Goed voor dé zaak

Niet elke vakbond legt van tijd tot tijd `gansch het radarwerk' stil. Staken is namelijk not done als je als uitgangspunt hebt dat een harmonieuze samenwerking tussen werkgevers en werknemers bevorderd dient te worden op basis van het `gemeenschappelijk rentmeesterschap' dat God de mens over de aarde heeft gegeven. Zo'n beginsel is vanzelfsprekend niet ontsproten aan het socialisme – de bakermat van de doorsnee vakbond – maar uit de Bijbel. Het Gereformeerd Maatschappelijk Verbond (GMV) in Zwolle en de Reformatorische Maatschappelijke Unie (RMU) in Veenendaal hebben het tot hun hogere doelstelling verheven.

In de beginselen van het GMV staat dat `leven vanuit de verlossing door Christus betekent dat de sociale verhoudingen door liefde beheerst moeten worden'. Het GMV is in 1952 opgericht en telt zo'n elfduizend leden. De oprichters waren afkomstig uit de vrijgemaakt gereformeerde kerken. Zij raakten ervan doordrongen dat het Woord van de zondag ook betekenis heeft voor de maandag en de andere dagen van de week. Het geloof bepaalt de afwijzende houding van het GMV tegen zaken als zondagsarbeid en staken.

De RMU stamt uit 1983 en heeft eveneens zo'n elfduizend leden – zowel hervormden als gereformeerden. ,,Wij zijn in 1983 opgericht als reactie op het conflictmodel dat tussen werknemers en werkgevers onder de kabinetten-Lubbers hoogtij vierde', zegt RMU-directeur Peter Schalk. ,,Wij zagen meer in het harmoniemodel.' Toch heeft het inmiddels wijdverbreide, op consensus gestoelde poldermodel de protestants-christelijke vakbeweging niet ingehaald, vindt Schalk. ,,Onder Paars gaat er nog genoeg mis.'

Net als bij het GMV is de zondagsarbeid een gevoelig punt voor de RMU. ,,De gewijzigde winkeltijden brengen een hoop leden van ons echt in gewetensproblemen', aldus Schalk. ,,Wij blijven hen aansporen zich te verzetten tegen werken op zondag.' Vorige week publiceerde de RMU een onderzoek waaruit bleek dat sollicitanten met principiële bezwaren tegen zondagsarbeid steeds vaker worden geweigerd door bedrijven die op zondag open zijn. Bedrijven zullen dat nooit toegeven, aldus de bond, maar ,,selectie aan de poort op levensbeschouwelijke gronden blijkt in het verborgene al in een vergevorderd stadium'. Het aantal klachten dat de RMU hierover krijgt is sinds de verandering van de Arbeidstijdenwet in 1996 enorm gestegen en de vakbond wil actie ondernemen om de positie van gewetensbezwaarde sollicitanten en werknemers beter te garanderen.

Maar de christelijke bondjes hebben méér grieven. Zo pleit de RMU ervoor dat ambtenaren niet verplicht een homohuwelijk hoeven te voltrekken, laat staan dat ze het kersverse echtpaar na afloop feliciteren. ,,Hoe kun je mensen feliciteren met het feit dat zij ook officieel in zonde wensen te leven?' staat te lezen in een nummer van het bondsorgaan `RMU contact'. De RMU roept ambtenaren op een beroep te doen op de Wet gewetensbezwaren.

GMV en RMU trachten net als de andere bonden voet aan de grond te krijgen bij CAO-onderhandelingen en dat lukt aardig. Jaarlijks sluiten de bonden enige tientallen bedrijfs-CAO's, veelal met bedrijven die zich aansluiten bij de levensovertuiging van hun onderhandelingspartners. Het ligt niet in de aard van GMV en RMU om CAO's `af te snoepen' van andere bonden. Bij bedrijven waar ze niet de enige partij aan tafel zijn, zitten vertegenwoordigers van GMV en RMU broederlijk naast hun collega's van FNV, CNV, De Unie en VHP.

Geheel volgens het harmoniedenken van de christelijke bondjes staat het lidmaatschap niet alleen open voor werknemers, maar ook voor werkgevers. Bij de RMU zijn zo'n duizend werkgevers aangesloten. In een wervingsfolder noemt de RMU het bedrijfslidmaatschap `goed voor de zaak' als het gaat om ondersteuning, belangenbehartiging en juridische hulpverlening. ,,Maar', tekent de bond aan, ,,werkgevers en werknemers hebben allen de opdracht te wandelen én te handelen tot eer van God en tot heil van de naaste. Vanuit dat standpunt bezien is een bedrijfslidmaatschap van de RMU ook goed voor dé zaak.'