Britse sculpturen op Lange Voorhout

Wanneer je het L-vormige Voorhout in Den Haag van de korte kant binnenloopt, krijg je het idee dat je enkele dagen te vroeg bent voor de beeldententoonstelling die hier plaats moet vinden. Vorig jaar was Den Haag Sculptuur nog een bonte parade van wereldberoemde sculpturen die je van verre tegemoetstraalden. De editie van 1999, een overzicht van naoorlogse Britse beeldhouwkunst, is kleinschaliger en ingetogener. De beelden verschuilen zich tussen het gebladerte van de bomenrijen, ze staan en liggen zonder sokkel uitgewaaierd over het asfalt en vallen nauwelijks op in de weidsheid van de statige Haagse laan.

Na het succes van vorig jaar, toen de sculpturen van onder meer Rodin, Maillol, Calder en Bourgeois meer dan een half miljoen bezoekers naar `de mooiste straat van Europa' trokken, besloot Stichting Het Voorhout van de Beeldende Kunst een vervolg te organiseren. Nadat de gemeente Den Haag in januari van dit jaar groen licht had gegeven, had de stichting nog precies vijf maanden om met een handjevol medewerkers haar ambitieuze project op poten te zetten, bruiklenen te regelen en de benodigde twee miljoen gulden bij sponsors te werven.

Het overzicht van Britse beeldhouwkunst na 1945 vertoont enkele grote hiaten. Gezien de korte aanlooptijd is dat wel begrijpelijk. Belangrijke namen als Barry Flanagan, Richard Long en, meer recentelijk, Rachel Whiteread ontbreken, wellicht mede vanwege de kwetsbaarheid van hun werk. Daar staat tegenover dat grootheden als Anthony Caro, Lynn Chadwick en Barbara Hepworth wel met monumentale werken vertegenwoordigd zijn.

Wie spektakel wil zien, kan zich beter wenden tot die andere grote zomerse beeldententoonstelling, Panorama 2000 in Utrecht. Den Haag Sculptuur 99 is een keurige, laagdrempelige expositie met een dertigtal voornamelijk bronzen beelden, waartussen je op een zonnige dag heerlijk kunt flaneren en die `s avonds verlicht worden tot een sprookjesachtig decor. Voor experimentele beeldhouwkunst, zoals het voorstel van Andy Goldsworthy om een metersgrote ijsbal langzaam te laten smelten, is in dit beeldenpark geen plaats. De meest gewaagde bijdrage is Anish Kapoors roestvrijstalen schotel die de omgeving op een haast hallucinerende wijze op zijn kop reflecteert en die, als de zon erin weerkaatst de toeschouwer verblindt of lucifers spontaan doet ontbranden.

De spil van de tentoonstelling vormt de vijf meter hoge sculptuur Interior Form uit 1953/54 van Henry Moore. Het is een a-typische Moore, een lange slanke vorm die zich als een rookpluim kronkelend naar de hemel richt en boven alle andere werken uittorent. Met recht is dit werk in het middelpunt van de beeldengalerij geplaatst. Moore is immers de onbetwiste nestor van de Britse beeldhouwkunst. Vóór hem kende Engeland nauwelijks een beeldhouwkunstige traditie, na hem raakten vele generaties van beeldhouwers geïnspireerd door brons, staal of klei.

Vanuit deze pièce de resistance zijn in twee richtingen chronologische routes te volgen, met de grazende schapen van Julian Opie en de dansende hazen van Sophie Ryder aan het ene uiteinde en de speciaal voor de tentoonstelling gemaakte, uit duizenden kleerhangers opgebouwde bustes van David Mach aan de andere kant. Deze jongste telgen in de Britse beeldhouwgeschiedenis tonen een voorkeur voor toegankelijke, herkenbare en vriendelijk ogende beelden en lijken daarmee te breken met de conceptuele en abstracte beeldtaal van hun voorgangers.

Het mooiste werk van Den Haag Sculptuur is niet op het Voorhout te zien, maar op de vierde verdieping van het kunstcentrum Stroom. Daar heeft Antony Gormly over het gehele vloeroppervlak een overweldigend leger van twintigduizend terracotta beeldjes gerangschikt tot een ondoordringbaar woud. De figuurtjes, die net tot je enkels reiken en allemaal met de hand zijn gemaakt, staan op elkaar gedrukt als bij een groot popfestival of een massale demonstratie. Het beeld strekt zich als een wuivend korenveld aan je voeten uit, met lichte en donkere vlekken die als schaduwen van wolken over de vele hoofden lijken te bewegen. Je kunt er niet, zoals bij de sculpturen op het Lange Voorhout, omheenlopen of aanzitten. Het enige dat je hier als toeschouwer kunt doen is ademloos toekijken.

Tentoonstellingen: Den Haag Sculptuur 1999. Lange Voorhout, Den Haag. T/m 14 september. Internet: www.denhaag-sculptuur.org. `Field van Antony Gormley t/m 11 september in Stroom, Spui 193-195, Den Haag. Di t/m za 12-17u.