Van Aartsen erkent druk Indonesië inzake HSA

Economische redenen gaven bij minister Van Aartsen (Buitenlandse Zaken) de doorslag om onlangs versneld een exportvergunning te verstrekken voor levering van radarapparatuur aan Indonesië. Dit heeft de bewindsman erkend in antwoord op Kamervragen.

Als het contract met een Indonesische werf niet doorging, dreigde Hollandse Signaalapparaten (HSA) in Hengelo de schade op de overheid te verhalen. Het ging om 120 miljoen gulden, aldus een woordvoerder van Buitenlandse Zaken.

Aanvankelijk wilde Van Aartsen pas een vergunning verlenen na de verkiezingen in Indonesië op 7 juni. Maar de Indonesische autoriteiten dreigden in april het contract met HSA te ontbinden als Nederland niet binnen twee weken een exportvergunning verleende.

Minister Van Aartsen van Buitenlandse Zaken vervroegde daarop het besluit over de vergunning. Van Aartsen antwoordt dat op Kamervragen mede namens de ministeries van Economische Zaken en van Ontwikkelingssamenwerking. De Kamerleden Koenders (PvdA) en Hoekema (D66) wilden weten of en in hoeverre de Indonesische autoriteiten druk hadden uitgeoefend op de Nederlandse regering om de vergunning erdoor te drukken.

Volgens Van Aartsen lag de verstrekking van de vergunning reeds in de lijn der verwachting, gezien de verbeterde situatie in Indonesië en de serieuze pogingen van de regering daar om de democratie op te bouwen. In officiële contacten met de Indonesische regering was geen sprake van druk.

Wel haalt de bewindsman een brief aan die de Indonesische werf PAL Indonesia schreef aan HSA, waarin de situatie op scherp werd gesteld. In die brief kreeg Nederland een termijn van twee weken. De Indonesische minister Alatas van Buitenlandse Zaken bevestigde daarop dat de kans dat het contract zou worden ontbonden, reëel was.

In die brief stond verder dat Indonesische autoriteiten Nederlandse bedrijven voortaan mogelijk zouden uitsluiten van deelname aan strategische projecten. Een woordvoerder van Buitenlandse Zaken weet niet of die beleidslijn daarna is bevestigd in het contact met minister Alatas. (ANP)