Wij managen niet, wij voeren oorlog

Dertig jaar heeft Jan Diederick Bax bij IHC Caland (baggerschepen en offshore) gewerkt, de laatste twaalf als bestuursvoorzitter. Maar eigenlijk is hij al die tijd de marineofficier gebleven die hij voordien was. Je doel bepalen en dan alles geven, daar gaat het om. De meeste mensen rommelen maar wat aan – Bax niet: `Ik ben eerzuchtig'.

Jan Diederick Bax, een jongen toen nog, voer patrouille bij Nieuw Guinea. ,,Het was'', zegt hij, ,,in de tijd van zeg maar de onrust tussen Nederland en Indonesië.'' Op een van de eilanden ging hij aan wal en daar waren, in een klein dorpje midden in de wildernis, Papoea's bezig om een paalwoning af te breken. ,,Zij hadden geen goede messen en wij wel. We hielpen ze en toen was de hoofdman zo dankbaar – hij pakte een oude paal, tikte erop tot er een grote worm uitkwam en bood me die aan.'' Ja, hij heeft hem opgegeten. ,,De hoofdman nam zelf ook een stuk.''

Harry Langman, president-commissaris van IHC Caland, vertelde het verhaal bij Bax' afscheid, drie weken geleden. ,,Hij wilde'', zegt Bax, ,,illustreren dat ik een man ben die staat voor Koningin en Vaderland.''

Dat is ook zo, zegt hij. ,,Maar het verhaal illustreert meer dat ik me als het moet altijd aanpas.''

Het grootste schandaal dat hij heeft meegemaakt: ,,Dat we de Papoea's alleen lieten.'' Dat was in 1962. ,,We hadden toch beloofd dat we ze zouden beschermen? We hebben Nieuw Guinea gewoon weggegeven. Ik weet nog dat ik met mijn vrouw, mijn schoonzusje en zwager terugkwam van vakantie en toen hoorde ik op de radio dat het kabinet een besluit moest nemen over de Amerikaanse voorstellen voor de onafhankelijkheid van Indonesië. Ik ben meteen naar het Binnenhof gegaan. Ik heb daar tussen de demonstranten staan roepen: laat je niet koeioneren.''

Nu begrijpt hij het wel. ,,Als de hele wereld tegen je is, dan kun je je verzet niet volhouden.''

Hij moest ontzettend wennen toen hij geen marineofficier meer was. ,,De maatjesgeest. Een man een man, een woord een woord. In een bedrijf heb je dat niet.'' Hij kon een baan krijgen bij IHC, in 1969. ,,Ik belde mijn vader en die zei: doe het nou maar niet. Ik belde mijn schoonvader en die zei: wat, de burgermaatschappij? Hij was admiraal. Hij vond alles buiten het leger ordinair. Maar mijn schoonmoeder vond dat ik het wel moest doen en mijn moeder ook. Zij zei: het komt wel goed, je bent onder een gelukkig gesternte geboren.''

Bij de marine kon hij alleen langs de hiërarchische lijnen carrière maken. En hij wilde sneller omhoog. ,,Ik ben eerzuchtig, dat mag u best weten.''

Een gelukkig gesternte. ,,U weet'', zegt Bax, ,,hoe Napoleon dat deed. Als iemand bij hem werd voorgedragen voor een hoge post, dan was zijn eerste vraag: heeft hij geluk? Hij bedoelde: heeft hij het vermogen om geluk af te dwingen?''

En?

,,Geluk dwing je af door systematisch vast te stellen wat je wilt en bereid te zijn om daarvoor alles te geven. De meeste mensen rommelen maar wat aan.''

In 1987 werd hij bestuursvoorzitter. ,,Een baas'', zegt hij, ,,moet alle facetten van zijn business kennen. Ik geloof niet in managen. Managen doen de lagere afdelingen. Een baas moet een ondernemer zijn. Hij moet voelen wanneer het bedrijf door de wind moet. Hij moet zeggen: díe kant op.''

IHC Caland was toen u de leiding kreeg een rommeltje.

,,Ho! Ik ga niet zeggen dat mijn voorganger er een rommeltje van heeft gemaakt. Het was de erfenis van de jaren zeventig, toen de mode diversificeren was. We hadden deelnemingen in allerlei bedrijven die niets met elkaar te maken hadden. Dat is mooi zolang het goed met ze gaat. Maar als het slecht gaat kun je niets doen, want je hebt er geen verstand van. Toen ik bestuursvoorzitter werd, besloten we dat we moesten kiezen.''

Maar hoe wist u wat u moest kiezen? In de offshore ging het slecht door de ingezakte olieprijzen en de werven werden kapotgeconcurreerd door de Koreanen.

,,In de offshore hadden we een omzet van 180 miljoen gulden en dat was helemaal niets. We konden zo worden overgenomen. Ik zei: we gaan naar de werven kijken, voor meer armslag. We gaan ons specialiseren. Die werven waren afgeschreven, ze stonden voor nul in onze boeken. Er moest dus geld bij, maar de commissarissen zeiden: zoek maar anderen die willen investeren en dan moet je eerst díe weer overtuigen. Maar we hadden het geluk dat er een Engelse order kwam en daarna één uit India – Lubbers heeft dat toen nog gepusht bij Gandhi. Er was toen een school die zei: bij de werven gaan we het net zo doen als in de offshore, we gaan uitbesteden. Want zo hadden we de offshore weer winstgevend gekregen. Maar ik zei: waarom? De assets hadden we voor niets, het was niet nodig. En ik zei: in de bagger werkt het niet zo. Ik voelde het aan mijn water. In de offshore is het normaal dat je tegen je opdrachtgevers zegt: dit bouw ik voor je en dat doe ik voor een deel in Singapore en voor een deel ergens anders. Maar in de bagger zeggen ze: ik wil dat mijn schip op díe werf wordt gebouwd, want dat is een goeie werf. Dat is de magie.''

U bouwde onder één dak twee heel verschillende concerns op.

,,Als je snel kijkt, heeft het niks met elkaar te maken. Maar de overeenkomsten zijn groter. Je bouwt kapitaalgoederen. De financiering is hetzelfde. De manier waarop je met je opdrachtgevers onderhandelt is hetzelfde.''

Heel anders dan bijvoorbeeld bij Ahold?

,,Daar moet je managen. Bij ons is het improviseren. Consumptiegoederen – dat is altijd hetzelfde. Ik moet er niet aan denken dat ik pindakaas moest verkopen. Wat wij doen, dat is tailor made. Wij bouwen dát platform, met déze specificaties, voor díe opdrachtgever. Als je een opdracht mist, lopen de miljoenen er uit. Dat is veel spannender.''

Als Ahold een acquisitie mist...

,,Acquireren is een heel ander spel. Dat is schaken. Wij voeren oorlog!''

Geschiedenis van de krijgskunde is zijn grootste liefhebberij. Zijn werkkamer, thuis, hangt vol met sabels en heldenportretten. Hij heeft rijen boeken over Napoleon, de Tweede Wereldoorlog, de Romeinen. ,,De eerste les, heel obvious, is bepalen wat je doel is'', zegt hij. ,,En dan...'' Hij knijpt zijn ogen dicht. ,,Con-cen-tra-tie.'' Hij heeft geen zin, zegt hij, om nu een college te gaan zitten geven. Maar één voorbeeld wil hij wel geven: hoe de Duitsers, na wekenlange bombardementen, de Engelse luchtmacht bijna bedwongen hadden – totdat ze opeens naar Londen gingen, omdat de Engelsen Berlijn hadden gebombardeerd. ,,Ze waren niet standvastig. Ze namen een emotionele beslissing.''

Welk doel koos u voor IHC Caland?

,,Winstgevendheid. En daardoor: zelfstandigheid. Kijk, als er een partij langszij komt die zegt: ik wil zoveel betalen – dan moet je het doen. Dan is het laatste woord aan de aandeelhouders. Maar het is beter zo goed te presteren dat je daar te duur voor bent. Dat je je kunt veroorloven om te zeggen: heren, blijf van ons af.''

En wat is de grootste bedreiging?

,,Dat de winstgevendheid niet stijgt. Die móet stijgen. De beurswaarde móet omhoog. Maar de laatste twee jaar – de crisis in Azië, de olieprijzen...''

Ligt u wakker als de koers van het aandeel IHC Caland zakt?

,,De koers is een rapportcijfer, en als je eerzuchtig bent, heb je liever een acht dan een zes min. Maar de koers bepaalt niet ons denken. We hebben een strategie en daar is de koers het gevolg van. Niet andersom. Je moet je strategie niet aanpassen omdat je te weinig waardering op de beurs krijgt.''

Dus u investeert in Birma, ook al klagen uw aandeelhouders?

,,Welke aandeelhouders klagen? Alleen het ABP klaagt.''

De samenleving klaagt ook.

Ingehouden boos: ,,Neemt u nou maar van mij aan dat de zaak anders is dan hij in de pers wordt voorgesteld. Als je de kranten leest, dan krijg je de indruk dat er duizenden mensen tegen ons protesteren. Het zijn er maar een paar. En de mensen die op de aandeelhoudersvergadering tegen het Burma Comité roepen dat ze nou eens moeten ophouden, die worden níet geciteerd. En ik heb het al zo vaak gezegd: het is niet aan een bedrijf om te beoordelen met welk land je wel of geen zaken mag doen. Dat is aan de politiek.''

En u laat zich niet van uw doel afleiden.

,,Nee. Ik heb hier over nagedacht, ik heb de beslissing genomen, ik laat me niet van de wijs brengen. Niet omdat ik gelijk wil hebben, maar omdat het een disaster is voor IHC Caland als we het niet doen. En nogmaals: de mensen die het met ons eens zijn, hoor je niet. Niemand verkoopt om Birma zijn aandelen IHC Caland.''

En als ze het wel deden?

,,Dan moet je daar rekening mee houden. Dan ga je wel nadenken.''

U heeft nooit getwijfeld?

,,Geen moment. Ik heb het wel als heel vernederend ervaren dat mensen die mij niet kennen en niets aan mij hebben gevraagd over mij in de krant schreven als over die Bax met zijn Rolex-horloge en zijn Porsche. Ik heb geen Porsche en ook niet zo'n horloge. Ik ben eerzuchtig. Ik wil dat niet.''

Shell is met de Brent Spar wel onder druk van de maatschappij gezwicht.

,,Ja! Omdat de Duitsers de tankstations sloten. Het kostte ze miljoenen! Daarom zwichtte Shell. Maar Greenpeace had gelogen! Gelogen, mevrouw!''

Begrijpt u dat Shell zwichtte?

,,Dat was heel verstandig van Shell. Soms moet je een realist zijn. Maar in ons geval zijn er te weinig mensen die zich druk maken over Birma. En stel nou dat ik om die paar tegenstanders onze buitenlandse dochter zou verbieden om deze opdracht uit te voeren? Ze zouden zeggen: wat is die Bax nou voor een pluizige vent? Een beetje commotie in Nederland en onze boterham is weg.''

Zijn eigen aandelen in IHC Caland heeft hij twee jaar geleden verkocht. Hij verkocht toen zijn aandelen in álle fondsen. ,,De koersen waren toen zo hoog, ik dacht: dat kan nooit zo blijven. Ik heb al mijn geld, hup, naar een spaarrekening bij Aegon gebracht.''

Dat had u dus verkeerd gedacht.

,,Ja. Maar ik vind het niet erg. Met aandelen moet je voortdurend op je qui vive zijn. Daar had ik geen zin meer in. En ik had ook geen zin om het aan een ander over te laten. Daar heb ik te hard voor gewerkt.'' Ruim zes ton per jaar verdiende hij als bestuursvoorzitter. Plus winstdeling. Het is prettig, zegt hij, om ,,goed geboerd'' te hebben. ,,Er zitten twee aspecten aan. Ten eerste: wat je met je geld kunt doen. En ten tweede: waardering voor je prestaties. Blijkbaar was ik dat geld waard. Het past bij mijn eerzucht.''

Hij wordt nu commissaris bij IHC Caland. En bij Smit Internationale, bij Brunel, bij het Loodswezen, bij TBI, bij Oranjewoud in Heerenveen. ,,Ik ben voor allemaal gevraagd.''

Elke ochtend om half zes op hoeft nu niet meer. ,,Maar ik wil wel doorgaan. Ik wil niet ophouden met leven.'' Dat heeft hij bij zijn vader gezien. Die verhuisde na zijn pensioen naar Mallorca, las geen kranten meer, deed niets. ,,Binnen twee jaar was hij een oude man die zich alleen nog druk maakte om de tuin.''