China krijgt toch geld Wereldbank

De Wereldbank heeft gisteren een omstreden lening van 40 miljoen dollar goedgekeurd voor steun aan de verhuizing van 58.000 Chinese boeren naar een afgelegen gebied, dat altijd tot Tibet heeft behoord.

In een poging om Amerikaanse en andere critici tegemoet te komen besloot het bestuur van de Wereldbank het geld nog niet vrij te geven, totdat het onafhankelijke inspectiepanel van de bank naar het project heeft gekeken. Het panel moet beschuldigingen van non-gouvernementele organisaties bekijken als zou de Wereldbank haar eigen procedures op het gebied van milieu, hervestiging van mensen en transparantie hebben geschonden.

De executive board van de Wereldbank stemde met 18 tegen 2 stemmen bij 4 onthoudingen met de lening in. De VS, waar Tibetaanse activisten en Congresleden zich tegen de lening keerden, en Duitsland waren de tegenstemmers. De goedkeuring komt net voor 30 juni, de datum waarna China als gevolg van de verbeterde economie niet meer voor de goedkoopste soort leningen in aanmerking komt. De lening van 40 miljoen dollar maakt deel uit van een pakket van 160 miljoen dollar, dat overigens wordt gebruikt voor armoedebestrijding in Binnen-Mongolië en de provincie Gansu. (Reuters, AP)

Onze correspondent in Peking voegt hieraan toe:

In een verklaring van het Chinese ministerie van buitenlandse zaken bedankt Peking de Wereldbank voor het ,,hooghouden van de rechtvaardigheid en de principes van de bank.'' Maar de verklaring doet geen uitspraak over de Amerikaanse tegenstem. Eerder deze week beschuldigde een woordvoerster van buitenlandse zaken de VS van ,,inmenging in China's binnenlandse aangelegenheden''. Volgens woordvoerdster Zhang Qiyue was het Amerikaanse verzet tegen het plan politiek gemotiveerd.

Volgens Peking is het doel van het project in het Haixi-district van wat officieel heet 'de autonome Tibetaans-Mongoolse prefectuur Haixi' puur humanitair. ,,Dit [project] beoogt de meest basale mensenrechten van de bevolking in dit gebied te beschermen'' aldus woordvoerdster Zhang in een sneer naar de VS, die China voortdurend hebben beschuldigd van schendigen van de rechten van de mens. Volgens het Tibet Information Network (TIN) zal de verhuizing van de arme boeren, bestaande uit etnische Han Chinezen en moslims van de Hui-minderheid, de raciale verhoudingen in het oorspronkelijk Tibetaanse gebied nog verder verstoren.

Met de komst van de bijna zestigduizend boeren, zou het aantal Tibetanen in het district verhoudingsgewijs verminderen met acht procent, tot veertien procent. In Tibetaans China ligt dat zeer gevoelig. China is dikwijls beschuldigd van een opzettelijke bevolkingspolitiek, waarbij Han Chinezen worden aangemoedigd naar Tibet te migreren. China zou op die manier de opstandige regio, middels een sluipende overheersing, proberen te knechten.