Fietser

Op het voetpad over een brug in het westelijk deel van Amsterdam, dichtbij de spoorlijn naar Haarlem, ontkiemt een klein instant-bedevaartsoord. Voorbijgangers blijven lang staan bij de tientallen bloemstukken, de brandende kaarsjes en de vertwijfelde teksten.

,,Lieve Marc...waarom?''

,,This could have happened to me, this could have happened to anyone.''

,,Onbegrijpelijk.''

,,Jaren zeventig stadsvernieuwing. Jaren tachtig sociale vernieuwing. Jaren negentig onveiligheid. Welke mafkees wil nog progressief en politiek correct denken?''

Verontwaardiging smeedt een band tussen mensen die onbekenden zijn voor elkaar. ,,Ik ben blij dat het dit keer blanken waren'', zegt een blanke vrouw.

,,Toch kun je zwarten en skinheads niet vertrouwen'', knipoogt een blanke jongen tegen een Surinaamse vrouw – ze kan ertegen.

,,Wat is hier aan de hand?'' vraagt een vrouw met een kinderwagen. De krant kunt u niet missen, geen dag.

We bevinden ons tegenover de ingang van dat aardige, ietwat onderschatte Westerpark. Het groenige beeld van Domela Nieuwenhuis (`recht voor allen') kijkt vermanend op ons neer, de linkerhand op het hart, de rechter met een vuist geheven.

Hier is het dus gebeurd. De moord op Marc Breunis, een 30-jarige hypotheekadviseur, van – zover bekend – onbesproken gedrag. Ik ken de Westerpark-buurt – rommelig, gemêleerd, niet bijster welvarend – redelijk goed en heb vaak over die brug gelopen. Ik heb me er nooit onveilig gevoeld, ook 's avonds niet.

Je probeert je voor te stellen wat er met Breunis gebeurd kan zijn. Hij fietste daar die dinsdagavond – dat was misschien wel zijn enige bijdrage aan zijn noodlot. Er ontstond een ruzie met twee jonge mannen op een bromfiets. Een van de mannen trok een pistool en schoot. Breunis overleed op weg naar het ziekenhuis.

Ze zouden ruzie hebben gehad over een verkeersovertreding. Dat kan heel gemakkelijk in Amsterdam en het maakt deze treurige gebeurtenis ook zo inleefbaar. Er heerst een soort anarchie in het Amsterdamse verkeer. Met vrolijke én grimmige kanten. Iedereen doet maar wat. Fietsers en brommers knallen door rood, liefst tegen de rijrichting in en 's avonds uiteraard zonder licht. Voetgangers steken over wanneer het hun goeddunkt en automobilisten scheppen je met plezier van de zebra.

De brutaalste wint, zoals altijd.

Had Breunis zich geërgerd aan het rijgedrag van die mannen, of was het juist andersom geweest?

Ik draai me van de bloemen af en wil de weg oversteken. Nog net op tijd kan ik terugwijken voor twee fietsers die van de verkeerde kant komen aangereden.