Regionale talen blijven bron van conflict in Frankrijk

Erkenning van regionale talen is de laatste weken uitgegroeid tot een bron van conflict in Frankrijk. Vorige week ontplofte een Bretonse bom in het Zuidwest-Franse dorp Cintegabelle waar premier Jospin zijn tweede huis heeft. Gisteren weigerde president Chirac er in de grondwet een plaatsje voor te laten inruimen.

Inzet is het Europese Charter voor regionale en minderheidstalen, dat Frankrijk 7 mei tekende. President Chirac had daar zijn toestemming voor gegeven. Tegelijk vroeg het staatshoofd aan de Conseil Constitutionnel, de raad die de grondwettelijkheid van wetten en regelingen beoordeelt, om advies.

De vraag was of Frankrijk het Europese Charter kon ratificeren, dat de rechten van andere talen dan het Frans in Frankrijk stevige voet aan de grond geeft. Het advies van de grondwetskenners was helder: nee, niet zonder de grondwet te veranderen, want daarin staat dat het Frans de officiële taal is.

Premier Jospin stelde daarop voor de grondwet te wijzigen. De president greep de uitspraak aan om dat niet voor te stellen. Hij meent dat men `de eenheid van de Republiek en de Franse taal' niet hoeft aan te tasten en toch ruimte kan geven aan regionale talen.

In feite wordt een politiek spel gespeeld. Chirac beloofde in 1996 in Bretagne dat hij voor erkenning van een onverkort recht op onderwijs in en gebruik van de regionale taal was. Dat hij nu toch meer waarde hecht aan de eenheid van de natie, de republikeinse grondwet en andere Franse waarden, komt doordat hij kennelijk denkt daar meer politieke steun mee te kunnen winnen.

Premier Jospin op zijn beurt heeft met deze verwachte patstelling het voordeel bereikt dat hij zichtbaar alles heeft gedaan voor al die minderheden, terwijl hij niet hoeft door te zetten dankzij de oppositie van de president. Dat komt Jospin wel goed uit: bij de republikeinse socialisten in zijn coalitie (binnen de eigen Parti Socialiste, maar vooral bij de Mouvement des Citoyens van minister Jean-Pierre Chevènement) bestaan grote bezwaren tegen iedere `verzwakking van de eenheid van de Republiek'. Iedereen in Parijs is tevreden. Alleen de Basken, de Duitssprekenden, de Catalanen en de Creolen wachten nog op erkenning.