Diepe crisis dreigt in N-Ierland

Voor het Noord-Ierse zogeheten vredesproces dreigt een diepe crisis, nu protestanten en katholieken hun standpunten hebben verhard.

De Britse premier Blair heeft gisteren gezegd te vrezen geen doorbraak over ontwapening te kunnen forceren voor 30 juni, als het ultimatum over de ontwapening afloopt. Het Britse leger stuurt 1.300 manschappen extra naar Noord-Ierland om nieuw geweld te kunnen bestrijden.

David Trimble, beoogd premier van het geplande semi-autonome bestuur in Noord-Ierland, eiste gisteren het ontslag van Mo Mowlam, de Britse minister voor Noord-Ierland. ,,Wijdverspreid gebrek aan vertrouwen'' in Mowlam onder protestanten zou de uitvoering van het vredesakkoord bemoeilijken, aldus Trimble.

Gerry Adams, leider van Sinn Féin, de politieke tak van het verboden Ierse Republikeinse Leger (IRA), waarschuwt vandaag in een ingezonden artikel in het dagblad The Times voor het ,,reële gevaar'' dat de geweldadigheden worden hervat. Oorzaak is volgens Adams de toenemende aanslagen door protestantse paramilitairen en de ,,voortdurende vervolging van de nationalistische gemeenschap in Portadown''. Hij noemde het komend overleg ,,het meest kritieke'' sinds het Goede Vrijdagakkoord van ruim een jaar geleden.

Premier Blair, die morgen voor dat overleg naar Belfast vliegt, zei gisteren dat het ultimatum van 30 juni de laatste kans is op een akkoord en niet verlengd kan worden, zoals de protestanten willen. Hij noemde Trimble's aanval op Mowlam ,,niets nieuws''. Volgens hem ,,raken ministers eraan gewend door vrijwel alle partijen te worden aangevallen''. Mowlam zei vanmorgen alleen ontslag te nemen als ze dacht dat haar persoon ,,contraproductief'' werd.

Trimble eist van Mowlam dat de IRA een begin maakt met ontwapening voor Sinn Féin alsvorens het tot het nieuwe bestuur kan toetreden. De IRA weigert dit. Mowlam zegt te geloven dat ontwapening door de IRA het ,,logisch gevolg'' zal zijn van een succesvol begin van het zelfbestuur.

De spanning in Noord-Ierland liep gisteren verder op door de vrijlating van IRA-terrorist Patrick Magee uit de Maze-gevangenis, die in 1984 de bomaanslag pleegde op het Grand-hotel in Brighton, waar het kabinet van premier Thatcher logeerde. Magee had oorspronkelijk 35 jaar in de cel moeten doorbrengen. Vrijlating van veroordeelde terroristen is één van de meest omstreden punten van het Goede Vrijdag-akkoord.

Het aantal aanslagen door protestantse en katholieke paramilitairen in weerwil van de formele wapenstilstand toegenomen. Geplande marsen door protestanten voeren de spanning verder op.