`Schone Draak' bedreigt het leven van miljoenen

In het Pamirgebergte, in Tadzjikistan, dreigt een enorme natuurramp: de doorbraak van een natuurlijke stuwdam. Achter de dam bevindt zich zeventien miljoen kubieke kilometer water.

Vrijdagochtend, 6 uur 10. De zon is nog niet boven de Piek Revoloetsija (6.940 meter) uitgeklommen of er kaatst een alarmerende dreun tussen de gletsjers van het Pamirhooggebergte in Tadzjikistan, na een paar tellen culminerend in een doffe, nagalmende knal. Is er een vliegtuig neergestort? Een meteoriet ingeslagen?

De geologen van het basiskamp zijn uit hun Rode Kruis-tenten gekropen en staan in lange onderbroeken, barrevoets, oog in oog met een instortende rotswand. Niemand zegt iets. Op een paar honderd meter afstand voltrekt zich het scenario waar iedereen bang voor is: er dendert een lawine van puin in het peilloze Sarezmeer.

De elegant in de vallei gedrapeerde watermassa met een kustlijn van 170 kilometer, die alle kleuren blauw kan aannemen, heet onder wetenschappers `De Schone Draak'.

Het meer is op 4 februari 1911 ontstaan, nadat een enorme aardschok met een kracht van 7,2 op de schaal van Richter een buitenproportionele lawine had veroorzaakt. Rotsblokken en stukken ijs stortten zich 1.100 meter diep in de kloof van het riviertje Moergab en begroeven het dorp Oesoi met zijn 180 bewoners onder een halve kilometer puin. De barrière die aldus was ontstaan werkte als een stuw: het dal erachter vulde zich als een badkuip en verzwolg enkele jaren later het gehucht Sarez. Nu, 88 jaar later, is het meer bijna tot aan de rand gevuld en staat de stuw op instorten.

Een aardverschuiving langs de oevers zou een torenhoge golf kunnen veroorzaken, die met gemak over de dam slaat – stenen, ijs en modder met zich meeslepend. In het ergste geval bezwijkt dan de dam, zodat op slag al het water van het meer vrijkomt, dat wil zeggen: 17 kubieke kilometer – de hoeveelheid die de Amoe Darja, de grootste rivier van Centraal-Azië, per jaar afvoert.

,,In het Pamirgebergte dreigt de grootste natuurramp uit de menselijke geschiedenis', zo constateert de VN-organisatie voor de Reductie van Rampgevaar in Genève. Volgens Amerikaanse computermodellen zouden de vijftienhonderd boeren in de kloof onder het Sarez-meer binnen enkele minuten wegspoelen, terwijl dertigduizend anderen tot honderd kilometer stroomafwaarts in direct levensgevaar zouden verkeren.

In totaal zouden vijf miljoen mensen in vier landen (Tadzjikistan, Afghanistan, Oezbekistan en Turkmenistan) door de Sarezvloed worden bedreigd.

In het tentenkamp doorbreekt geoloog Oleg Arbatov het zwijgen. ,,Pas op! De golf!' roept hij. Terwijl zijn collega's nog naar de stofwolk boven het meer kijken, wijst hij op het water. Als in slow-motion begint het oppervlak te deinen. Langzaam verplaatsen zich concentrische cirkels over het meer. Er ontstaan geen extreem hoge golven, maar expeditieleider Arbatov schreeuwt nerveus bevelen aan zijn staf: ,,De boot! Trek de boot op het strand!'

De Progres II, de enige sloep met werkende buitenboordmotor, slaat los, nog voordat de broers Mardonna en Beg de vloedlijn rennend hebben bereikt. Het metalen kuipje tolt van links naar rechts, kapseist half maar komt weer overeind, als een speelgoedbal op de neus van een zeehond. Beg grijpt het ding bij de voorplecht, wordt meegesleurd, valt in het ijswater en kruipt kletsnat aan wal.

Na een half uur is het meer weer rimpelloos. Beg ligt met een beenwond in de ziekenboeg. Boot en buitenboordmotor (vol zand en water) zijn op het strand aangespoeld. De schade is beperkt tot twee dieseltankjes en een kratje bier, die overboord zijn geslagen. ,,Het water is anderhalve meter hoog tegen de oever geklotst', zegt Arbatov, nadat hij het peil heeft gemeten. ,,En dat bij zo'n kleine lawine. Ik schat dat er duizend kubieke meter rots in het water is gestort.'

Het eminente gevaar is dat de berg tegenover het geologenkamp – met een inhoud van een miljoen kuub – in zijn geheel het meer stort. De scheuren en breuklijnen zijn met het blote oog zichtbaar, en ze worden ieder jaar een paar handbreedten groter. Vandaar dat het observatiekamp Sarez, op een dag lopen van het eerstvolgende dorpje, het hele jaar door wordt bemand door mensen als Mardonna.

Hij is een van de waarnemers die bij toerbeurt drie maanden achtereen de wacht houden ('s winters soms alleen) en alle aardverschuivingen per radio doorgeeft naar de Tadzjiekse hoofdstad Doesjanbe. Zijn vrouw en drie kinderen wonen in een lemen huis onder de dam, en het cynische geval wil dat hij bij een doorbraak slechts in staat zal zijn om de president, maar niet zijn eigen gezin te waarschuwen.

,,Ze zouden toch geen tijd hebben om uit het dal te klimmen', zegt de 38-jarige Mardonna. De aanleg van een early warning system (een netwerk van sensoren dat overal in de vallei sirenes in werking moet stellen zodra de 70 meter hoge vloedgolf eraan komt), ziet hij dan ook als zinloos. Toch is dat wat de Verenigde Naties en de Wereldbank overwegen: een high tech installatie, in combinatie met een uitgewerkt evacuatieplan (kosten: 200 tot 300 miljoen dollar) voor een straatarme bevolking die al zes jaar overleeft op voedselhulp.

Het contrast tussen hulpverleners en hulpbehoevenden is schokkend. In een maand verdient Mardonna vijf dollar, het bedrag dat de Duitse geoloog Jörg Hanisch in een minuut verbelt als hij per satelliettelefoon een praatje maakt met zijn vrouw in Hannover. Als consultant moet hij de stabiliteit van de dam beoordelen, en nog deze maand een consortium van donoren – met de Wereldbank als meest kapitaalkrachtige – adviseren over de te nemen maatregelen.

De wetenschappers zijn extatisch: van alle door lawines ontstane meren is dit de grootste op aarde. Meestal storten ze na een paar jaar in, maar Sarez houdt het al negen decennia. Een unicum, en dus voelen de geologen zich uitgedaagd om De Schone Draak te temmen. Via afsluitbare afvoerbuizen, gekoppeld aan een vlottersysteem (als bij de spoelbak van een wc), zou het waterniveau beheersbaar worden. Andere vernuftigheden voorzien in het gecontroleerd opblazen van de dam, of de aanleg van kilometers lange sifons.

Maar hoe mooi ze op papier ook lijken, deze technische trucs zijn in de praktijk te duur. Er is niet eens een weg naar het Sarez-meer; jeeps kunnen alleen in de zomer het dorp Bartsjedijev bereiken, en dat ligt op 22 kilometer van de dam. Het is het dorp van de steenbokstropers Mardonna en Beg, een minuscule oase van groen met populieren en geirrigeerde tarweveldjes, waar geen zout, geen suiker en geen zeep is. Om nog maar te zwijgen over moderniteiten als elektrische stroom.

Mardonna is sceptisch over de plannen van de ingenieurs. ,,Hun werk is tevergeefs. Ik denk dat de Schepper van de dam hem op de dag ook weer wegneemt', zegt hij. ,,Net als destijds, door een aardbeving.' En aangezien de legende wil dat de bewoners van Oesoi en Sarez in 1911 door de goden gestraft zijn voor hun tekortschietende gastvrijheid, delen de bewoners van Bartsjedijev hun laatste wereldlijke bezit met hun gasten. Of ze daardoor nou gebrek zullen lijden of niet.

Schone Draak

In de inleiding van het artikel `Schone Draak' bedreigt het leven van miljoenen (in de krant van dinsdag 22 juni, pagina 1) staat dat zich achter de dam zeventien miljoen kubieke kilometer water bevindt. Dit had moeten zijn 17 kubieke kilometer water, zoals in het artikel stond.