Ongekend vitale en heftige Tsjechov

Op elke tafel staat een bataljon aan medicijnflesjes, vaasjes met pillen, flessen sterke drank, theekopjes, van alles voor de mens om te overleven of vergetelheid te zoeken. Voor de personages van Tsjechovs Oom Wanja in de regie van Dirk Tanghe, uitgevoerd door De Paardenkathedraal, is dat hetzelfde. Tot leven zijn ze ternauwernood in staat, al zoeken ze desperaat naar iets dat houvast schenkt en gefnuikte krachten doet oplaaien. De arts Astrov klampt zich vast aan zijn idealistische geloof in de zuiverende schoonheid van bomen; Sonja haakt naar liefde. Voor Wanja was het ooit zijn werk en nu is er niets anders dan leegte en teleurstelling.

Op de speelvloer staan wat tafels, stoelen, een roze fauteuil; er ligt een stapel vers hout. Dat laatste beeld verwijst naar gekapte bomen, Astrovs angstvisioen van een vernietigde natuur. De spelers die met Dirk Tanghe werken zijn vierdejaars studenten van de Hogeschool voor de Kunsten in Utrecht. Hun talent schuilt in overgave, hun overtuigingskracht als acteur of actrice danken zij aan de wijze waarop zij een rol dicht naar zich toe trekken. In Nederland is, met name door Sjarov in de jaren veertig en vijftig, de toon gezet van Tsjechov als toneelschrijver voor lanterfantende, dolende personages. Oom Wanja is dit seizoen eerder gespeeld, onder andere door Toneelgroep Amsterdam.

Dirk Tanghe heeft resoluut gebroken met die languissante erfenis van de Tsjechov-stijl en roept in deze regie een ongekende vitaliteit en heftigheid op. Symfonische muziek en ook de uit al zijn grenzen exploderende klanken van Miles Davis' album Aura begeleiden de voorstelling. Wanja laat zich gaan in woedeuitbarstingen, daarbij mimet hij of hij een jazzmusicus is. Dit is een stijlmiddel dat we vaker vinden bij Tanghe: muziek als krachtbron voor toneel.

`Vroeger was het anders' zou het leidmotief van alle Tsjechovs kunnen zijn, De kersentuin evengoed als Oom Wanja. Ditmaal geen berusting, wel verzet. De beeldschone, in lichtblauw geklede fatale maar getrouwde vrouw Jelena – als de Trojaanse Helena die oorlogen in mannenharten veroorzaakt – speelt prachtig haar intense haat tegen het landgoed, waar iedereen ruziet met iedereen. In de verleidingsscène met Astrov, en zelfs eerder met Wanja, toont zij hoe liefde nog steeds een blos van verwarring op haar gezicht tovert. Zo'n detail zie je zelden op het grote toneel. Daartoe is een intieme ruimte als De Paardenkathedraal geëigend.

Tanghe stuurt elke speler erop aan zijn of haar identiteit te behouden, elk met eigen stem: woedend, verongelijkt, verveeld, opstandig. Alleen al door zo'n ogenschijnlijk eenvoudige aanwijzing bereiken de acteurs dat het bij Oom Wanja draait om de versplintering van ieders leven. Deze voorstelling roept een grote ontroering op, niet uit compassie met verveelde personages – want dat zijn zij gelukkig niet – maar door het allesoverheersende besef dat geen van hen ooit kan breken uit een dodelijk verstikkend bestaan. Dat is een tragedie: vitaliteit die vergeefs wedijvert met onmacht.

Voorstelling: Oom Wanja van Anton Tsjechov door Hogeschool voor de Kunsten Utrecht en De Paardenkathedraal. Regie: Dirk Tanghe; spelers: Bas Keijzer, Vimale Nijenhuis, Soetkin Verwijt e.a. Gezien 10/6 De Paardenkathedraal, Utrecht. Te zien t/m 26/6 aldaar; 29, 30/6 ITS Festival, Theaterschool, Amsterdam. Res. (030) 2711414.