Tien arrestaties na aanslag in Omagh

In Noord-Ierland en Ierland zijn het afgelopen weekeinde in totaal tien mensen gearresteerd in verband met de bomaanslag in Omagh, waar in augustus vorig jaar 29 doden vielen.

De arrestaties komen temidden van hernieuwde pogingen om een doorbraak te forceren in de vastgelopen slotfase van het Goede Vrijdag-akkoord. De Britse premier Blair en zijn Ierse collega Ahern zullen vermoedelijk later deze week in Belfast onderhandelingen voeren met nationalisten en unionisten. Inzet is het begin van ontwapening door het verboden Ierse Republikeinse Leger (IRA), alvorens de nieuwe Noord-Ierse `regering' haar werk kan beginnen.

De Britse minister voor Noord-Ierland, Mo Mowlam, zei gisteren dat ontwapening ,,het natuurlijk gevolg'' is, zodra de regering maar eenmaal haar werk begint. Premier Blair liet zich echter zeer pessimistisch uit over de kans van slagen.

Zo heeft aankomend premier David Trimble nauwelijks manoeuvreerruimte meer voor concessies. Vrijdag verbood het bestuur van zijn partij, de protestantse UUP, hem zitting te nemen in de regering als de IRA geen begin maakt met een ,,geloofwaardig en verifieerbaar ontwapeningsproces'', dat leidt tot algehele ontwapening in mei 2000, de einddatum voor ontwapening die het Goede Vrijdag-akkoord noemt. Sinn Féin, de politieke tak van de IRA, zegt dat ontwapening geen voorwaarde is voor het zelfbestuur.

De Britse regering heeft 30 juni als ultimatum gesteld voor een regeling, een paar dagen voor het zomerseizoen van protestantse marsen in Noord-Ierland begint. Enkele daarvan kunnen tot grote ongeregeldheden leiden. In Drumcree wordt nog steeds onderhandeld over een formule die de protestantse Orangisten hun vorig jaar verboden mars gunt, maar zonder confrontaties met de katholieke wijk waar de jaarlijkse mars doorheen trekt. Als voor 30 juni geen akkoord wordt bereikt, moet de overdracht van politieke bevoegdheden zeker drie maanden worden gestaakt.