Klacht na weren van Servische

Verschillende Joegoslavische verenigingen en individuele Serviërs in Nederland hebben een klacht wegens discriminatie ingediend bij het OM Rotterdam tegen de directeur van de academie van bouwkunst in Arnhem, J. Carp. Carp weigerde onlangs een Servische studente aan te nemen met onder meer het argument dat zij afkomstig is uit een land dat een ander volk wreed onderdrukt.

De advocaat van de Serviërs, N. Steijnen, schrijft in zijn aangifte dat ,,een dergelijke collectieve schuldverklaring'' in strijd is met de rechtsorde. Zijn Servische cliënten die dagelijks de ,,zware pressie als gevolg van de loodzware anti-Servische stemming in ons land'' ondervinden, voelen zich gediscrimineerd.

T. de Roos, hoogleraar strafrecht aan de Universiteit Leiden, vindt de aanklacht ,,geen onzin'', maar schat de kans op vervolging laag in. ,,Het gaat, lijkt mij, om een emotionele opwelling van de heer Carp. Hij heeft niet met opzet een bevolkingsgroep willen beledigen. Dat is wel vereist om te kunnen vervolgen wegens discriminatie.''

Steijnen heeft de hogeschool Rotterdam, waar de Arnhemse academie onder valt, gemaand een excuusbrief aan de Servische te laten publiceren in een van de landelijke dagbladen. Collegevoorzitter J. Tuytel is dat niet van plan. Hij heeft Steijnen laten weten dat er een excuusbrief is gestuurd aan de Servische studente en dat er ernstig met Carp is gesproken zodat het niet nog een keer zal voorkomen. Tuytel: ,,Dat lijkt mij voldoende. Het gaat ons echt te ver om Carp publiekelijk te slachtofferen.''