EEN BREDERE HORIZON

Als Esther [17] en Dave [26] niet aan het schilderproject hadden meegedaan hadden ze elkaar nooit ontmoet. Want hoe moeten een Veghelse Mavo-scholier en een bewoner van Drie Ghemalen, een instelling voor verstandelijk gehandicapten in het naburige Eerde, elkaar leren kennen? Dit weekend hangt hun gezamenlijke schilderij op de tentoonstelling Van A t/m Z in De Blauwe Kei in Veghel.

Vorig jaar begonnen Geert van de Vorstenbosch, tekenleraar op het Fioretti College, en Jolanda van Doorn, beeldend kunstenaar en verbonden aan Drie Ghemalen, met een experiment om leerlingen uit het voortgezet onderwijs te laten samenwerken met de verstandelijk gehandicapten. Ze wonnen er meteen de Nationale Onderwijsprijs mee. De start was heel voorzichtig, met alleen vwo-leerlingen uit de hoogste klassen die tekenen in hun pakket hadden. Dit jaar waren de 24 leerlingen die meededen aan het project afkomstig uit alle klassen.

Zoals Irakli Ingorokva (14), die in de brugklas zat en nu naar de tweede gaat. ``Ik was nieuwsgierig'', zegt hij. ``Ik had nooit met verstandelijk gehandicapten te maken gehad.'' Irakli, die ruim vier jaar geleden uit Georgië naar Nederland is gekomen, heeft genoten van de tien donderdagmiddagen dat hij onder schooltijd op het atelier aan het schilderen was. Hij deed dat samen met de verstandelijk gehandicapte Leon Vrins, die een stuk ouder was dan hij. ``Hoe oud weet ik eigenlijk niet precies'', zegt Irakli, ``maar het leeftijdverschil was geen probleem.'' Aanvankelijk verliep de samenwerking moeizaam. Leon zei niet veel in het begin. ``Als ik hem vroeg wat hij er van vond, gaf hij geen antwoord'', vertelt Irakli. ``Maar op het laatst ging het heel goed. We hadden het gezellig en we waren heel gelijkwaardig aan het werk. Leon schildert heel mooi.'' Hun schilderij heet Luchtschuivers. ``Vanwege het ding dat door de lucht zweeft'', legt Irakli uit. `Het ding' valt niet nader te omschrijven, vindt hij. Wel wil hij vertellen dat ze begonnen zijn met letters van hun naam te schetsen, waarbij hij gebruik maakte van het sierlijke Georgische schrift. En dat er toen zwemmers bijkwamen die uiteindelijk `het ding' werden. ``Ik had niet gedacht dat we zo'n mooi schilderij zouden kunnen maken'', zegt Irakli tevreden.

Jolanda van Doorn kwam al zes jaar met een groep verstandelijk gehandicapten van Drie Ghemalen op het atelier van Geert van de Vorstenbosch. ``De groep was toe aan contacten met anderen'', vertelt Van Doorn. ``We deden dan wel andere dingen op het atelier, maar we zaten nog steeds in een afgesloten wereld. Ik ging met ze naar het museum. Ook dat was het niet, want we waren alleen op een andere plek. Toen vroegen we ons af hoe het zou zijn als ze hun wereld vergrootten door samen te schilderen met leerlingen van het Fioretti College. Dat zou ook van invloed kunnen zijn op hun schilderwerk.'' De groep van acht verstandelijk gehandicapten werkte in drie blokken van tien weken met totaal 24 leerlingen van het Fioretti College. Ieder blok kwamen er acht nieuwe leerlingen van het Fioretti College. Onder leiding van Van Doorn en Van de Vorstenbosch werd er elke donderdagmiddag in acht koppels gewerkt. Soms liepen de thema's als een rode draad van het ene blok door in het andere. Soms begonnen de nieuwe koppels met iets geheel nieuws. Letters was in het begin het centrale thema, omdat iedere deelnemer in elk geval wel de letters van zijn naam wist. Daarna kon er op andere thema's worden doorgegaan, bijvoorbeeld alles wat beweegt en vliegt. Ieder tweetal maakte aan het eind van de tien weken een eindwerk, een groot schilderij of een beeldhouwwerk. Deze 24 werken worden dit weekend tentoongesteld in het cultureel centrum van Veghel.

De communicatie binnen de koppels kwam niet altijd makkelijk op gang, vertelt Van Doorn. ``Soms bleef de een maar links werken en de andere rechts. Ik stelde dan voor om eens om te ruilen. We hadden de muziek ook altijd vrij hard aanstaan, zodat ze langzamerhand een eigen gesprek op gang konden brengen zonder dat de anderen dat meteen allemaal hoorden.'' In een enkel geval klikte het helemaal niet, maar de meeste tweetallen vonden toch een intensieve en gelijkwaardige manier van samenwerken. Van Doorn: ``Voordeel voor de groep verstandelijk gehandicapten was, dat ze al jaren op het atelier kwamen en vertrouwd waren met de manier van werken. Ze hadden daardoor een grote voorsprong op de leerlingen van het Fioretti College voor wie alles nieuw was.''

Esther, die zojuist haar Mavo-diploma heeft gehaald met een acht voor tekenen, vond het in het begin wel een beetje eng om samen met een verstandelijk gehandicapte aan het werk te gaan. Maar het viel alles mee, vooral ook omdat Dave vooral lichamelijk gehandicapt is en zeer goed van de tongriem is gesneden. Het schilderproject verloste Esther van de gymles en het vak tekenen vond ze erg leuk. ``Een beetje stomme reden'', vindt ze zelf, maar ze heeft er geen minuut spijt van gehad. De communicatie tussen Esther en Dave verliep in het begin `haperig', vertelt Esther, maar allengs kregen ze een band. Ze helpt Dave, die moeilijk ter been is, met opstaan en houdt voor hem attent de deur open als hij er met zijn karretje doorheen wil. ``Je moet elkaar een beetje leren kennen'', zegt Dave. ``Eerst hadden we het vooral over het werk, later vertelden we elkaar ook dingen over onszelf. Je moet met elkaar overleggen, want anders ben je los van elkaar met twee verschillende dingen bezig.'' Een punt van voortdurend overleg waren de donkere kleuren die Dave geneigd was te gebruiken en het grote gitzwarte vlak dat hij midden in het schilderij had gemaakt. Esther vond dat te zwaar en ook begeleidster Jolanda had er commentaar op en raadde Dave aan om het zwart met andere kleuren te mengen, zodat het minder zwaar zou worden. Dat leidde tot een discussie waar Dave volgens Esther `niet echt happy mee was'. Dave zegt, nog steeds onvermurwbaar: ``Iedereen heeft zijn eigen mening. Ik vond dat zwart mooi.''

Als hun grote schilderij, dat de titel Zonaanbidder heeft meegekregen, te voorschijn wordt gehaald kijken ze er alletwee weer even met nieuwe ogen naar. ``De achtergrond is te blauw uitgevallen'', vindt Esther, ``die had wel wat groener gemogen.'' Dave is erg tevreden over de rode regenboogachtige kleuren aan de rand van de wereldbol. Ook de structuur die ze in het blauw onderaan hebben aangebracht, vinden ze beiden een vondst. Ja, ze zijn er wel trots op. Maar is het ook kunst? Esther vindt van wel: ``Ik heb het zelf gemaakt en bedacht en heb er echt m'n best op gedaan.'' Dave zegt diplomatiek: ``Het is een schilderij, iedereen moet maar zelf bedenken wat hij er van vindt.''

Het was geweldig om met zo'n gemêleerde groep te werken, vinden Van Doorn en Van de Vorstenbosch. ``De resultaten waren voor alle partijen boven verwachting'', concluderen ze. Er zaten immers ook leerlingen tussen die het op school moeilijk hebben en zich op deze manier eens van een andere kant konden laten zien. Dat geldt deels ook voor Irakli, die naar eigen zeggen op school ``best wel druk en snel afgeleid is.'' Niet op het atelier, stelt hij vast. ``Tijdens het schilderen kon ik me goed concentreren en voelde ik me heel prettig.'' Hij zou graag volgend jaar doorgaan. Dave wil ook doorgaan, want hij vindt het erg belangrijk om met mensen om te gaan buiten het circuit van de verstandelijk gehandicapten. ``Het is moeilijk communiceren met verstandelijk gehandicapten'', zegt hij. ``Ik ben een echte prater. Vaak begrijpen mensen je verkeerd of ze begrijpen je helemaal niet.'' Omdat het onzeker is of dit project volgend jaar een vervolg zal krijgen is Dave alvast op de directeur van de Drie Ghemalen afgestapt. ``Je valt in een dip, als dit stopt'', heeft hij hem gezegd. Geert van de Vorstenbosch en Jolanda van Doorn zijn bezig om een vergelijkbaar project op te zetten met Pieter Breughelinstituut in Veghel, dat cursussen op cultureel gebied verzorgt. ``Het zou dan nog gemêleerde moeten worden'', vindt Van de Vorstenbosch. ``Ook huisvrouwen zouden er aan mee moeten doen.''