Whizz-kids geven computerles

Het onderwijs kan tegenwoordig niet meer zonder computers. Maar meestal kunnen leerlingen er beter mee overweg dan hun docenten.

Haar leerlingen zijn veel handiger op de computer dan zij. Als lerares Toos Langerwerf dienst heeft in de mediatheek, ziet ze soms opeens blote dames over het scherm zweven. ,,Zij brullen van het lachen, natuurlijk''.

Maar ze voelt zich niet ongemakkelijk bij de overmacht aan computerkennis van haar pupillen. Integendeel, ze schakelt ze in als het haar niet lukt om iets te printen of te scannen. ,,Soms zit ik vast. Dan roep ik zo'n joch en die krijgt me dan zo weer los.''

Langerwerf (62), lerares maatschappijleer en filosofie aan het Montessori College in Nijmegen, vond een computer altijd ,,een griezelig ding'' maar dat is voorbij. Ze begon een computercursus van school. Trots: ,,Ik surf nu op Internet.''

Het onderwijs kan niet meer zonder computers, zonder de informatie- en communicatietechnologie (ICT). Minister Hermans wil daarvoor vanaf 2003 zowel basisscholen als middelbare scholen 100 gulden per leerling per jaar geven. Tot die tijd krijgen de 220 scholen die al eerder geld kregen om te experimenteren met computeronderwijs, een lager budget. Op die manier kunnen de andere scholen hun achterstand inlopen. Scholen kunnen zelf beslissen of ze het geld besteden aan bijscholing van leerkrachten, apparatuur, systeembeheerders of aan software. Vandaag praat de Tweede Kamer over Hermans' plannen met de computers in de klas.

Vooral middelbare scholen zijn de laatste paar jaar hard bezig met de ICT-scholing van de docenten. Dat is belangrijk, omdat in het komend schooljaar op alle middelbare scholen het studiehuis wordt ingevoerd, waarbij de computer bij praktisch elk vak wordt ingezet.

Het is nog een hele klus om docenten daarvoor klaar te stomen. Vaak hebben ze niet of nauwelijks ervaring met de computer. De Onderwijsraad heeft minister Hermans geadviseerd meer geld uit te trekken voor computers in de klas, ook voor scholing van docenten.

Juno Jimmink en Oscar Steenmann (beiden 16) en Zoro Feigl (15) kunnen meepraten over docenten die niets van computers snappen. Juno: ,,We hebben op de schoolcomputers een bestandje geïnstalleerd waarmee je de poorten van andere computers openzet. Dan beweegt het cursorpijltje van een computer waar een leraar achter zit opeens de andere kant op. Da's vet goed.'' Zoro: ,,Ze weten er zo weinig van dat ze het soms niet in de gaten hebben dat er iets niet klopt. Dan denken ze dat het zo hoort.''

Terwijl ze in een Amsterdams Internetcafé een cola drinken, vertellen ze dat ze vorig jaar alledrie zijn blijven zitten in 3 Havo/VWO van het Montessori Lyceum Amsterdam ,,vanwege de computer''. Dagelijks zitten ze uren achter het beeldscherm. Op hun computer thuis, wel te verstaan. Op de schoolcomputers mogen ze alleen saaie dingen doen zoals zinnen ontleden en Franse woordjes oefenen. Surfen op Internet, e-mailen en spelletjes doen, dat is er niet bij. Daarop let een `banenpooler' die in het computerlokaal surveilleert. Dus is het wel grappig om onder haar toeziende blik een beetje te klooien, vinden ze.

Ze vinden het wel handig dat de leraren zo weinig weten. Zoro: ,,Ik heb een spreekbeurt gehouden over een boek dat ik niet gelezen had. De informatie had ik van Internet gedownload. Als je weet waar je goede uittreksels kan vinden, scheelt dat een hoop werk. Er zijn ook sites met kant-en-klare werkstukken.'' Inbreken op het computernetwerk van de school doen ze niet. ,,Te simpel'', zegt Oscar. ,,Bovendien hebben we er niets te zoeken, want de cijfers worden nog altijd op papier geregistreerd.''

Het Einstein Lyceum in Hoogvliet slaat de rapportcijfers wel digitaal op, maar inbraak in het systeem is nog niet voorgekomen. Plaatsvervangend rector J. de Kreuk kan zich best voorstellen dat een slimme leerling het in de toekomst een keer zal proberen. De Kreuk: ,,Voor hen is dat natuurlijk een sport.''

De Kreuk kan zich er niet echt over opwinden als whizz-kids af en toe programma's van Internet downloaden en samen `chatten', terwijl dat eigenlijk niet mag op de schoolcomputers. ,,Lang niet iedereen heeft thuis een mooie computer staan.''

Omdat computercursussen duur zijn en het budget beperkt is, leggen middelbare scholen een grote inventiviteit aan de dag om hun docenten zo goedkoop mogelijk te scholen. Een favoriete manier is een paar eigen docenten als ICT-trainer op te leiden. Op het Alberdingk Thijm College in Hilversum werd Peter du Bois, leraar Engels, daarvoor een jaar geleden gevraagd. Tot dan toe had hij de computer alleen als ,,een opgevoerde typemachine'' gebruikt. Oktober vorig jaar begon hij zijn collega's les te geven. Du Bois: ,,De meeste docenten moeten eerst de basisvaardigheden leren: ze moeten bijvoorbeeld leren omgaan met de muis. Sommigen, vooral de ouderen, hebben daar grote moeite mee. Er zijn er natuurlijk ook die al wat ervaring hebben.'' Du Bois behandelt onder meer Windows, Word, Excell, Powerpoint en Internet. ,,Bijna alle docenten zijn zich bewust van het belang van de cursus. Ze zetten zich er vaak enorm voor in. Maar er zijn er een paar bij waar ik zelfs grijze haren van krijg. Die zullen het nooit leren.''

Andere scholen maken gebruik van de voorsprong van leerlingen. Zo ligt op het Stedelijk Gymnasium Schiedam het beheer van de computers in handen van twee of drie leerlingen uit de hogere klassen. Conrector J. van der Maas: ,,Het kost ons niets, het werkt uitstekend en zij vinden het prachtig. Ze hebben als enige leerlingen de sleutel van het computerlokaal op zak en dat geeft ze een zekere status. Bovendien worden ze in noodgevallen wel eens uit een les geroepen om hulp te bieden aan een leraar die niet meer verder kan. Dat vinden ze schitterend natuurlijk.''

Ook op de Christelijke Scholengemeenschap Sprengeloo in Apeldoorn worden ,,slimme knapen uit de bovenbouw'' ingeschakeld, vertelt conrector A. van der Pot. Niet als systeembeheerders maar als docenten. Zij staan voor een klas vol echte docenten om ze wegwijs te maken op de computer. De leerling-docenten krijgen er vijftien gulden per uur voor.

Lerares Toos Langerwerf (62) begint na de zomervakantie met een vervolgcomputercursus die de school aanbiedt. ,,Ik zei tegen mezelf: `Je moet kiezen. Of je stopt met het onderwijs of je gaat mee met de nieuwe ontwikkelingen'.''

Er kleeft volgens Langerwerf eigenlijk maar één nadeel aan de computer. ,,Leerlingen kunnen geen pen meer vasthouden. Echt, een handgeschreven werkstukje is vaak nauwelijks meer te lezen.''