraag omdoet, de zeer emotionerende Rwanda-reportage, het adembenemende concert van Cecilia Bartoli, de hilarische condoom-sketch van Paul de Leeuw, de concertpianiste die zich bij de eerste orkestnoten realiseert dat ze het verkeerde concert heeft ingestudeerd maar vervolgens tòch de sterren van de hemel speelt; allemaal televisie waarbij je, zoals Barend goede programma's definieert, inderdaad `op het puntje van je stoel gaat zitten'. En door de eerlijkheid en onpretentieusheid van Barend vormde het gesprek met Van Dis een aangename omlijsting van die fragmenten. ,,Je hoopt dat de mensen een zo gewoon mogelijk gesprek hebben'', gaf Barend als omschrijving van een goed praatprogramma. En dat was het: vriendelijke, onzekere vakvrouw praat honderduit met gereserveerde, intellectueelachtige meneer.

De hoofdmoot van de fragmenten (en dus ook van het gesprek) ging over authenticiteit. En daarbij spraken de fragmenten voornamelijk voor zichzelf. Er zijn te weinig hoekige mensen op tv en veel te veel plastic mensen die gewoon hun rolletje spelen, oordeelden Barend en Van Dis terecht. Een van die dwarsliggers is aartsquerulant Willem Oltmans. En na een 15 jaar oud fragment van Van Dis' boekenprogramma met Oltmans, legde Barend haarfijn uit waarom Van Dis toen reddeloos ten onder was gegaan: ,,Alleen maar omdat je je geneerde om toe te geven dat je dat ene boekje niet gelezen had.'' Oftewel: eerlijkheid is de beste verdediging, zelfs op televisie. Maar de arme Van Dis wilde nòg niet toegeven dat hij indertijd misschien niet alles gelezen had: ,,Het zou kunnen, ik weet het niet.'' Maar zo gaf hij wel toe: `je kunt jezelf niet zijn'.

Ook het beroemde interview van Mies Bouwman met de jonge damkampioen Jannes van der Wal passeerde de revue, waarbij Van der Wal Bouwman volkomen in de war bracht omdat hij niet wilde antwoorden op de vraag naar zijn leeftijd. Jammer genoeg legde Barend niet uit waarom Van der Wal indertijd niet wilde antwoorden op die vraag. De damkampioen vertelde later dat hij gegeneerd had gedacht: `daar hadden we het nota bene in het voorgesprek nog over gehad!'