Vernietigend rapport van IMF over Suriname

Het Internationaal Monetair Fonds (IMF) heeft de Surinaamse regering van president Wijdenbosch gewaarschuwd dat zij direct moet stoppen met monetaire financiering en de overheidsfinanciën op orde moet brengen.

De waarschuwing staat in de jaarlijkse rapportage, die het IMF over alle lidstaten maakt. Het rapport lekte afgelopen weekeinde uit via het dagblad `De West'.

Vorige maand leidde de ineenstorting van de Surinaamse gulden tot massale demonstraties. De oppositie in de Nationale Assemblee nam daarop met een meerderheid een motie aan om de president te doen aftreden. In het parlement ontbreekt nu het quorum om een nieuwe president te kiezen. Presidentskandidaat is ex-topman van de Centrale Bank Telting, die in zijn vorige functie de Surinaamse gulden stabiliseerde.

Het overheidsbudget vertoonde onder de vorige president Venetiaan nog een klein overschot. Het overheidstekort liep vorig jaar tot 11,1 procent van het bruto binnenlands product op. Volgens het IMF is dit het gevolg van een sterke verhoging van de ambtenarensalarissen (met 60 procent) en andere uitgaven, terwijl sommige inkomsten en het bedrag uit Nederlandse ontwikkelingshulp afnamen. Het IMF constateert dat na een korte periode van relatieve prijsstabiliteit de inflatie in 1997 en 1998 sterk is opgelopen.

In het rapport staat zeer scherpe kritiek op de Centrale Bank, die taken vervult die niet bij een dergelijk orgaan horen. Het IMF hekelt in dit verband de `quasi-begrotingsoperaties' van de Centrale Bank. Deze heeft volgens het IMF geld in het buitenland geleend om dit vervolgens aan staatsbanken door te lenen, wat leidt tot geldschepping. Centrale-Bankpresident Goedschalk en minister van Financiën Gobardhan ontkenden onlangs juist nog dat monetair wordt gefinancierd. Het IMF kritiseert ook het feit dat de Centrale Bank goud in onderpand heeft gegeven voor buitenlandse leningen.

Volgens het IMF is een nieuwe devaluatie van de Surinaamse gulden nodig, omdat de munt op de zwarte markt is ingestort. Mede door het verschil tussen officiële en parallelkoers is de export van alle belangrijke sectoren gedaald. Surinaamse bedrijven kunnen de concurrentie uit de Caricom (Caribische markt) niet aan. Volgens het IMF groeide de economie vorig jaar met 4 procent, maar die groei is te danken aan de zeer omvangrijke informele sector.