Volgende week uitspraak proces tegen Öcalan

De advocaten van de Turks-Koerdische leider Abdullah Öcalan hebben gisteren in hun slotpleidooi een laatste poging ondernomen om de doodstraf voor hun cliënt af te wenden. De rechtszaak tegen Öcalan wordt dinsdag voortgezet. Aangenomen wordt dat het staatsveiligheidshof dan onmiddellijk vonnis wijst.

Advocaat Bilginc betoogde gisteren dat artikel 125, op grond waarvan Öcalan wordt berecht voor hoogverraad, niet van toepassing is omdat het vooronderstelt dat de beklaagde zelf deelnam aan gewapende aanvallen tegen de Turkse staat. Öcalan leidde de PKK vanuit het buitenland en heeft dus nooit zelf in de bergen in het zuidoosten gevochten. Volgens Bilginc moet Öcalan berecht worden op basis van artikel 168 over de `vorming van gewapende groepen'. Dat artikel voorziet in ten minste 15 jaar gevangenisstraf, maar niet in de doodstraf.

De advocaat wees gisteren ook op artikel 59 van het Turkse wetboek van strafrecht, dat het hof in staat stelt een doodstraf om te zetten in levenslange gevangenisstraf als de beklaagde berouw toont. Öcalan heeft enkele keren zijn verontschuldigingen aangeboden aan nabestaanden van slachtoffers van militaire acties van de PKK. De advocaat bestreed de in Turkije wijd verbreide opvatting dat Öcalans berouw niets anders is dan een poging om het vege lijf te redden. Hij verwees naar een vraaggesprek van de PKK-leider uit 1997, waarin hij een vergelijkbare oproep tot vrede en dialoog deed.

In navolging van hun cliënt waarschuwden ook de advocaten van Öcalan gisteren voor de gevolgen van de executie van de PKK-leider. ,,Er zullen nieuwe APO's (de bijnaam van de PKK-leider, red.) komen na Öcalan'', zei advocaat Ahmet Avsar. Zijn pleidooi werd enkele malen onderbroken door de advocaten van de Turkse slachtoffers van de PKK. Volgens hen bedreef Avsar ,,propaganda voor opstandige groepen'', in Turkije een zwaar misdrijf. Een aantal nabestaanden verliet uit protest de rechtszaal in Imrali.

Öcalan zelf wilde niets toevoegen aan de verdediging van zijn advocaten. ,,Ik heb alles voor mijn verdediging gezegd'', antwoordde hij op een vraag van een van de rechters. De PKK-leider heeft dinsdag nog het recht om wat te zeggen voordat de rechtbank vonnis wijst.