Drukwerk (1)

De komst van de zomer en de zomergasten herinnert me aan een verplichting. We zouden een brochure maken die de doorgaande toeristen moet wijzen op het belang van ons dorp als pleisterplaats met bezienswaardigheden, als een winkel- en dienstencentrum enz.

Gelukkig vallen mijn medebestuursleden van de ACAT, de vereniging van winkeliers en ambachtslieden in Thenon, mij niet al te hard over de vorderingen van deze publiciteit. Zij hebben het in deze tijd van het jaar te druk met de organisatie van een jaarlijks evenement, de `Brocante' (vrijmarkt) die op een weekend in augustus wordt gehouden.

Maar helemaal vergeten is het plan ook weer niet. Tijdens de bestuursvergaderingen wordt er wel eens een vraag gesteld. Vooral Eliane Stein, de apothekeres, onlangs als nieuwe penningmeester toegetreden, heeft er een handje van om af en toe een knuppel in het hoenderhok te gooien. Zij kan van die quasi onopzettelijke vragen stellen dan stralend rondkijken als een van ons in verlegenheid raakt. ,,Hoe staat het ook weer met de zaterdagmarkt voor levensmiddelen uit de streek?'' vraagt zij dan. En ze geniet zichtbaar wanneer onze voorzitter, Yves Pouyau, omslachtig en stotterend van onzekerheid uit gaat leggen dat hij van het plan afziet omdat ,,het misschien toch niet zo'n goed idee was''. Terwijl wij allen weten dat het plan door enkele winkeliers bij de gemeenteraad is getorpedeerd, omdat zij vrezen zaterdagklanten te zullen verliezen.

Maar Eliane heeft haar stille triomf al gevierd. En zo ook vroeg ze op een keer: ,,Zeg, was er niet ooit een plan om toeristen met folders te interesseren voor onze winkels?'' En weer die stralende blik achter haar brillenglazen die rondgaat om bij mij te blijven hangen.

Ik gun het sekreet haar plezier niet. ,,Nee'', zeg ik, ,,er was een plan om een folder te maken en die wordt nu ook inderdaad gemaakt. De opdracht is uit, we hebben een krediet van 25.000 frank. De producente, een grafisch ontwerpster, kan dit drukwerk maken voor die prijs. Het wachten is op de drukker in Limoges.''

Hierop valt eigenlijk niets meer te zeggen. Maar Nathalie Martin, onze secretaresse, legt ineens de drukproef op tafel. ,,Dit is de drukproef die we allemaal al gezien en goedgekeurd hebben'', zegt ze toonloos. Lief van Nathalie om zo voor me in de bres te springen. `t Zal wel komen omdat ik een goede klant ben van de zonnebank in haar schoonheidsinstituut. Hoe dan ook, het bestuur kan weer overgaan tot de orde van de dag.

Enkele dagen later vraagt burgemeester Bousquet me even bij hem te komen. Hij wil weten of het plan van de brochure nog doorgaat. Dat kan ik bevestigen en hij knikt instemmend. Dan kondigt hij aan dat er binnenkort bezoek `van hogerhand' te verwachten is. Het is de bedoeling dat er uitleg gegeven wordt over de besteding van een krediet voor de landelijke gebieden, waarvan ons bedrag van 25.000 deel uitmaakt. Er komt een mevrouw Dutilleul vragen stellen over de exacte besteding van de 25.000.

,,Natuurlijk heb ik dit zelf al voorbereid, dus maak je niet ongerust'', zegt hij ter opbeuring. En terwijl ik nog bij de deur sta roept hij gemeentesecretaris Odette Lacoste. ,,Odette, wees zo goed en maak een afspraak tussen meneer Stigen hier en madame Dutilleul. En zorg dat madame alle gewenste informatie krijgt.''

Vervolgens wendt hij zich weer tot mij. ``Allez, cher ami, bon courage!'' (sterkte).

En dat laatste, hoe vriendelijk ook bedoeld, stemt mij allerminst gerust. Want het betekent, in het jargon van de burgemeester, dat er in het komend gesprek wel eens een harde noot gekraakt zou moeten worden. Maar goed, we zien wel.

Ik besluit in elk geval Françoise Normand als secondant naar het gesprek mee te nemen. Zij heeft er tenslotte voor doorgeleerd, en zij wil ook vooruitkomen; ik ben maar een buitenlander in ruste, al ben ik ook erg nieuwsgierig.

De volgende dag al word ik gebeld door Odette Lacoste om af te spreken met madame Dutilleul.