Een eentonig kattenleven

Voor de zevende keer vindt deze zomer in Noord-Holland het reizend theater- en muziekfestival Karavaan plaats, van 15 juli tot 15 augustus. Een van de locatievoorstellingen van het festival is dit jaar Nero Corleone van het Edamse Speeltheater Holland, naar het gelijknamige kinderboek van de Duitse schrijfster Elke Heidenreich.

De voorstelling ging dinsdag in première, in het verweerde koetshuis van Landgoed Elswout in Haarlem. Het ruikt er naar stal, de vloer is bedekt met hooi. Op een baal zit een boer te slapen, bontmuts op het hoofd, grote laarzen aan de voeten.

Het begint veelbelovend. De boer (Jouke Lamers) wordt wakker en begint te vertellen over het nest poesjes dat onlangs op zijn boerderij het levenslicht zag. Onderwijl trekt hij zijn laarzen uit en pelt vele paren sokken van zijn voeten. Twee grijs-wit gestreepte sokken, een oranje en een diepzwarte. Opgerold in de bontmuts vormen ze al gauw een overtuigend kluwentje piepende katjes.

Nero Corleone kent meer mooie vondsten. Aan een hoek van een vaalwit kussen is een rood driehoekig lapje gestikt, waardoor het kussen zich tot een kip kan transformeren. Midden op de speelvloer, tussen het hooi, staat een kastje met twee paar klapdeuren. Jouke Lamers hangt er verschillende decortjes in: details van het boerenerf, de gevaarlijk uitvergrote kop van de waakhond. Zo tracht hij de vertelling die deze voorstelling is kleur te geven.

Lamers vertelt de levensloop van `maffiakat' Nero, die zijn vaderland Italië verlaat en met een sentimentele Duitse en haar goedwillende man verhuist naar Keulen. Zijn roodharige zusje, de domme, schele Rosa, neemt hij mee. In Keulen is hij binnen de kortste keren de Schrik der Achtertuinen, net zoals hij op het erf van zijn geboortehuis iedereen en alles stevig onder de duim had. Nero heeft een nietsontziende witte voorpoot, met vlijmscherpe nagels.

Er gebeurt een hoop in Nero Corleone, en toch is de voorstelling eentonig. Lamers' spel ontbeert contrasten. Van begin tot eind klinkt hij geëxalteerd en daardoor al gauw flets. Nero, na het sok-stadium een geestig popje met grote ronde ogen en lange pootjes, is de baas en blijft de baas. Zijn gemiauw klinkt rauw, zijn poot treft altijd doel. Nooit komt hij eens snorrend tot rust, of heeft hij een moment van inkeer.

Regisseur Onny Huisink liet veel kansen onbenut om de voorstelling, bedoeld voor kinderen vanaf vijf jaar, wat meer spanning te geven. Zus Rosa is en blijft niets meer dan een knollig rood poezenpopje. Waarom Nero zich over haar ontfermt, wat deze stoere kater precies voor haar voelt, blijft vaag. Rosa krijgt geen eigen stem en beweegt nauwelijks.

Ook de inbreng van de overige figuren is verwaarloosbaar. De kip die zich genoodzaakt ziet Nero elke dag van een vers ei te voorzien, wordt weinig meer dan een bangelijk kussen. De Duitse baasjes van Nero worden weinig meer dan kunstig gebalanceerde brillen op de ruggen van Lamers' handen, met een uitgestrekte middelvinger als neus.

De langdradigheid van Nero Corleone wordt eigenlijk alleen onderbroken door de liedjes van Guus Ponsioen. Even wekken een walsje, de tonen van een accordeon en van een piano, het Italiaanse platteland en de Keulse achtertuinen tot leven. En dan raast de voorstelling weer voort, op dezelfde toon, met dezelfde intentie.

Jeugdtheater: `Nero Corleone', door Speeltheater Holland in samenwerking met Stichting Leeuwenhart.

Regie: Onny Huisink. Muziek: Guus Ponsioen. Spel: Jouke Lamers.

Vanaf 5 jaar.

Gezien: 20/7, Landgoed Elswout, Haarlem. Aldaar tot 23/7.

Tournee t/m 12/12.

Inlichtingen 0299 37 22 95.