Verlies Bologna historische klap voor links Italië

Italiaans links heeft gisteren een historische nederlaag geleden in Bologna, een stad die sinds de oorlog in handen is geweest van linkse bestuurders. Dit lang onaantastbare rode bolwerk krijgt nu een rechtse burgemeester.

De nipte overwinning van ondernemer Giorgio Guazzaloca, die in de tweede ronde van de burgemeestersverkiezingen 1,3 procent meer kreeg dan zijn rivaal, betekent een trauma voor de Linkse Democraten, de grootste coalitiepartij. Bologna was de etalage van links, in de lange jaren van oppositie op landelijk niveau het concrete bewijs dat links effectief kon besturen.

De nederlaag is toe te schrijven aan een combinatie van factoren. De voor Bologna lage opkomst van 68 procent. Een slopende interne strijd in de lokale partijafdeling. Het onbehagen van kiezers die traditioneel links hebben gestemd over de bezuinigingsplannen van het kabinet en over de onduidelijke koers tegenover belangrijke problemen als de staatsrechtelijke hervormingen en de belangenverstrengeling bij oppositieleider en mediamagnaat Silvio Berlusconi.

Maar voor iedereen is duidelijk dat Bologna niet alleen staat. In de tweede verkiezingsronde verloor links ook in Arezzo het burgemeesterschap, net als in Padua en Bergamo. Rechts won gisteren verder de provincie Milaan. De successen voor links in een aantal minder belangrijke steden en in de strijd om opengevallen parlementszetels in Brescia en Lecce vallen daarbij in het niet.

,,De nederlaag in Bologna is een teken van de algemene problemen bij centrum-links'', zei Walter Veltroni, partijleider van de Linkse Democraten. Hij suggereerde dat de felle polemiek tussen premier Massimo D'Alema en de vakbonden over plannen om op de pensioenen te bezuinigen, een belangrijke rol heeft gespeeld.

,,Het laatste rode heiligdom is gevallen'', zei Pierferdinando Casino, leider van een kleine centrum-rechtse partij. En Berlusconi zei: ,,De valse mythe van het goede bestuur door links is ingestort.'' Hij viert de uitslag als een eerste stap naar een nieuwe gooi naar de regeringsmacht, over uiterlijk twee jaar.

Landelijk gezien was de opkomst 41,7 procent. Nog nooit in de geschiedenis van de Italiaanse republiek zijn er zo weinig mensen gaan stemmen. In de eerste ronde twee weken geleden, die samenviel met de Europese verkiezingen, ging dertig procent meer naar de stembus.

Een andere verliezer in de tweede ronde is de separatistische partij Lega Nord. Deze raakte het bestuur over de provincie Bergamo kwijt, een gebied waar de partij eerder zeer veel aanhang kreeg. De partij lijkt te worden teruggeworpen op een kleine harde kern.