Sportdag

Omdat op het sportveld geen officiële springbak is, hebben de meester en de juf de zandbak uitgekozen. Het is een rechthoekige bak, begrensd door bielzen. De kinderen kunnen geen aanloop nemen. Eén voor één gaan ze op de biels staan en springen drie keer. De meester tekent de hoogste score aan op een lijst. Met die lijst gaan de klassen van onderdeel naar onderdeel: balwerpen, hardlopen, ballontrappen, touwtrekken en zaklopen. Aan het eind van de dag krijgt iedereen een certificaat met zijn naam en prestaties erop.

Een volgende groep arriveert bij de zandbak. De aanvoerder overhandigt de lijst aan de meester, de kinderen stellen zich op. Zwaargewichten springen in een schuine, neerwaartse lijn. Ze landen met een plof en laten een kuil achter waar de hark aan te pas moet komen. Lichtgewichten veren door de knieën, zwaaien professioneel hun armen om vaart te krijgen, beschrijven een sierlijke boog in de lucht en dalen geruisloos.

Om niet bij iedere sprong het meetlint te hoeven gebruiken, heeft de juf in het zand paaltjes geplaatst met telkens 10 cm. tussenruimte. Zo kan ze de spronglengtes schatten. Ze trekt daarbij een geleerd gezicht alsof schatten moeilijk is en verkondigt de uitslag met overtuigende stem: ,,60 cm!, 85 cm!, 1.20 m!'' Geen enkel kind verbaast zich erover dat alle scores eindigen op een 0 of een 5.

Daar komt een kleintje dat enorm haar best doet, maar bij het neerkomen telkens achterover valt. Omdat niemand jufs uitspraken betwist, kan die probleemloos een halve meter meer dan de reële score opgeven. De meester knikt instemmend. Aan een verlegen meisje dat – vanaf de biels – niet springt maar stapt, vraagt de meester: ,,Uit welk land kom je? Je ouders dan? Eritrea? Okay! Zie je die heg?'' Hij wijst op een lage heg achter de zandbak. ,,Daar ligt Eritrea en daar spring jij heen.'' Ernstig kijkt het kind de leerkracht aan. Die vervolgt: ,,Kijk niet naar het zand, kijk alleen naar Eritrea.'' Het meisje drinkt de woorden in. Ze springt en komt 40 cm verder. ,,Zie je wel'',zegt de meester. ,,De volgende. Waar komen je ouders vandaan?'' Achter de heg liggen alle landen van de wereld.

Aan de beurt is Gemini. Hij is twaalf. Gegeneerd neemt hij een vetrol van zijn buik tussen zijn vingers en zegt: ,,Ik ben te zwaar om ver te springen. Maar dit is kindervet. Wanneer ik groot word, gaat dat eraf.'' Hij springt naar Suriname. Als hij de score hoort, zegt hij: ,,Even had ik vleugels.''