Niemand zweet meer zelf

Met de voortdurend stijgende aandelenkoersen is geld verdienen met geld bijzonder profijtelijk. De zichtbare economie van rokende schoorstenen en rijdende vrachtwagens is overvleugeld.

Wie zweet nog zelf? Je moet het geld laten zweten. Geld met geld verdienen is zoveel profijtelijker. Het is evolutie van de economie. Van de mens die op het land werkte, naar de mens arbeidend in de nijverheid, daarna in de dienstverlening en nu in financiële speculatie en belegging.

Het geldbeheer van banken, verzekeraars en pensioenfondsen is de laatste jaren veel profijtelijker dan staal produceren. Of huizen en kantoren bouwen, of auto's assembleren of varkens houden, een olieraffinaderij exploiteren of containers vervoeren.

Burgers en geldbeheerders nemen sinds 1982 met alsmaar stijgende aandelenkoersen een voorschot op het economisch paradijs, dat lage rentestanden, lage inflatie, politiek-economische mondialisering en de technologische revolutie zullen brengen. De waarde van revolutieleider Microsoft op de effectenbeurs is 955 miljard gulden, meer dan de totale Nederlandse productie van goederen en diensten.

Vermogen wordt op vermogen gestapeld, en ook dat moet weer worden belegd. Aandelen als belegging worden schaars, en de schaarste pompt de koersen op. Economie en massapsychologie gaan hand in hand. De bomen groeien tot in de hemel, nu niet op last van linkse politici, maar van de kaste in krijtstreeppakken. Werknemers doen het met opties van de zaak, opties op de Optiebeurs, met beleggingen, zelfs met woningen. Allemaal kleingeld vergeleken met de duizenden miljarden die de financiële wereld tot zijn beschikking heeft, al is dat geld doorgaans weer bestemd voor de pensioenregeling van Jan Modaal.

Wie van huis uit geen financieel bedrijf is, staat voor de keuze: meedoen of achterblijven. En zo hebben bedrijven hun financiële afdeling opgewaardeerd tot een treasury, en zijn gemeenten, provincies, ziekenhuizen en non-profit instellingen gevolgd. Wie wil een dief zijn van zijn eigen portemonnee?

Financiële handel is grillig, niet alleen voor Zuid-Holland. Hunter Douglas, producent van onder meer Luxaflex, is de enige Nederlandse beursgenoteerde onderneming die haar eigen financiële handel apart in haar jaarverslag verantwoordt. Vorig jaar draaide de treasury per saldo niet eens quitte, maar in 1997 verdiende Hunter Douglas (voor rente en kosten) nog zo'n 150 miljoen gulden, bijna de helft van het bedrijfsresultaat van 340 miljoen.

De zichtbare economie van rokende schoorstenen en rijdende vrachtwagens is overvleugeld door een grotendeels onzichtbare economie, waarin geld doel, middel en startpunt is.

Beurzen zijn curieuze fenomenen: de winst van de een is niet het verlies van de ander. Iedereen kan winnen, of verliezen, het is alleen ongelijk verdeeld.

Hoeveel geld gaat er dagelijks om? Neem de handel op de Nederlandse valutamarkt. Dagelijks werd vorig jaar een bedrag van 41 miljard dollar omgezet, ruim drie keer zoveel als negen jaar eerder.

De dagelijkse omzet in de valutahandel van ruim 80 miljard gulden (bij een koers van twee gulden per dollar) komt overeen met de Nederlandse in- en uitvoer van een kwartaal. Om het anders te zeggen: economische transacties zijn per kwartaal goed voor twee dagen werk in de valutahandel, de andere 63 dagen is, ja wat is het eigenlijk? Handel? Speculatie? Tijdverdrijf?

ABN Amro, de grootste Nederlandse bank, verdiende vorig jaar op elke werkdag ruim 10.000.000 gulden (minus personeelskosten) met haar handel voor eigen risico op de financiële markten, in effecten, vreemde valuta en daarvan weer afgeleide contracten. En dan was 1998 nog een slecht jaar door financiële crises van Hongkong tot Sao Paolo.

Elke drie jaar turven de centrale banken van de grote industrielanden de activiteiten op de valutamarkt. Hun overlegforum, de Bank voor Internationale Betalingen, schat de omzet op 1.981.600.000.000 dollar. Per dag. De som van de handel van tienduizenden handelaren in de dealingrooms in de grote en minder grote financiële centra. Een elektronische kudde, die soms weet wat zij doet, soms ook niet, soms alles vertrapt, maar slechts een wijsheid kent. Tegen de kudde ingaan is vroeg of laat verliezen. Go with the flow. Op de mondiale valutamarkt, de grondstoffenmarkten, de aandelenmarkten en de nog veel grotere obligatiemarkten. Al het geld levert luxe problemen op. Tien jaar geleden verkocht de familie Van der Vorm de cruise-activiteiten van de Holland-Amerika Lijn en liet het geld in de beursgenoteerde HAL Holding zitten, die daarmee werd getransformeerd in een investeringsmaatschappij. Sindsdien heeft HAL diverse succesvolle investeringen gedaan, en weer afgestoten maar het geld in de kas, ruim drie miljard gulden eind vorig jaar, groeit harder dan de managers het kunnen investeren.

Een ander voorbeeld: in Nederland is zoveel geld in omloop bij bedrijven en (semi)overheidsinstellingen, dat grote banken veel te veel geld tijdelijk krijgen aangeboden. Vroeger wilden de banken dat wel hebben: het extra geld konden zij wel weer ergens voor kortere tijd wegzetten.

Het extra geld blies hun balans op en dat leverde banken bij (inter)nationale vergelijkingen een hogere klassering op. Niet dat `t veel hielp, want idereen deed het. Sinds een jaar of tien zijn er complexe regels: geld tijdelijk aantrekken en weer uitzetten kost de banken nu per saldo geld. Daarom moeten treasurers, zoals die van de provincie Zuid-Holland steeds vaker uitwijken naar andere, minder veilige bestemmingen voor hun kasgeld. In Nederland of daarbuiten.