KAMERLEDEN SNAKKEN NAAR ZOMERRECES...

Thom de Graaf is momenteel erg populair onder collega's. Kamerleden van alle partijen zijn de fractieleider van D66 intens dankbaar dat hij het kabinet vorige maand in het zadel hield. ,,Thom, goed gedaan'', zei menigeen de afgelopen weken tegen de man die het lot van de coalitie na de kabinetscrisis over het refererendum in handen had. Want, de parlementariërs hadden er niet aan moeten denken: aan vervroegde verkiezingen.

Kamerleden van regeringspartijen en oppositie zijn het dezer dagen roerend met elkaar eens: ze snakken naar het zomerreces. Twee verkiezingscampagnes, een kabinetscrisis, een parlementaire enquête en een reeks tijdvretende incidenten maakten het bijna afgesloten politieke seizoen tot een zware periode.

De grote groep nieuwelingen die vorig jaar mei werd gekozen, beleefde een hectisch jaar. En de senioren hadden er vorige zomer ook nog eens de intensieve formatiebesprekingen bij. Hardop zal niemand het zeggen, maar in de binnenkamer wordt uitgekeken naar de rustperiode. ,,Heerlijk, zeven weken vrij'', klinkt het verlekkerd. Voor de coalitiepartijen geldt nog eens dat iedere dag er weer één is die het voortbestaan van de coalitie kan bedreigen. De vakantieperiode helpt om ,,rust in de tent te krijgen'', wordt onomwonden gezegd. Want de vermoeidheid en de irritatie nemen toe en een bedrijfsongeval kan zich zo snel voltrekken.

Neem de keuze van een nieuwe burgemeester in Utrecht. Benoemingen zijn altijd gevoelig, zeker als die gaan over de grote posten. Want uiteindelijk is hier de verdeling van de macht in het geding. Maar de snelheid waarmee de ruzie in het kabinet afgelopen vrijdag op straat lag, was veelbetekenend. Premier Kok zei er op zijn wekelijkse persconferentie niets over, maar nog dezelfde avond was in ruime kring bekend dat minister Peper een machtswoord had gesproken. En afgelopen weekeinde ging D66, dat de benoeming misliep, de Partij van de Arbeid, die de post binnenhaalde, in zeer scherpe bewoordingen te lijf. Zoiets past bij instabiele verhoudingen, waarin achterdocht en irritatie de boventoon voeren.

...MINISTER VREEST LAATSTE WEEK...

Kamerleden kijken uit naar het einde, maar ministers vrezen de laatste parlementaire week voor de zomer. Het patroon in de Tweede Kamer is die laatste vergaderweek altijd hetzelfde: veel zaken moeten nog snel worden afgehandeld, iedere partij probeert zijn laatste punten te maken en de haast wint het vaak van de zorgvuldigheid. Jammer voor het onderwerp dat in het geding is en jammer voor de minister die het verdedigt.

Benk Korthals, de minister van Justitie, heeft alle reden zich bezorgd te maken. Hij moet zich deze week in de Kamer verdedigen tegenover verdenkingen dat hij niet of te laat op de hoogte was van criminele praktijken, waarbij corrupte ambtenaren de grootscheepse invoer van cocaïne mogelijk maakten. Wat wisten zijn topambtenaren en wat wist het openbaar ministerie en is hier op zichzelf al niet sprake van een patroon dat bij Justitie de minister te weinig sturing geeft, vroegen bezorgde Kamerleden zich vorige week omstandig af.

De oud-parlementariër Korthals kent de irritaties tijdens zo'n laatste week; de liberale politicus kent ook de jongste geschiedenis. Nog maar enkele jaren geleden, tijdens Kok-I, sneuvelde zijn partijgenoot, de staatssecretaris Robin Linschoten, op de laatste dag, of liever in de laatste nacht voor het zomerreces. Linschoten was het vertrouwen van de Kamer kwijtgeraakt en voor de Kamer de executie voltrok, stapte hij uiteindelijk zelf op.

Anders dan Linschoten heeft Kortshals nog veel krediet in de Kamer en anders dan bij het geval-Linschoten staat de zaak-Korthals niet op zichzelf. De minister van Justitie lijkt te gaan profiteren van de vermoeidheid van het parlement. Kamerleden zeiden het vorige week voorzichtig, maar het is veelbetekenend: de regeringsfracties hebben geen zin in weer een affaire en de oppositie is niet uit op de scalp van deze minister. Na Borst die mocht blijven (in de Bijlmerzaak) en Faber die niet opstapte (in de dioxinezaak) is de cocaïnekwestie (om hoeveel kilo ging het nu precies en hoe hard zijn de feiten) te twijfelachtig. Korthals moet wel met een goed verhaal komen, zeggen de parlementariërs. En de minister moet wel een stevige reorganisatie op zijn departement doorvoeren, zo voegen de Kamerleden er meteen aan toe.

...EN KABINET-KOK STROMPELT VERDER

En het kabinet sleept zich amechtig naar de zomer. Nog enkele weken moeten de ministers door, al was het maar omdat de de begroting voor 2000, die in september wordt gepresenteerd, verder moet worden voorbereid. Niet dat er grote problemen zijn, integendeel. Met de meevallende economische conjunctuur lijkt er geld genoeg om de ambities van alle drie de coalitiepartijen financieel te honoreren.

Maar de coalitie wil meer: de regeringspartijen willen visie, de regeringspartijen willen bezieling, kortom de regeringspartijen willen dat het kabinet eindelijk smoel toont.

Iedereen ziet het, maar niemand doorbreekt de ban. Kok-II is vooralsnog een van de meest onzijdige kabinetten van na de oorlog.

Gek, het momentum zou er eigenlijk moeten zijn. De ministers gaan na de zomer hun tweede jaar in en juist in hun tweede regeringsjaar zijn ministers, als ze iets te betekenen hebben, op hun sterkst. Ze hebben hun macht over de ambtenarij gevestigd en hun agenda uitgezet.

Maar de agenda van het kabinet toont flets. Of, zoals bij de oppositie kritisch wordt opgemerkt. ,,Dit kabinet heeft niet gezaaid en wie niet zaait, zal niet oogsten.''

Wat treft het kabinet op zijn weg als het na de zomer het regeren voortzet? Waarschijnlijk nog altijd instabiele verhoudingen. D66 is in de zomermaanden geen grotere partij geworden, de PvdA moet zich op straffe van onzichtbaarheid meer bewijzen tegenover GroenLinks en VVD'ers zullen zich ook na de zomer nog herinneren dat zij de tweede partij van het land zijn. Bovendien nog altijd een partij in de groei. Of zoals Frits Bolkestein het vorige maand zei toen de VVD hem tot erelid benoemde: wij liberalen moeten niet versagen, want de toekomst lacht ons toe.

Hoe gul lacht de toekomst het kabinet toe? Vooralsnog wordt binnenskamer meer gesproken over wat het kabinet kan bedreigen dan over wat het kabinet kan klaarmaken. Het belastingplan is een kwestie (als de PvdA doorzeurt over de hypotheekaftrek), de mobiliteit is een kwestie (als de VVD doorzeurt over het rekeningrijden) en de infrastructuur is een kwestie (als de groei van Schiphol blijft botsen met de milieunormen). En bovenal blijft D66 een kwestie als de peilingen de partij het komende jaar geen enkele wederopgang voorspellen.

Redactie: Kees van der Malen