Voor Miloševic dringt tijd in Montenegro

Bereidt Slobodan Miloševic zijn vijfde oorlog voor? Volgens The Independent on Sunday recruteert de Joegoslavische leider een gewapende politiemacht in Montenegro, die mèt het federale leger het bewind van Milo Djukanovic moet verdrijven.

Als Miloševic geweld gebruikt tegen het bewind in Montenegro, zusterrepubliek van Servië binnen Joegoslavië, is een oorlog onvermijdelijk: Montenegro heeft geen leger, wel een goedbewapende politiemacht. Miodrag Vukovic, een medewerker van de Montenegrijnse president Djukanovic, zei tegen The Independent on Sunday dat een conflict in Montenegro de eerdere bloedbaden op de Balkan zou doen verbleken: ,,Je kunt dan Bosnië, Kosovo, alles vergeten.''

Al kort na het eind van de oorlog in Kosovo werd duidelijk dat Miloševic iets van plan is in Montenegro. Veel Joegoslavische troepen die in Kosovo waren gelegerd werden na hun aftocht naar de zusterrepubliek gedirigeerd. Het leek een bevestiging van een oude strategie van de Joegoslavische leider: na een nederlaag moet de aandacht worden afgeleid met gestook elders. Miloševic vreest rust en kalmte omdat de Serviërs zich alleen in een situatie van rust realiseren hoezeer de economische, politieke en sociale situatie in hun land onder Miloševic is gedegenereerd. Daarom moeten de Serviërs steeds opnieuw worden gemobiliseerd achter een heilige zaak.

De tijd is kennelijk gekomen om af te rekenen met Milo Djukanovic, sinds zijn aantreden als president van Montenegro, begin vorig jaar, de scherpste criticus van Miloševic in Joegoslavië. Djukanovic is voor Miloševic veel gevaarlijker dan de Servische oppositie. Hij is de baas op een deel van het grondgebied van Joegoslavië, hij controleert 's lands enige haven, hij zit in de Joegoslavische Defensieraad, hij controleert een deel van het federale parlement, hij geeft de Servische oppositie onderdak, hij laat vrije en kritische media toe.

Al voor de oorlog in Kosovo waren de relaties tussen Podgorica en Belgrado zeer slecht. Miloševic heeft er alles aan gedaan om de verkiezing van de pro-Westerse en hervormingsgezinde Djukanovic tot president te verhinderen. Montenegro weigert de federale regering in Belgrado (onder Miloševic' stroman Momir Bulatovic, voorganger en rivaal van Djukanovic) zelfs maar te erkennen.

De oorlog in Kosovo heeft de relaties verder onder druk gezet. Montenegro weigerde ondanks zware druk van het federale leger de door Miloševic uitgeroepen staat van oorlog uit te voeren, hield Montenegrijnse rekruten thuis, bood de NAVO faciliteiten in de havenstad Bar en op het verdere grondgebied van Montenegro aan, verwelkomde Miloševic' critici, schafte eenzijdig de visumplicht voor buitenlanders af en nam tienduizenden gevluchte Kosovaren op. Tegen diverse Montenegrijnse leiders lopen in Belgrado uitgeschreven arrestatiebevelen. De beschuldiging: verraad.

Van zijn kant liet Miloševic niets na om het de Montenegrijnen moeilijk te maken. In Servië zweeg het afweergeschut als de NAVO-vliegtuigen verschenen, in Montenegro schoot het afweergeschut van het federale leger daarentegen uit alle macht met de bedoeling NAVO-aanvallen op Montenegro uit te lokken en de Montenegrijnse bevolking tegen de NAVO en tegen Djukanovic op te zetten. Joegoslavische legereenheden bezetten de grenzen van Montenegro en hielden humanitaire hulp tegen, arresteerden journalisten op beschuldiging van spionage, vermoordden in enkele dorpen in Montenegro etnische Albanezen en probeerden de Montenegrijnse politie onder hun gezag te plaatsen. De Servische media scholden en schelden Djukanovic c.s. dagelijks uit voor verraders, separatisten en vijfde colonne.

Voor Miloševic dringt de tijd. Deze week beslist het Montenegrijnse parlement over een voorstel om een apart staatsburgerschap in te voeren – wellicht een eerste stap naar de afscheiding. Nog dit jaar wil Montenegro een referendum over de onafhankelijkheid houden. ,,De federale staat bestaat niet meer. Er is geen parlement en er is geen regering. Er is alleen Miloševic. We maken geen deel uit van Joegoslavië om door een andere federale staat te worden gefolterd'', zei Djukanovic eind juni.

Bij een referendum zou op dit moment een meerderheid van de Montenegrijnen voor onafhankelijkheid kiezen. Dat is minder vanzelfsprekend dan het lijkt: Montenegrijnen beschouwen zich als broeders van de Serviërs en velen zien zich zelfs als Serviërs. Traditioneel zijn de banden hecht, men spreekt dezelfde taal, schrijft in hetzelfde alfabet en hangt dezelfde orthodoxe godsdienst aan. Het was voor niemand een wonder dat de Montenegrijnen in 1991 bij het uitvallen van het oude Joegoslavië, anders dan de andere republieken, verkozen samen met Servië verder te gaan. Maar vier oorlogen op rij, een desastreus economisch, politiek en sociaal beleid door Miloševic, het internationale isolement van Joegoslavië, de oorlog tegen de NAVO om Kosovo en het Servische gestook hebben de solidariteit sterk ondermijnd. Als het tot geweld komt tussen Djukanovic' politietroepen en het federale leger, zou dat wel eens op een burgeroorlog kunnen uitlopen.